Groene glazenmaker

Ja, het is lachwekkend, dat gedoe om beestjes en plantjes te beschermen. Maar als we niets doen zitten we straks opgescheept met louter grauwe ganzen.

Tijdens het opruimen stuit ik op een oud persbericht. Het betreft een uitnodiging voor het minisymposium ‘groene glazenmaker’. De groene glazenmaker, dat is een bedreigde libellensoort.

Het programma van de dag, aldus de tekst:
10.15 Symbolische afsluiting van het beschermingsplan door de heer Krol, gedeputeerde provincie Utrecht.

10.20 Filmbeelden van het leven van een groene glazenmaker met toelichting door de heer Kievit van de provincie Utrecht.

10.30 ‘Zonder krabbenscheer geen groene glazenmakers’, door de heer De Vries van De Vlinderstichting.

11.00 Koffiepauze.

11.15 ‘De griene glêzebiter in Fryslân’, door de heer De Boer van Bureau FaunaX.

12.00 ‘Wat is de rol van een waterschap bij de groene glazenmaker?’ door de heer Twisk van het Hoogheemraadschap…

Heel hard om gelachen, vorig jaar juli. Vermoedelijk had ik het bericht daarom bewaard.

Nu, bij herlezing, moet ik hooguit wat gniffelen. Ja, ik weet het, dat getut van die mensen met die beestjes en die plantjes die alleen zij kennen, het is best lachwekkend. En, inderdaad, het gaat ver, al die dure bescherming voor die onbekende soorten die, als het aan henzelf lag, rustig zouden uitsterven. Dat is normale dynamiek: er komen soorten bij en er gaan soorten af; op de Holterberg houden de laatste Nederlandse korhoenders het bijna voor gezien, intussen trekken Franse cetti’s zangers vrolijk de Biesbosch binnen.

Let it be, laissez faire, laat de natuur gewoon zijn gang gaan, dat scheelt een hoop gedoe, en geld bovendien.

Maar zo werkt het niet. Want intussen gaan bouwers, boeren en burgers ook hun gang. Geef ze de vrije hand en weg zijn de bloemrijke akkers, het kruidige grasland, de vlinders en de libellen. Voor je het weet is het gezang van de veldleeuwerik herinnering. En zitten we opgescheept met louter grauwe ganzen.

Ik moet me dus toch maar gelukkig prijzen met het bestaan van ‘habitatrichtlijnen’, flora en faunawetten, biodiversiteitsverdragen en honderden beschermingsplannen voor evenzovele Rode Lijstsoorten.

En beseffen dat de groene glazenmaker niet op zichzelf staat, dat ie in zijn voortbestaan exclusief afhankelijk is van krabbenscheer, de waterplantjes waarop ie zijn eitjes legt. En dat krabbenscheer op haar beurt alleen floreert in schone, niet te voedselrijke sloten en moerassen in laagveengebied.

Daar komt de heer Twisk om de hoek kijken; hij en zijn waterschap kunnen een rol van betekenis spelen.

De heren Twisk, De Vries, De Boer en Kievit, ze hebben namen die passen bij het op de bres staan voor krabbenscheer en groene glazenmaker (griene glêzebiter).

Het klinkt, al met al, heel geruststellend.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden