'Grit' bepaalt of je succesvol wordt, maar wat is het eigenlijk?

Vergeet intelligentie: passie en doorzettingvermogen bepalen je succes. Grit, heet dat. En Angela Duckworth weet er alles van.

Beeld Illustratie Jeroen de Leijer

Wow, die Mattie Ross. De hoofdpersoon uit Charles Portis' boek True Grit is pas 14, maar ze heeft er wat voor over om de dood van haar vader te wreken. Mattie is er zo eentje die haar vaders pistool pakt en een pony (het is een western) en het gevaarlijke indianengebied intrekt. Zo eentje die zich geen nee laat verkopen, haar erfenis met hand en tand verdedigt en de baddest, meanest marshal strikt om haar daarbij te helpen. Ze springt gewoon met paard en al de rivier in als hij probeert haar achter te laten: zíj wil de vuigerd die 'pa' doodschoot, terechtstellen. In de verfilming door Ethan en Joel Coen (True Grit, 2010) zie je Mattie in haar vaders grote jas, het haar in twee lange vlechten gebonden. Ze trotseert kou en vermoeidheid, slikt het gruwelijke beeld van opgehangen mannen dapper weg, behoudt haar cool als ze oog in oog staat met haar vaders moordenaar - en dan is er ook nog iets heftigs met een slang. Mattie geeft nooit op. Ze vroeg de marshal haar te helpen omdat hij 'ware grit' zou hebben, maar die titel slaat natuurlijk vooral op haar.

Het is zo'n romantisch woord, grit. Wie grit heeft is stoer, zelfverzekerd en heeft doorzettingsvermogen. Grind, betekent het letterlijk, of kiezelsteentjes. Een versie van het woord bestond al in het Oudengels, 'grytte', en wordt beschreven als een combinatie van 'standvastigheid, moed en vastberadenheid', waardoor iemand altijd succes heeft bij alles wat hij doet.

Kijk, zo kom je ergens.

Het mooie is: je kunt jezelf grit aanleren, als je wilt. Dat meent althans Angela Duckworth, hoogleraar in de psychologie aan de universiteit van Pennsylvania. In oktober verschijnt de Nederlandse vertaling van haar boek Grit: The Power of Passion and Perseverance (vertaald als: 'De kracht van passie en doorzettingsvermogen'), dat in de VS een populair-wetenschappelijke hit is. In haar al negen miljoen keer bekeken TED-talk vertelt Duckworth hoe ze als wiskundedocente op een openbare school ontdekte dat intelligentie niet per se bepalend was voor het verschil tussen haar beste en slechtste leerlingen. Sommige van haar beste leerlingen hadden helemaal niet zo'n hoog IQ, en sommige van haar slimste leerlingen deden het helemaal niet zo goed. Hun succes lag vooral besloten in hun bereidheid hard en lang te werken. In hoeveel grit ze hadden.

Voorspellen

Hetzelfde bleek te gelden voor militaire cadetten, finalisten van spellingswedstrijden, leraren in achterstandswijken en salesmensen. Die onderzocht Duckworth nadat ze ontslag had genomen als leraar om te promoveren in de psychologie. 'In al die contexten bleek er één kenmerk dat succes kon voorspellen', oreert Duckworth in haar TED-arena. 'Niet sociale intelligentie, een goed uiterlijk, je gezondheid of IQ. Maar grit.'

Beeld Illustratie Jeroen de Leijer

Werkethiek

Grit heb je niet, grit ontwikkel je. Je moet er wel wat voor over hebben. In Duckworths boek komen veel zinnen voor in de trant van 'ze was haar eigen strengste criticus', 'hij was tevreden met ontevreden zijn' en 'hun passie was niet-aflatend'. Mensen met grit hebben een eye on the prize-mentaliteit en houden die vol dankzij een sterke drijfveer: passie. Een wat fout woord, maar Duckworth is niet bang het te gebruiken. Want passie maakt een mens gritty, en een hoger doel zet aan tot volhouden. Klinkt op zich logisch: Als Mattie niet zulke heftige gevoelens had over de dood van haar vader, zou ze vast niet aan haar beproeving zijn begonnen.

Duckworth voert enorm veel voorbeelden op en allemaal zijn ze even gepassioneerd. Van pottenbakkers en dyslectische schrijvers tot acteur Will Smith, die zegt zichzelf niet bijzonder getalenteerd te vinden: 'Waar ik in uitblink, is een belachelijk, ziekmakend arbeidsethos. Je bent misschien getalenteerder dan ik, slimmer dan ik of sexyer dan ik. Maar als we in een tredmolen staan, kunnen er twee dingen gebeuren: jij gaat er als eerste uit of ik loop mezelf dood.'

Om erachter te komen hoe gritty je zelf bent - immers, nu weet je hoe belangrijk het is voor je levenssucces - heeft Duckworth de grit-schaal ontwikkeld. Je bepaalt waar je ongeveer op die gritschaal zit via een tiental beweringen: 'Ik ben een harde werker'. 'Ik maak af waar ik aan begin'. 'Ik geef nooit op'. Bij ieder statement dat op jouw karakter slaat, krijg je punten. Het gemiddelde daarvan is jouw grit score, een getal tussen de 1 (totaal geen grit) en 5 (Mattie Ross).

Wie erg on-gritty blijkt, hoeft niet te wanhopen, want het valt dus aan te leren. Dat begint met uitvogelen waarin je echt bent geïnteresseerd en dat moet je dan uitbouwen tot iets waarin je heel gedreven wordt. Duckworth gelooft sterk in het 'tienduizend uur om ergens goed in te worden'-verhaal van besluitvormingsgoeroe en bestsellerauteur - Het beslissende moment, Uitblinkers - Malcolm Gladwell.

Vanzelfsprekend is Duckworth zelf ook een toonbeeld van grit. Ze zette op jonge leeftijd een zomerschool op voor kinderen uit arme gezinnen, werkte als consultant bij het veeleisende McKinsey en gaf die topbaan op toen ze 27 was, om les te gaan geven op openbare scholen. Want ze wilde kinderen helpen het beste uit zichzelf te halen. En toen ze daar haar slimmere-kinderen-doen-het-niet-altijd-beter-ontdekking deed, sloeg ze, hup, meteen aan het promoveren in de psychologie. Want haar hogere doel, haar passie, herhaalt ze als mantra door het hele boek alsof ze bang is het te vergeten: kinderen helpen beter te presteren.

Dat haar vader, een Chinese migrant die streng was voor zijn kinderen, haar altijd inwreef dat ze bepaald geen genie was, ziet ze in retrospectief als compliment.

Beeld Illustratie Jeroen de Leijer

Grit-evangelie

Nu is Duckworth niet alleen een goedverkopende auteur, maar ook een invloedrijke. Haar grit-evangelie wint rap aan populariteit bij beleidsmakers en schooldirecteuren in de VS. Openbare scholen passen hun lesprogramma's aan om leerlingen grit aan te leren, en in sommige gevallen ze er zelfs op te beoordelen. Grit wordt een beetje gezien als de nieuwe hoop voor achterstandskinderen, een heldere oplossing voor een ingewikkeld probleem.

Het goede nieuws daaraan is dat is dat talent en IQ opeens een stuk minder boeiend zijn. Nietzsche bekritiseerde al 'de cult van het genie', de verheerlijking van het aangeboren talent. Door een ander als genie te bestempelen, vond hij, worden mensen ervan vrijgesteld met hem te wedijveren. Duckworth haalt Nietzsche aan om te zeggen: de hedendaagse nadruk op IQ en talent biedt een makkelijk excuus om lui te zijn. Ze wijst erop dat een grote geest als Charles Darwin evenmin overdreven intelligent was. 'Ik heb niet de snelheid van begrip die zo kenmerkend is voor sommige slimme mensen', schreef Darwin in zijn autobiografie. 'Mijn vermogen om een lange abstracte gedachtengang te volgen, is beperkt.' Duckworths punt, opnieuw: slim is niet alles, met gedrevenheid en hard werken - 'passie en doorzettingsvermogen' - kun je veel bereiken.

Wat ze tevens lijkt te zeggen is: je moet gewoon maar wat harder werken in het leven.

(Tekst gaat verder onder foto).

Beeld Illustratie Jeroen de Leijer

Tirannieke opvoeding

Duckworth heeft haar gezin met twee dochters een regel opgelegd die ze de 'Hard Thing Rule' noemt. De regel houdt in dat alle gezinsleden zich moeten bekwamen in iets wat ze moeilijk vinden, en ze mogen er pas na twee jaar mee stoppen. Volgens Duckworth zijn haar dochters dankbaar dat ze de kans krijgen grit te ontwikkelen. Ze doet daarmee denken aan de licht-tirannieke opvoedmethoden van 'tijgermoeder' Amy Chua: het is nogal wat om vol te houden.

Terwijl Duckworth afrekent met de cult van het genie, zet ze daar onmiddellijk de cult van het grit voor in de plaats.

Dat past uitstekend bij de hedendaagse verheerlijking van het 'je kapot werken', zoals te zien in reclames rond de Olympische Spelen, waarin topsporters huilend van uitputting met hun moeder aan de telefoon hangen (22 miljoen keer bekeken), tot aan de dramaserie Suits, waarin iedereen én hypergetalenteerd is én alles opoffert voor zijn baan. We vinden het prachtig: pushen en pushen tot bovenmenselijke prestaties en druk-druk-druk als grondhouding - al waarschuwen psychologen als Tony Crabbe dat de tegenwoordige mens in een staat van drukte verkeert die slecht is voor zijn gezondheid, geluk en carrière. In Silicon Valley, zo was afgelopen maand nog te lezen in technologieblad Wired, is het een trend om microdoses psychedelica te nuttigen om beter te presteren op het werk.

Duckworths idee van grit mag mooi meritocratisch klinken, critici vrezen dat zo'n levensinstelling snel leidt tot afmatting. En tot oogkleppen: fijn dat je zo goed bent in de moeilijke woorden spellen, maar wat voegt het toe aan de maatschappij? En krijg je hier nu de leukste mensen van? In 2014 schreef voormalig Yale-professor William Deresiewicz al over studenten van Ivy League-universiteiten als 'excellente schapen'. Je moet uitzonderlijk zijn om aan zo'n Amerikaanse topuniversiteit te mogen studeren, maar het is volgens Deresiewicz een zeer beperkt soort excellentie. Deze studenten weten de juiste stappen te zetten en zijn volhouders, maar dat alles staat in dienst van henzelf, hun eigen hogere doel. Het resultaat is een egocentrische menssoort 'zonder ook maar een neiging de wereld beter te maken.'

Cultuurcriticus David Denby wijst in The New Yorker op de lijst eigenschappen die Duckworth en haar mede-onderzoekers samenstelden om kinderen op hun karakter te kunnen beoordelen: naast grit was dat ook zelfbeheersing, geestdrift, optimisme, sociale intelligentie, dankbaarheid en nieuwsgierigheid. Een beetje een rare opsomming, vindt Denby. 'Er staat niets over eerlijkheid of moed, niets over integriteit, vriendelijkheid en verantwoordelijkheid voor anderen.' Oftewel: de lijst is gespeend van ethiek of moraal. 'Duckworth lijkt kinderen louter voor te bereiden op persoonlijk succes: het goed doen op school en universiteit, een baan vinden, en dan liefst in het bedrijfsleven waar dit soort eigenschappen worden gewaardeerd door managers.'

Veertigers die zich nog nergens aan hebben gecommitteerd, weten niet wat ze missen, beweert Duckworth. Maar de door haar beschreven 'passie' lijkt vooral te dienen als een soort excuus voor je bestaan. En wat betekent de grit-trend voor mensen die hun passie niet zo makkelijk vinden, of voor wie volhouden nu eenmaal erg moeilijk is? Tegenover de toonbeelden van grit staan de nieuwe achterblijvers. In een tijd van banenschaarste bijvoorbeeld, is het volgens de grit-filosofie je eigen schuld als je geen werk vindt. Je faalt nu niet meer omdat je niet slim genoeg bent, maar omdat je onvoldoende grit toont.

Beeld Illustratie Jeroen de Leijer

Bikkelhard

In het New Yorker-artikel vergelijkt Denby Grit met het ook onlangs verschenen boek Helping Children Succeed van journalist Paul Tough. Hij onderzoekt al jaren het verband tussen armoede en de ontwikkeling van kinderen, en moet helaas constateren dat kinderen uit arme gezinnen een grote achterstand hebben vergeleken met die uit rijke gezinnen. Omdat ze hun jeugd veelal doorbrengen in een stressvolle, onrustige en onzekere situatie zijn arme kinderen vaak al op zeer jonge leeftijd beschadigd. Ze maken een grote hoeveelheid aan van het stresshormoon cortisol, dat een negatief effect heeft op hun gedrag en hun immuunsysteem. En in sommige gevallen ook op de ontwikkeling van de prefrontale cortex, waar nu juist vaardigheden als veerkracht en doorzettingsvermogen worden ontwikkeld - onmisbare karaktertrekken voor grit. Het is dus oneerlijk deze kinderen af te rekenen op grit, of het gebrek daaraan. In Denby's woorden: dat maakt Duckworths werk onbedoeld bikkelhard.

Voor mensen met de juiste aanleg kan grit net dat duwtje geven om wél te doen wat je wilt of af te maken waaraan je was begonnen. Maar een al te grote focus op grit sluit, net als het blindstaren op intelligentie, veel mensen buiten. En wie wel grit heeft, pas op: je doet nooit genoeg je best.

'Ik weet zeker dat de meesten van ons beter af zijn met méér grit, niet minder', zegt Duckworth. De ruim driehonderd pagina's van haar boek zoemen van enthousiasme. Maar luister nog eens haar eigen TED-bijdrage en de grenzen van grit worden snel duidelijk. 'Grit is vasthouden aan je toekomst', zegt ze. 'Niet een week, niet een maand, maar jarenlang. Grit is het leven leiden alsof het marathon is, geen sprint.'

Het leven als een marathon, je moet het maar willen.

En kunnen.

Beeld Illustratie Jeroen de Leijer
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden