Gouden beeld Netanyahu sneuvelt in 'cultuuroorlog'

Een goudkleurig standbeeld van de Israëlische premier Benjamin Netanyahu, dat dinsdag plotseling opdook op een plein in Tel Aviv, bleek geen lang leven beschoren. Na een tirade van de minister van Cultuur tegen de maker, en een waarschuwing van het gemeentebestuur, trokken omstanders het vier meter hoge kunstwerk omver.

Het standbeeld van Benjamin Netanyahu op een plein in Tel Aviv Beeld ap

Kunstenaar Itay Zalait had zijn beeld 'Koning Bibi' genoemd, naar een populaire bijnaam van Israëls premier. Hij beschouwde het als een speelse reactie op de luxueuze levensstijl van Netanyahu en diens vrouw Sara. Minister Miri Regev van Cultuur en Sport bestempelde het kunstwerk als 'een uiting van haat' jegens haar partijgenoot Netanyahu.

Sinds haar aantreden, anderhalf jaar geleden, heeft Regev de strijd aangebonden met de kunstensector. Die omschreef ze als 'een arrogante, hypocriete, konkelende en ondankbare kliek'. Herhaaldelijk haalde ze uit naar 'de culturele elite', die volgens haar overwegend links is.

Als wapen hanteert ze het dreigement om subsidies in te trekken. Een effectief middel, zo bleek vorige maand, toen het gerenommeerde theatergezelschap Habima optrad in Kyriat Arba, een Joodse nederzetting in bezet Palestijns gebied. De Habima-leiding en de meeste acteurs wilden dat eigenlijk niet, maar vreesden voor het verlies van subsidie.

Minister Regev had eerder al in kaart gebracht welke theatergroepen, orkesten, en dansgezelschappen niet bereid zijn in nederzettingen op te treden. Die zijn, naar haar mening, niet loyaal aan de staat Israël.

Regev was demonstratief aanwezig bij de theatervoorstelling in Kyriat Arba, waar ultra-nationalistische kolonisten wonen. Even demonstratief verliet ze eerder dit jaar de Ophir Awards-ceremonie, de Israëlische tegenhanger van de Oscar-uitreiking. Haar gram was gewekt door een rapversie van een gedicht van de Palestijnse dichter Mahmoud Darwish tijdens de bijeenkomst. 'Ik heb geen greintje tolerantie voor Darwish of iemand anders die mijn volk en mijn land wil vernietigen.' Ze waarschuwde de organisatoren: 'Israëlische filmmakers zullen niet langer een exclusieve club zijn.'

Ingrijpen

Regev deinst er niet voor terug persoonlijk in te grijpen als een optreden haar niet bevalt. Zo maande ze de burgemeester van de stad Haifa de Palestijn Tamer Nafar geen podium te bieden tijdens het jaarlijkse filmfestival. Ze betichtte Nafar ervan terrorisme te 'legitimeren.' De rapper trad toch op. Op zijn Facebookpagina laakte hij 'de druk die wordt uitgeoefend door de minister van cultuur en haar bende van racisten.'

De minister greep wel succesvol in bij de Israëlische legerradio. Ze regelde het ontslag van een filmcriticus die zich laatdunkend had uitgelaten over Israëli's van Arabische en Noord-Afrikaanse afkomst. Regev behoort tot die groep; haar vader komt uit Marokko. In The New York Times maakte ze onlangs duidelijk dat haar 'culturele oorlog' in het bijzonder gericht is tegen Joden uit (Oost) Europa die van oudsher de artistieke en intellectuele elite vormen in Israël.

Kunstenaar Itay Zalait voor zijn creatie Beeld afp
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.