Gouden jaren

De succesvolste Nederlandse popgroep Golden Earring wordt geëerd met een expositie. Terugblik op megasucces, flops, financiële rampen en de lengte van songs die meegroeide met de haren.

Overal in Den Haag hangen ze: de posters van de tentoonstelling Back Home in het Haags Historisch Museum, over vijftig jaar Golden Earring. Elk bandlid heeft zijn eigen poster, maar op alle posters keert dezelfde vraag terug: 'Horen wij in het museum?'

Die vraag hebben ze vast en zeker echt gesteld, de mannen van de Earring. Je hóórt het ze zeggen. Het oudste bandlid (Rinus Gerritsen) is inmiddels 65, de laatste echt grote hit (Going To The Run) is twintig jaar oud en het meest recente studioalbum (Millbrook U.S.A.) alweer acht, maar van terugkijken houden ze nog altijd niet.

De Earring blikt noest vooruit: naar de release van het nieuwe, vijfentwintigste studioalbum, dat deze zomer in Londen werd opgenomen. Naar de zeventien optredens die dit jaar nog gepland staan: zeven akoestische in theaters, tien elektrische in tenten en hallen. George Kooymans kon vrijdag niet bij de opening van de tentoonstelling zijn: hij moest optreden met zijn maat Frank Carillo.

Niettemin word je de komende maanden, bovenin het trappenhuis van het Haags Historisch, verwelkomd door vier enorme portretten: bassist Rinus Gerritsen (65, medeoprichter), gitarist/zanger George Kooymans (63, medeoprichter), leadzanger Barry Hay (63, lid sinds 1967) en drummer Cesar Zuiderwijk (63, lid sinds 1970).

Samen vormen ze de rockband die (de flops, financiële crises, artistieke miskleunen en fasen van middelmaat ten spijt) de grootste is die Nederland voortbracht.

In eigen land stonden ze in totaal 400 weken in de Top 40, hadden ze vijf nummer één-hits en nog eens 22 die de top tien haalden. Meer dan dertig albums werden goud of platina.

Zelfs nu, nu de urgentie er al een tijdje af is, kun je jaarlijks nog twee Amsterdam Arena's of Kuipen vullen met mensen die een kaartje kochten voor een Earring-concert.

Dat is de Earring nu, en zo zal het over een tijdje wel eens eindigen. Maar in het Haags Historisch begint de rondgang bij het begin: in een Haagse tienerkamer aan het begin van de jaren zestig. Posters van beatbands aan de muur, exemplaren van Teenbeat op tafel en de gelegenheid om via koptelefoons de Beatle-eske hits te beluisteren uit de jaren dat de band nog The Golden Earrings heette: Please Go (1965), That Day (1966), Daddy Buy Me A Girl (1966).

Ook te zien: de poster voor het prestigieuze optreden in november 1965, als voorprogramma van The Kinks in de VEB-garage in Beverwijk.

Toen George Kooymans in 1969 meerderjarig werd, had hij in vier jaar tijd tien keer in de top tien gestaan, broedde hij op een stilistische ommezwaai (van sixties beat en psychedelische pop naar op harde riffs gebaseerde, soms psychedelische hardrock) en vond hij dat Nederland te klein werd voor zijn band.

1969 en 1970 zouden sleuteljaren worden: de haren werden lang, de nummers ook. Als één van de eerste bands van het Europese continent trok de Earring naar de Verenigde Staten, min of meer op de bonnefooi. De uitgesponnen Byrds-cover Eight Miles High maakte er indruk en de groep werd er een live-act die thuis werd ervaren als on-Nederlands professioneel. Live-beelden en Zuiderwijks drumstel met de dubbele basdrum uit die jaren, illustreren dat.

Even verderop hangen de albumhoezen en Amerikaanse tourposters van Moontan (1973), het album dat Radar Love bevatte en de doorbraak in Engeland én de Verenigde Staten forceerde. In Engeland kozen de lezers van New Musical Express Radar Love tot 'Single van het Jaar' en de Earring tot 'Best New Band'. Maandenlang werd Noord-Amerika doorkruist, met bands als Aerosmith en KISS als voorprogramma. Op 9 oktober 1974 werd Moontan 'goud' in de VS.

Het Amerikaanse succes was van korte duur. De Earring frustreerde platenlabel, publiek en ook zichzelf met een scherpe bocht naar links, zowel muzikaal (progressive rock) als qua imago (chique pakken). Goede singles ontbraken, albums flopten, tournees als voorprogramma werden financiële treinrampen.

Net toen de band gedesillusioneerd wilde stoppen, reikte Twilight Zone (1982) nog hoger in de Amerikaanse hitlijsten dan Radar Love, dankzij de ontelbare malen door MTV vertoonde videoclip van Dick Maas. De tweede Amerikaanse succesperiode zou opnieuw kort zijn: When The Lady Smiles (1984) werd nummer drie in Canada maar flopte in de VS.

Na die deceptie keerde de Earring na dertien tournees in vijftien jaar tijd (35 maanden 'netto') Amerika de rug toe. Succes behalen was gelukt; consolideren en er iets aan verdienen niet. Ziedaar de zakelijke paradox van Golden Earring: de bv maakte pas winst toen het buitenland de groep uit het oog verloor, de stroom hits opdroogde en de band zich vrijwel geheel richtte op spelen in Nederland.

Het heeft alles te maken met het opmerkelijk vroege inhaken op de MTV Unplugged-trend, waarmee de Earring een nieuwe, parallelle live-praktijk voor zichzelf creëerde in Nederlandse theaters. Hier is niet Moontan maar de akoestische live-cd The Naked Truth (1992) het bestverkochte Earring-album. Het was de laatste commerciële meesterzet en, hoewel artistiek van weinig betekenis, ironisch genoeg de eerste die nu al twintig jaar werkt.

Het zijn mooie spullen die gastconservator Jaap Schut van Museum RockArt selecteerde: de hoezen, de T-shirts, de foto's, de getypte en gestencilde fanclubbladen. Ze hebben het aardig gedaan, de vier zelfverklaarde 'boerenlullen uit Den Haag', aan wie overigens nog een tweede tentoonstelling gewijd is. Daarvoor moet je met bus 25 naar de Terletstraat, waar het in 1961 begon.

Rinus Gerritsen woonde op nummer 13, drummer Freddy van der Hilst op 21. De voorkamer van huize Van der Hilst was oefenruimte. Op de hoek met de Hulshorststraat (George Kooymans woonde op nummer 45) zit nu een sigarenzaak met twee etalages: een voor ADO en een voor de Earring, met de felicitaties van hun oude buurt.

Het eerste Westend-drumstel van Van der Hilst staat er, net als de Graetz Comedia-radio waar de tiener-Earrings hun gitaren op aansloten. Verder: een Sennheiser-microfoon (type 'scheerapparaat') en twee mondharmonica's ('smoelharpen') die je nauwelijks kunt bekijken zonder in je hoofd Please Go (1965) te horen.

Het is een niet te missen onofficiële dependance van het Haags Historisch, deze gratis en voor niks te bezichtigen etalage van sigarenmagazijn Het Prijspaleis.

Golden Earring: Back Home.

3 september 2011 t/m 26 februari 2012. Haags Historisch Museum, Korte Vijverberg 7, Den Haag.

Ultieme road song

Nummer 13 werd Radar Love in de Amerikaanse Billboard Hot 100, maar nog regelmatig verkiezen Amerikanen, Canadezen, Britten en Australiërs de grootste Earring-hit tot ultieme 'car classic' of 'road song'. Het was de enige mondiale Earring-hit: toptien in Australië, België, Oostenrijk, Canada, Groot-Brittannië en Luxemburg, nummer één in Nederland, Spanje en... Rhodesië, het huidige Zimbabwe.

Heruitgaven op vinyl

Het label Music On Vinyl (www.musiconvinyl.com) is bezig de belangrijkste Golden Earring-album opnieuw uit te brengen op 180 grams audiophile vinyl. Tot dusver verschenen twaalf lp's uit de jaren 1969-1984, waaronder het laatste album als The Golden Earrings (On The Double, 1969), het eerste album met Cesar Zuiderwijk (Golden Earring, 1970), de Amerikaanse succesalbums Moontan (1973) en Cut (1982) en de uitstekende live-dubbelalbums Live (1977) en 2nd Live (1981). Ook The Naked Truth (1992) is nu - voor het eerst - op vinyl verkrijgbaar.

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden