Goodbye Friedman

De wereld is veranderd, maar de hoofdrolspelers hebben het niet door. Het is een mooi gegeven voor een komedie. Neem de film Goodbye Lenin. Vlak voor de val van de muur raakt een fanatiek partijlid in coma door een hartaanval. Na acht maanden komt zij bij zinnen. Haar zoon vreest dat zij de Wende niet zal overleven en wringt zich in bochten om de nieuwe wereld voor haar verborgen te houden. Zijn leugens zijn hilarisch. Uiteindelijk moet zijn moeder aan de nieuwe werkelijkheid geloven. Ze krijgt opnieuw een hartaanval. Dit keer een dodelijke.


Op dit moment beleven we een vergelijkbare film. Niet Goodbye Lenin, maar Goodbye Friedman. Toen viel de Berlijnse muur, nu zijn we van het geloof gevallen in de onzichtbare hand. Toen werd afscheid genomen van de revolutionair van het communisme, nu van de revolutionair van de ongebreidelde vrije markt, Milton Friedman. In deze nieuwe film speelt Mark Rutte een hoofdrol die vergelijkbaar is met de moeder uit Goodbye Lenin. Drie jaar na het begin van de kredietcrisis dringt het maar niet tot hem door dat de wereld is veranderd. Met zijn onvermoeibare enthousiasme blijft hij politieke recepten van gisteren aanprijzen. Alsof er nooit een financiële crisis is geweest, bepleit hij meer markt en minder overheid. Hij denkt nog steeds dat het grootste politieke probleem een teveel aan sociale bescherming is. Dat moet hij eens uitleggen aan de thuiszorgmedewerkers in Haarlem die moesten kiezen tussen ontslag of een salarisachteruitgang van 25 procent: van 13,10 naar 9,92 euro bruto per uur. Volgens het SCP zijn mensen tevreden over het eigen leven, maar ontevreden over de samenleving. Het gaat goed met mij, maar slecht met ons. Maar in plaats van de kwaliteit van de samenleving te versterken, leidt het beleid van Rutte ertoe dat mensen meer aan hun lot worden overgelaten.


Je zou willen roepen: Mark, wakker worden! Het is 2011, niet 1982. Maar Rutte is niet de enige die politiek bedrijft alsof er niks is veranderd. De oppositie heeft naast hem gestaan in de teletijdmachine. Het hele politieke debat van de jaren tachtig wordt met grote ernst nagespeeld. Rechts stelt dat de bezuinigen noodzakelijk zijn en links noemt de plannen asociaal. Natuurlijk is het pijnlijk dat in sommige gezinnen alle bezuinigen samenvallen. Maar kritiek op deze stapeling is een oproep om de pijn te verzachten, geen alternatief politiek programma.


Wie wel politiek anno 2011 durft te bedrijven, zal twee kwesties op de agenda moeten zetten.


Rutte spreekt steeds over de overheid als een geluksmachine. Het is een misplaatste metafoor. De staat is namelijk geen geluksmachine, maar een pechdemper. We laten mensen met pech niet aan hun lot over. Het probleem is niet de almachtsfantasie van de staat, maar de onmacht van de overheid. We kunnen de mensen met pech slecht helpen. Ze worden onderworpen aan onbegrijpelijke regels en voorschriften. Het gevolg is dat mensen een hekel krijgen aan al die instellingen die hen juist steun zouden moeten geven. Ondertussen hebben mensen het idee dat anderen wel worden verwend of straffeloos fraude plegen. Dat kweekt onvrede. De oplossing voor deze onvrede is niet een kleinere overheid (zoals Rutte denkt), maar een betere overheid. Een overheid waarin de menselijke maat vooropstaat.


Het andere thema is de economie. We leven in een zwartrijderseconomie, een wereld waarin mensen en bedrijven proberen de winst voor zichzelf te houden en de kosten af te wentelen op het collectief. De financiële crisis was daarvan een schoolvoorbeeld. Toen de banken de prijs moesten betalen voor hun roekeloze gedrag, werd de rekening doorgeschoven naar de samenleving. En ook in de Europese crisis proberen de banken hun verliesposten af te wentelen op het collectief. De omgang met het milieu laat hetzelfde patroon zien. Particuliere bedrijven strijken de winst op van de vervuiling en de samenleving draait op voor het verlies. De kernramp in Japan vormt het summum van deze logica. De winst was voor de aandeelhouders, maar de belastingbetaler moet nu tientallen miljarden ophoesten om de rommel op te ruimen. Aan Rutte is het probleem van de zwartrijderseconomie niet besteed.


De overeenkomst tussen de twee kwesties is dat we het collectief niet moeten onttakelen, zoals Rutte denkt, maar opnieuw moeten vormgeven. Alleen door samen op te trekken, kunnen we de kwaliteit van de samenleving vergroten en de zwartrijderseconomie aanpakken. Goodbye Lenin was een vermakelijke komedie, Goodbye Friedman dreigt een pijnlijke tragedie te worden.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden