Google-onderwijs compleet mislukt

'Jarenlang wilde niemand erkennen dat het competentiegericht onderwijs bezig was te falen,' schrijft Harm Beertema in de Volkskrant.

De voormalige voorzitter van de HBO-raad, die tegenwoordig zijn politiek activisme als bestrijder van de PVV afwisselt met het voorzitterschap van hogeschool InHolland, heeft een inzicht gehad. Een inzicht dat van grote betekenis zal zijn voor de kwaliteit van het hoger onderwijs op die hogeschool. Ik ben daar blij mee. Ik gun het de studenten van InHolland.

Wat is er gebeurd? In de NRC van 20 april zegt Doekle Terpstra over het competentiegerichte onderwijs (cgo): 'Inholland neemt ook de manier van lesgeven op de schop, omdat de kwaliteit van het onderwijs omhoog moet. Met die kwaliteit is het bij een aantal opleidingen slecht gesteld. Inholland werkt nu via de methode van het competentiegericht leren, waarbij studenten veel vrijheid krijgen opdrachten naar eigen inzicht uit te voeren. We stoppen met ons huidige onderwijsconcept. Inholland gaat studenten in de toekomst meer structuur en houvast bieden.'

Toen Terpstra nog voorzitter van de HBO-raad was, had hij een diametraal tegengestelde mening: 'De school bestaat niet meer. De school heeft plaatsgemaakt voor een kennisinstelling.' En: 'Een docent met een krijtje in zijn hand is niet meer de werkelijkheid. Het is de werkelijkheid van de vorige eeuw.' En: 'We moeten af van eerstegraads leraren die over vakkennis beschikken en op basis daarvan les geven.'

Interessant. Terpstra als bestuurder draagt het cgo een warm hart toe. Als schooldirecteur die met z'n voeten in de modder staat, ziet hij dat kwalitatief goed onderwijs niet kan gedijen in het cgo. Als Terpstra het cgo dood verklaart, wie zijn wij dan om het leven van dit totaal mislukte concept te rekken? Daarom heb ik als PVV-woordvoerder onderwijs dinsdag tegen de invoering van het cgo in het middelbaar beroepsonderwijs (mbo) gestemd.

Het hoger onderwijs is het mbo voorgegaan op de weg naar verzelfstandiging. De overheid trok zich terug en het veld werd zelf verantwoordelijk. Want de professional weet het het beste en laat die maar beslissen wat er moet gebeuren.

Maar de professional werd opzijgezet door een kongsi van onderwijskundigen, kennisinstituten en een enkele hoogleraar, die verklaarde dat de leraar zoals we die al 2000 jaar kenden z'n beste tijd had gehad. Want er was een nieuwe mens geboren. De Einsteingeneratie had haar intrede gedaan: multitaskende kinderen die op basis van hun eigen ervaringen hun eigen werkelijkheid construeerden, waarbij het doorgeven van kennis er niet meer toe deed. Kennis verouderde namelijk razendsnel en was al achterhaald op het moment dat de woorden over de lippen van de docent kwamen. Dus weg met de leraar met een verhaal!

Nog altijd ben ik verbijsterd over de dynamiek die deze onzin kreeg. Het cgo werd uitgerold over het hbo en toen over het mbo. De schade die het heeft aangericht, zou nog eens goed onderzocht moeten worden. De schade aan de beroepseer van leraren, van wie velen het onderwijs hebben verlaten. Waren ze ooit beroepsbeoefenaren die naar eigen inzicht vorm gaven aan het onderwijsleerproces, nu waren ze instructeur geworden; iemand die slechts een schema uitvoert en zich voordurend moet verantwoorden via afvinklijstjes. Lesgeven was uit den boze.

Het allerergste was dat dit cgo warm werd onthaald door de managerskaste die was ontstaan in de fusierace. Roc's tot 25.000 leerlingen werden het ideaal. Die losgeslagen managerskaste gebruikte het cgo op zijn eigen manier: efficiency kreeg het primaat boven de interactie tussen leraar en leerling. En het was lekker goedkoop: 60 leerlingen in een computerzaal met een instructeur in schaal 7 of 8 en een leraar op loopafstand in een kantoortje.

Mijn eerste optreden in de Tweede Kamer was als bestuurslid van Beter Onderwijs Nederland (BON). Op uitnodiging van de Kamercommissie OCW kon ik verhalen van mijn collega boekhouden die wanhopig was, omdat hij niet meer klassikaal mocht lesgeven. Maar zijn leerlingen kregen maar geen vat op de boekhoudregels die hij al 15 jaar met uitstekend resultaat meegaf aan hele generaties boekhouders in Rotterdam Zuid. Hij besloot om zijn groep stiekem in een klas te zetten om het eens goed uit te leggen. Even klassikaal. Even frontaal. Zijn leerlingen vonden het heerlijk. Middenin zijn verhaal vloog de deur open. Hij werd op heterdaad betrapt door zijn teamleider. Onmiddellijk werd de les beëindigd en hij kreeg een forse uitbrander. Hoe denkt u dat het staat met zijn beroepseer?

Als ware verzetsstrijders gaven we informatie aan Martin Sommer van de Volkskrant die toen zijn columns schreef die later zijn gebundeld in het prachtboekje Onder Onderwijzers. Maar alles anoniem, want de vijand luisterde mee.

Er was nauwelijks tegenspraak. Dat kwam door de intimidatie waarmee de managers het cgo oplegden aan het onwillige veld. Alleen de cgo-gelovigen kwamen in aanmerking voor promotie, onwillige leraren en beleidsmakers werden op non-actief gezet, weggepest. Ze kregen spreekverboden en kantonrechterformules aan de broek. Leraren werd het leven vergald, carrières werden gebroken. Zo krijg je een gezeglijk lerarenkorps. Zo sloop je ieder kritisch vermogen uit een organisatie. En zo ga je met je ogen dicht richting de afgrond, zonder dat iemand protesteert.

Die ene organisatie die tegengas gaf, doorliep alle stadia die dergelijke grass roots-organisaties altijd doorlopen. Eerst worden ze genegeerd. Als dat niet meer kan, worden ze belachelijk gemaakt, daarna worden ze verketterd. Als ze tenslotte gelijk krijgen, omdat ze te evident het gelijk aan hun zijde hebben, wordt de ongemakkelijke waarheid overgenomen en gepresenteerd als eigen voortschrijdend inzicht. Daar zijn we nu aangeland. Waar die ene lerarenvereniging BON begonnen is met het articuleren van het tegengeluid, hebben SP en PVV de problemen herkend, ere wie ere toekomt.

Het cgo in het hoger onderwijs heeft z'n langste tijd gehad. Maar ook het mbo moet voor eens en altijd gevrijwaard worden van deze idiote didactiek waarin leerlingen het allemaal zelf maar moeten uitzoeken, met google-onderwijs waarin iedereen een diplomaatje haalt, verdiend of niet.

Want het competentiegerichte onderwijs is een complete mislukking. Volgens talloos veel leraren in het beroepsonderwijs, volgens hoogleraren onderwijskunde, volgens een belangrijk deel van het bedrijfsleven, volgens ziekenhuizen die hun stagiaires niet meer vertrouwen omdat ze geen vakkennis meer hebben, en niet in de laatste plaats volgens Doekle Terpstra, de voorzitter van hogeschool InHolland.

Harm Beertema is woordvoerder onderwijs van de PVV-Tweede Kamerfractie. Dit is een bewerking van zijn bijdrage aan het Kamerdebat over de invoering van het competentiegericht onderwijs in het mbo. (Foto Martijn Beekman)

Meer over