Grandes les en het plebs

Alsof God in Frankrijk met een wetenschappelijk experiment bezig is, zo uiteenlopend is daar de praktijk van selectie in het hoger onderwijs....

Bij de universiteiten heeft iedereen wettelijk recht op toegang, zolang hij zijn 'bac', zeg maar vwo-examen, heeft gehaald. De grandes les daarentegen werpen de hoogste drempels op om alleen de fine fleur binnen te krijgen.

Gevolg: het aantal studenten dat op de universiteiten afhaakt, is schrikbarend hoog, terwijl er vrijwel geen uitval is bij de grandes les, 'op gevallen van ziekte en depressie na', aldus een kenner van het grandes-les-systeem. Dat laatste is voor Nederland het meest relevant, nu selectie bij universiteiten op de agenda is gezet.

De grandes les zijn van oorsprong beroepsopleidingen, die door Napoleon in het leven zijn geroepen om tegenwicht te bieden aan de universiteiten. Ingenieurs, managers en bestuurders worden er opgeleid. De ENA, de bestuursacademie voor de gehele Franse top van politiek en bedrijfsleven, is de bekendste, maar er zijn nog zo'n tweehonderd andere. Het collegegeld bedraagt drie-ierduizend euro.

Het merendeel van de les selecteert op basis van een nationaal concours. Zo doen alle toekomstige scheikundigen mee aan het concours scheikunde, de natuurkundigen aan natuurkunde, enzovoort. Conform de Franse visie op onderwijs, die anders dan de Nederlandse niets op heeft met een begrip als 'vaardigheden', wordt er maar op aspect getest: kennis.

Om daar voldoende van op te doen, is een intensieve voorbereiding op het concours nodig: de classes prratoires. Die opleidingen van twee, drie jaar worden op de beste lycea gegeven en vormen een eerste zeef. De leerlingen met de beste eindexamenresultaten komen op de lycea met de grootste reputatie, zoals in Parijs het Louis-le-Grand en het Henri IV, beiden gelegen naast de Sorbonne. Zij adverteren met hun slagingspercentages voor het concours. Aan het eind van de classes prratoires krijgt de student een advies over het al dan niet deelnemen aan het concours.

De tweede zeef is het concours zelf. Haalt de student dat met mooie cijfers, dan kan hij uit diverse grandes les kiezen. Afstuderen en een mooie baan zijn dan in beginsel verzekerd. Faalt hij echter, dan resteert de gang naar de universiteit waar de grote massa aan studenten doorgaans middelmatig onderwijs krijgt tegen collegelden van zo'n 280 tot 420 euro per jaar.

Een enkele universiteit tracht zich aan de middelmatigheid te ontworstelen. Zo kreeg juist vorige maand Paris Dauphine, gelegen in het chique zestiende arrondissement, van minister van Onderwijs Ferry toestemming om, net als de Universiteit Leiden wil, kandidaat-studenten bij de poort te gaan selecteren. Uiteraard tot grote woede van de studentenvakbonden, zoals ook de LSVb in Nederland niet blij is met de plannen van staatsecretaris Nijs.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden