Groeiende vraag naar beroepstrots

Volgens de Griekse filosoof Aristoteles is trots een deugd. Een trots iemand doet grootse dingen, verricht zaken van belang en verdient het om op waarde geschat te worden, door hemzelf en door anderen....

Wie voor zijn uitstekende prestaties geen erkenning vraagt, is te nederig; wie zichzelf ten onrechte grootse prestaties toedicht, is verwaand.

Deze passage komt uit het net verschenen boek Beroepstrots van Thijs Jansen, Gabriël van den Brink en Jos Kole. Het boek behandelt de wederopstanding van de nationale trots, een door de linkse elite lang verafschuwd begrip, dat door de Fortuynisten weer openlijk is uitgevent. Het bestaan van een RTL-programma als Ik hou van Holland geeft aan wat sindsdien met het begrip trots is gebeurd.

Jansen & co constateren een groeiend zelfbewustzijn bij werkenden in de (semi)publieke sector, waar men weer wil opkomen voor de kwaliteit van het werk, voor beroepsidealen en beroepsethiek. Socioloog Richard Sennett, auteur van De ambachtsman en ook aanwezig met een interview in het boek, stelt dat ‘trots zijn op je werk de kern is van vakmanschap, en de beloning van vaardigheid en toewijding’.

Behalve aan nationale trots, hebben mensen in turbulente tijden ook behoefte aan ‘beroepstrots’, menen de auteurs. De gemotiveerde professional is de pijler van een nieuwe maatschappelijke ordening. Als voorbeeld van zo’n ‘maatschappelijke pijler’ wordt Wim van de Merwe, docent metaaltechniek op een vmbo, opgevoerd in het boek. Waarop is hij het meest trots?

‘Dat ik elk jaar weer uit een leerling iets haal van wie anderen denken: dat redt die jongen niet. Ik probeer altijd op een zodanige manier met een leerling om te gaan dat hij zichzelf overtuigt dat er meer in hem zit dan hij zelf denkt. Als ik dat naar boven krijg, ben ik tevreden.’

Van de Merwe is blij met het in 2004 ingevoerde Technasium. Toch blijft de vmbo-docent bezorgd over de verschraling van de praktijkervaring en -kennis. ‘Een docent metaaltechniek in opleiding wist niet hoe hij een lasapparaat moest aanzetten, en dit ten overstaan van 12- en 13-jarigen!’

De nood zien en erover klagen, is niet genoeg. Beter onderwijs voor alle partijen, dat wil iedereen. Hoog tijd, aldus de auteurs, om ‘actief in te spelen op de beweging van de beroepstrots’.

Mirjam Schöttelndreier

Reageren?Opvoeding@HartenZiel.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden