Grenzenmens

Voor de VPRO trok Tommy Wieringa langs Neerlands randgebieden - en hij kwam, zo kennen we hem weer, terug met een tas vol fraaie verhalen. V ging met hem mee naar het schemergebied tussen Duitsland en Drenthe.

Nederland is leeg aan de grenzen, zegt Tommy Wieringa. 'Wanneer je 's nachts over Zeeuws-Vlaanderen vliegt, is het donker als het Amazone-regenwoud.'


'Ben je er 's nachts overheen gevlogen?' Met zijn rechterhand stelt hij de tomtom in, met de linker ontwijkt hij een oplegger van Bolletje. 'Eh... neuh, dat niet.' Daarna is het rustig op de A28. De ster op de motorkap zwenkt noordoostwaarts; die hadden ze vlak voor de opnamen van zijn televisieprogramma De Grens van de grille gestolen. Voor de tweede tot en met de zesde aflevering reed hij de landsgrenzen van respectievelijk Zeeland, Brabant, Gelderland, Limburg en Groningen af, de eerste gaat over Drenthe. Daar gaan we vandaag naar terug. Maar jammer blijft hij het vinden, dat je op televisie steeds een ontsterde Mercedes ziet. 'Die speelt een prominente rol in de serie.'


Bij Marinus, een garagehouder die door Tommy de autofilosoof wordt genoemd, heeft hij vorige week een nieuwe ster gehaald. 'Marinus verdeelt de wereld in stropers en jachtopzieners.' Het is een Weltanschauung die Tommy deelt. Hij schreef er ook over: 'De jachtopzieners, dat zijn de ambtenaren van Verkeer en Waterstaat, dat is een minister die niks van auto's weet, dat zijn de controleurs van de Rijksdienst voor het Wegverkeer. Marinus V. kent de regels, hij weet wanneer hij ze kan negeren en wanneer hij ze moet gebruiken, hij is een slimme stroper.' Niet alleen stropers en jachtopzieners zien we terug in De Grens. Ook smokkelaars, douaniers (Tommy's opa was er een), vissers, soldaten, kampers en boeren - veelal met een eigen moraal, een eigen geschiedenis en niet zelden gewikkeld in een persoonlijke, soms aangrijpende strijd. En vaak, zegt Tommy, gaat het over de grond.


Een paar jaar geleden had hij een groep studenten in Berlijn. Hij had een idee. Tommy: 'Wie ben je? Waar kom je vandaan? Toen ze het door hadden, gingen ze brieven schrijven. Het leverde prachtige verhalen op. Er was een meisje uit Vlaanderen, Myrthe. Ze kwam uit Lillo, niet ver van de grens. Haar grootvader stuurde haar een brief terug; als je in het dak van de tunnel bij Antwerpen een gat zou boren, schreef hij, had je op zijn erf gestaan.'


Een soortgelijk verhaal komt voor in de aflevering over de Zeeuws-Vlaamse grens. Tommy: 'De pijn van die mensen, zes of zeven dorpjes zijn weggebulldozerd. De opa van Myrthe vertelde van de appelbomen, en hoe hij zich voorgesteld had dat hij de vruchten zou plukken - nu is hij dood, ze was blij dat ze die vraag gesteld had.'


In Geesteren is de boerderij van zijn vader afgebroken. 'Daar hebben ze zo'n nieuw Saksisch ding neergezet. Als ik er langs rijd, wend ik mijn blik af. De grond is van het grootste belang. De grond waarop je loopt, de bomen waarin je hutten bouwt en naar de toekomst kijkt.' Hij zat op de vrije school in Zutphen en is nog lid van de rugbyclub in Dwingeloo. 'Mijn vrouw weet niet of Dwingeloo in Overijssel, Drenthe of Groningen ligt. Wie in de Randstad woont, heeft er geen idee van hoe de plaatsen zich tot elkaar verhouden. Ik had een ov-jaarkaart, ik legde honderden kilometers per dag af. Geesteren, Zwolle, Zutphen.' Een armgebaar: 'Dit was mijn jachtterrein.'


De serie was een initiatief van productiemaatschappij De Familie van Michiel van Erp en Tommy had na Dit zijn de namen geen trek om meteen een nieuw boek te schrijven. 'Toen heb ik maar ja gezegd.'


'Had je een redactie?' Hij knikt. 'En nog was ik een half jaar kwijt.' Verbaasd: 'Voor 2,5 uur tv. Ik kan me voorstellen dat het medium schrijverscarrières verwoest.' Het was ook wonderlijk om de grenzen te berijden, zo veel. Hoeveel dialecten hij niet heeft gehoord: 'Opeens heb ik het gevoel dat ik in een heel groot land woon.' Hij wijst. 'En daar gaat een ooievaar. In Marrakech zie je er weleens honderden op de thermiek zweven.'


De motor snort, om hem heen is het een niet onprettige klerezooi. Cd's, as, kruimels, kinderzitje, doosje mints, zakje met oude boterham, iemand blijkt een proefschrift over de Nederlandse grenzen te hebben geschreven. En dan nog een hoop ondefinieerbaars - hij geeft de filmploeg de schuld. 'Die flikkerde alles op de grond.' Op de voorruit getuigen backstagepassen van optredens op festivals, achterin ligt een stapeltje boeken om uit voor te lezen. Beduimelde papiertjes steken tussen de bladzijden.


Hij is vaak op pad, ja. 'Gisteren was ik in Brabant, eergisteren in Overijssel, vandaag alweer de hele dag in de auto: heerlijk.' Het bekertje koffie is naast de stoel geklemd, broodje binnen handbereik, de telefoon op handsfree. 'Hé Tommy. Pé hier.' Pé rijdt langs Schiphol op weg naar een begrafenis. 'Ik zie opeens je knar vijf bij vijf boven me hangen. De VPRO pakt wel uit.'


'Goeie reis nog, Pé.'


'Groter dan dit wordt het niet, Tommy.'


Zwarteberg ligt aan de bovenkant van de grens die de filmploeg in Drenthe is afgereisd. Hij rijdt door, er staat een verkeersbord 'Duitsland 1 kilometer', dan een bord 'Deutschland', de rook waait direct van de schoorsteenpijpen. Tommy: 'Je ziet het meteen. Dat huis kan in Nederland niet gebouwd zijn.' In de berm staat een onopvallend bord met Kriegsgräberstätte, oorlogskerkhof.


Hier is het verhaal van Bé Reuvers opgenomen. Omdat Reuvers met paard en wagen werkte, was hij door de burgemeester aangewezen om de lijken van de Russische krijgsgevangenen op te ruimen die in de Tweede Wereldoorlog rond de vijftien Duitse Emslandlager het veen afgroeven. 16 was hij toen. Waar de barakken stonden, staan nu boerenschuren. Tommy laat zien waar de mitrailleur was opgesteld - vanaf een heuveltje werd iedereen die te zwak was om te werken neergeschoten.


Het kerkhof is klein, in sommige van het handjevol grafstenen zijn willekeurige Russische namen gebeiteld, op andere staat Unbekannte Ausländische Kriegstote. Ook met Reuvers had hij over de velden staan kijken. De officiële cijfers spreken van vierduizend doden, maar de oude man schudde het hoofd: 'Je kent de Duitsers toch?' Naar eigen zeggen heeft hij er 'elke dag driehonderd tot vierhonderd weggebracht'. Hij wees over het land. 'Er liggen zeker honderdduizend mannen. Overal waar je graaft, vind je ze.'


Tommy: 'Dus die boer ploegt menselijk materiaal naar boven. Weet hij dat?'


Reuvers leunde op zijn stok. 'Natuurlijk weet hij dat. Maar vraag het 'm niet, want hij zegt dat hij er niets van weet. Dat is de houding van de meeste mensen.' Er verdwijnen steeds meer grafstenen, heeft Reuvers gemerkt. 'Het zicht op de misdaad wordt ons langzaam ontnomen.' Ook het bordje waarop de vierduizend doden vermeld stonden, is weg. Dat was er nog tijdens de opnamen.


Harde stoppels prikken door de dunne korst sneeuw, een gemene wind waait uit het oosten. Tommy huivert in zijn lange jas. 'Der Tod is ein Meister aus Deutschland.' In een van de berken heeft Reuvers een M gekerfd, van Michael, ter nagedachtenis aan de Russische tolk met wie hij bevriend was. Tommy: 'Toen de Canadezen kwamen, ging het sterven gewoon door. In '45 heeft Bé's vader hem weggehaald. Daarna is hij gaan varen, heeft hij een volstrekt losgeslagen leven geleid en is uiteindelijk met zijn huidige vrouw getrouwd. 'Ik heb dingen gezien en gedaan...', zegt hij. Maar dat is nu over. Het liefst zou hij een tentje neerzetten en hier bij zijn jongens gaan slapen, maar dat mag niet van zijn vrouw. 'Je vergeet het nooit', zei Reuvers. 'Zo oud kun je niet worden.'


Er staat een beeld van een naakte kozakkenjongen op een steigerend paard, daar heeft Bé voor geijverd. De jongen stelt Michael voor. Elke keer als Reuvers de begraafplaats bezoekt, zegt hij hem gedag, en klopt het bronzen paard op de flanken.


Of we nog een kerkhofje willen zien, wil Tommy weten. 'Eh... Nou... We moeten ook aan de lezers denken...'


'Oké, dan niet.' Ook dat kerkhof heeft een hoeder en ook met hem heeft Tommy gesproken. Er liggen veenarbeiders, Duitse kolonisten en hun nazaten. Wessels, Schulting, Hartman - 'De grond was er zo nat, dat ze de lijken met stokken naar beneden moesten duwen.'


Een kwartier later parkeert hij de auto met twee wielen in Duitsland en twee in Nederland. Eindeloze velden alweer, een zwart-witte paal markeert de grens: EPM, Episcopaat Mundi. Tommy: 'Later is daar Hannover onder gezet. We kwamen hier, toen was er een en al actie. Daar waren ze aan het lassen, daar schoten mannen het bos in, ik dacht even dat het een homo-ontmoetingsplaats was.' Na een korte stilte: 'En nu is er niets.'


De mannen die het Duitse bos in renden, bleken er in een hutje een radiopiraat op na te houden, Scania Radio met Anja: 'Over de grens is de controle net even minder.' De tap stond onder stroom, een van de mannen kreeg een schok. Ongeaard. Een ruw volkje volgens Tommy, de veen-Drenten. In vergelijking met de zand-Drenten staan ze naar verluidt wantrouwiger tegenover het gezag, hebben ze lossere handjes en een grotere dorst. De hut is leeg, de zendmast neergelaten. Met de boer op wiens erf we staan, Johan Over, kijken we langs de kaarsrechte grens naar Nieuw-Schoonebeek, 'de rechte streep op de weerkaart van Erwin Krol'. Tot de stroom kolonisten uit het Emsland in de 19de eeuw op gang kwam, was het terrein dusdanig onbegaanbaar dat er geen behoefte aan een grens bestond, daarna hebben ze hem langs een liniaal getrokken.


In de keuken schenkt Johans vrouw thee in, samen met Tommy bekijken ze opnamen op de laptop. 'O, wat leuk. Hier zijn jullie met de vijzel bezig.' Johan zegt het op prijs gesteld te hebben dat Tommy zich niet op de voorgrond drong. 'Op dat soort mensen zitten we niet te wachten.' Wel had hij liever van tevoren een vragenlijst gekregen, dan had hij zich een beetje kunnen voorbereiden. Bij het afscheid laat hij zijn blik goedkeurend over de auto glijden. 'De types hierna zijn veel minder.' De mannen zwijgen. 'Te veel elektronica', verduidelijkt Johan nog. Hij steekt een brede hand omhoog. De hond loopt al terug naar de voordeur, een dikke poes draait rond zijn broekspijpen.


Als Tommy de afgelopen maanden iets duidelijk is geworden, denkt hij, is het dat de menselijke geschiedenis er een is van schaarste en ploeteren. 'Van het leven hier op het veen tot dat op Zeeuwse klei. Behalve misschien dat van de grote graanboeren in Groningen. Maar daar zaten de arbeiders in de winter stenen te kloppen.'


Vanochtend had hij verteld dat hij graag nog eens het leven van de rijken zou onderzoeken. Hij zag een Rolls-Royce op de stoep voor een feestzaal in Leipzig. 'De gordijntjes kierden een beetje, je kon net naar binnen kijken.' Crèmekleurige lederen bekleding, een fles op een notenhouten tafeltje. 'Binnen werd gefluisterd: 'Die is van Joop!' Niemand zag hem, maar Joop! was er, van de parfum. Er is iets ijls aan zo'n leven, als in een luchtballon. Die mensen lijken iets boven de wereld te zweven. Als ik zelf in het Amstel of een soortgelijk hotel slaap, wat weleens gebeurt, voel ik me een inbreker die zijn avond heeft.'


Er is dat verhaal dat hij ter gelegenheid van de Italiaanse vertaling van Joe Speedboot in het Gran Duca di York in Milaan half slapend en naakt de gang opliep. De klik van de deur bracht hem bij zijn positieven. Gewikkeld in een in de kelder gevonden sliert vuilniszakken meldde hij zich bij de receptie voor een nieuwe sleutel. Tommy: 'De een naakt, de ander in livrei, maar geen woord erover. Dat is beschaving.' Nu heeft hij niet te klagen, maar er is een tijd geweest dat hij in een onverwarmd krot woonde en zijn vrienden hem af en toe een pan stamppot kwamen brengen. Tommy: 'Je kunt mij in het duurste hotel neerzetten, ik blijf een man in een vuilniszak.'


De verhalen van de boer over smokkelaars, die over de Drentse Dirndl-verkiezingen - je moet veel laten liggen op zo'n dagje met Tommy Wieringa. Die zegt blij te zijn dat hij is teruggereden. 'Je komt bij mensen met wie je het liefst aan de keukentafel een beetje wilt praten, zoals nu. Maar voor de televisie storm je een leven binnen met een broodkorst nog in je mond en met wapperende mantel verdwijn je weer. Dat is toch niet in de haak.'


En verder gaat het. Langs het huis van de Duitse douanier die niet aan de moderne, grensloze tijd kon wennen en zijn vrouw en zichzelf met een jachtgeweer het leven benam, dan wéér de grens over volgens Vodafone, om uiteindelijk het parkeerplaatsje op te draaien van een restaurant dat gedreven wordt door een 'boeddhistische Chinees-Cambodjaanse vrouw die vluchtte voor de Rode Khmer en terechtkwam in een streek waar honderdduizend Russische krijgsgevangenen gras gevreten hebben' (Tommy).


Hoewel het restaurant gesloten is, staat ze wenkend in de deuropening. 'O, u bent terug!' Het fornuis wordt opgestookt, het carboon brandt in de kachel, er is Chinese televisie via de schotel, haar man probeert tevergeefs een fitnessapparaat in elkaar te schroeven. Buiten tegen een boom staat een offerschaaltje met druiven en sinaasappels. Na het eten krijgen we alledrie een fles Chileense wijn mee voor thuis.


De Grens. Zondag, Nederland 2, 20.20 uur.


SCHRIJVERS REIZEN VOOR TV

Boudewijn Büch

De wereld van Boudewijn Büch (1988-2001, 176 uitzendingen)

Als een aanstekelijke pretkabouter stuitert schrijver, dichter en programmamaker Boudewijn Büch (1948-2002) de wereld over. Hij lijkt van de VARA carte blanche te krijgen om zijn fascinaties voor de camera te brengen. Hij maakt series over Mick Jagger, de mysterieuze dodo, Goethe en maakt ontdekkingsreizen op naar voorkeur afgelegen en obscure bestemmingen. Büch is nooit pedant of belerend maar ontdekt met een kinderlijk enthousiasme samen met de kijker kleine wondertjes. Misschien wel de vaderlandse godfather van het reisprogramma.


Adriaan van Dis

Van Dis in Afrika (2008)

Van Dis in Indonesië (2012)

Onberispelijk gekleed en met een dictie uit vervlogen tijden beweegt schrijver en tv-presentator Adriaan van Dis (1946) zich als moderne dandy door zijn favoriete landen. Bedachtzaam reflecteert hij voor en achter de lens over zijn bevindingen. Ondanks zijn wat elitaire optreden is een nieuwsgierige jongensachtigheid nooit ver weg. Veilige reisjes zijn het wel, want Van Dis heeft een brede voorkennis van de bestemmingen. Toch prikkelt zijn persoonlijk ongemak en verwarring: 'Ik had bruine zusjes [...]. Ik was het enige roze varkentje van de familie. Afrika, dat heb ik uitgevonden! Dat is van mij. Indonesië, dat was: jij was er nog niet, jij weet er niks van.'


Geert Mak

In Europa (2007-2009, 35 afleveringen)

Duizenden dankbare scholieren bekijken op internet de behapbare geschiedenislessen van Geert Mak (1946). De tv-serie In Europa was vooral de verfilming van zijn gelijknamige bestseller, die weer zijn oorsprong heeft bij NRC Handelsblad. De krant stuurde in aanloop naar de millenniumwisseling de jurist-journalist-schrijver een jaar lang op pad. Voor de VPRO ging hij naar sommige plekken terug, een cameraploeg deed de rest. In voice-over duidt Mak hoe futiele anekdotes tot historische gebeurtenissen konden leiden. De afleveringen beginnen steevast op dat ene perron van station Haarlem, vanwaar Mak zogenaamd vertrekt naar zijn volgende bestemming.


Jaap Scholten

Oostwaarts! (2010, 6 afleveringen)

Schrijver Jaap Scholten (1963) ontvluchtte bijna tien jaar geleden de 'saaiheid' van Nederland en verhuisde naar Hongarije. Hij voelt zich als Sjakie in de Chocoladefabriek in het land, dat 'vol verhalen en mythen' zit. Een lopende hond vindt altijd een bot, luidt zijn filosofie. De romantiek van het plattelandsleven en de geheimen van de aristocratie zijn favoriete onderwerpen. Trekkend door Hongarije, Transsylvanië, Roemenië, Albanië, Servië, Montenegro en Bulgarije toont Scholten de post-communistische wereld en sprokkelt eigenzinnig verdwijnende verhalen. Vanwege zijn afkomst uit een Enschedese textieldynastie ook wel 'corpsbal op reis' genoemd.


OVER DE GRENS (1)

Het was de nacht van 31 juli op 1 augustus 1963. Toen verdrong zich in het Gelderse Elten een enorm aantal vrachtwagens met boter, kaas, koffie en andere voor de smokkel lucratieve handel. Na veertien jaar Nederlands geweest te zijn, werd het dorp aan Duitsland teruggegeven. Toen de klok twaalf sloeg, sloeg de grens er als een springtouw overheen. Nu stonden de vrachtwagens in Duitsland. In één tel hadden de exporteurs voor 50 miljoen gulden aan invoerrechten ontdoken. Legaal.


OVER DE GRENS (2)

De enige grens die niet vast lijkt te liggen is die in de Waddenzee. Toch staat er een paal. Tommy Wieringa sprak een Groningse garnalenvisser die was aangehouden door een Duitse politieboot. Geagiteerd schalde er over het water: 'Nicht über die Grenze!' De visser: 'Ik kon het niet laten te zeggen: Dat zeiden wij in '40-'45 ook tegen jullie. Maar ja.'


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden