Googlewhack

Dat mag ook wel een keer: dankbaarheid. Het is geen alledaagse kost in een column. Het moet ook zeker niet klef worden....

Maar na zo'n twee jaar mopperen op deze plek over allerlei nieuwe technieken die niet doen wat ze beloven, mag ik ook wel eens opmerken dat er technische snufjes zijn die alles doen wat ze beloven en zelfs meer.

Ik geef toe, mopperen heeft meestal een hogere amusementswaarde. Maar vooruit, voor één keer dan.

Het is ook moeilijk om te mopperen op Google. Google: de keizer der zoeksystemen. De grootvorst die alle andere systemen ver achter zich laat. Deze week kwam onderzoekssite OneStat met nieuwe cijfers: in Nederland heeft Google al een marktaandeel van 51 procent. De mondiale markt is zelfs voor 55 procent in handen van Google; alle andere zoekmachines samen moeten genoegen nemen met de overgebleven 45 procent.

Het lijkt zo vanzelfsprekend. In het venster van mijn webbrowser zit een klein Google-raampje (in jargon een toolbar). Op het moment dat ik iets wil opzoeken, tik ik het zoekwoord in dit digitale doorgeefluikje in. Iets opzoeken ging nog nooit zo snel.

De resultaten zijn bijna altijd relevant. De advertenties zijn nooit opdringerig. En: de toolbar en het gebruik van Google zijn allemaal volstrekt gratis.

Als ik 10 eurocent had moeten geven voor elke keer dat ik de encyclopedie had moeten pakken of zuchtend met de fiets naar de bibliotheek had moeten gaan, had ik heel wat moeten overmaken. Toch zou het dat waard zijn geweest.

Ter ere van Google, en om de nieuwe marktcijfers te vieren, heb ik vandaag een spelletje Googlewhack gespeeld. Googlewhack is een op internet gegroeide sport. De bedoeling is een zoekterm aan Google op te geven die precies tot één resultaat leidt. (Dat is lastiger dan je misschien zou denken.) 'Whacken' is inmiddels een populaire bezigheid op internet. Als je een geslaagde whack kunt vinden, kun je hem op de speciale site www.googlewhack.com laten registreren (inmiddels zijn er 35 duizend whacks bekend).

Het probleem is dat je meestal òf nul òf veel te veel resultaten krijgt. 'Financial Times billenkoek' leverde geen enkele site op. Maar als ik intoets 'Google de beste!' krijg ik 69.600 sites voorgeschoteld (de zoekbewerking duurde precies 0,05 seconde).

Al doende leert men. Ik kom steeds meer in de buurt. 'Balkenende Mona-toetje' levert drie resultaten. Ja hoor, ik krijg het behoorlijk onder de knie. 'Snap geen snars van sars' is een echte whack, want één resultaat. Nog een: 'Maxima zwanger ssst! geheim'.

Conclusie: Google is de beste èn leukste zoekmachine. Of wordt het nu toch te klef?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden