Profiel

Gökmen T.’s strafblad: diefstal, wapenbezit, verdenking van verkrachting

Gökmen T. is afgelopen jaren herhaaldelijk met justitie in aanraking geweest. Nog geen drie weken geleden werd de hoofdverdachte van het Utrechtse schietincident door het gerechtshof onder voorwaarden in vrijheid gesteld in een verkrachtingszaak.

De politie arresteert maandagavond Gökmen T., hoofdverdachte van de schietpartij in Utrecht.

T. werd tussen april 2014 en maart 2019 veroordeeld voor winkeldiefstal, inbraak, illegaal wapenbezit en een poging tot diefstal. In 2014 bestrafte de Utrechtse rechtbank Gökmen T. met een gevangenisstraf van 150 dagen. Het Openbaar Ministerie stelde destijds dat T. zich in de vroege ochtend van 7 december 2013 schuldig had gemaakt aan een poging tot doodslag. Hij zou met een wapen hebben geschoten in de richting van een flatgebouw in Kanaleneiland. 

Maar volgens de rechtbank was er te weinig bewijs. Getuigen vertelden dat ze schoten hadden gehoord, ze hadden niet gezien wie er schoot. Toen de politie arriveerde, zag de agent dat T. het wapen in de bosjes gooide. T. werd die ochtend gearresteerd in het bijzijn van een andere man. Ze waren dronken. Na zijn arrestatie plaste T. in zijn cel.

De rechtbank veroordeelde T. in deze zaak op 1 april 2014 wel voor verboden wapenbezit en het opgeven van een valse naam. Ook achtten de rechters bewezen dat hij in 2012  had geprobeerd in te breken in een vrachtwagen.

Op 25 augustus 2017 werd Gökmen T. opnieuw gearresteerd. Hij zou een maand eerder een vrouw hebben verkracht. Het slachtoffer, de 47-jarige Angelique, vertelde dinsdag in het AD dat T. ‘geen terrorist is, maar een psychopaat, 100 procent’. Ze kent hem uit de wijk Kanaleneiland. Ze gingen vriendschappelijk met elkaar om, al hadden ze ook soms seks. Ze zouden samen jarenlang drugs hebben gebruikt.  ‘Op 11 juli 2017 kwam hij om één uur ’s nachts en ging om zeven uur ’s ochtends weg. Toen heeft hij me verkracht, gebeten en geslagen. Hij was doorgesnoven, de duivel geworden.’

De rechtbank liet Gökmen T. op 21 september 2017 onder voorwaarden vrij. In afwachting van de inhoudelijke behandeling van deze zedenzaak moest hij zich onder meer laten onderzoeken door een psychiater en een psycholoog. Op 4 januari 2019 werd T. opnieuw vastgezet: hij had geweigerd mee te werken.

Samen met zijn advocaat vocht T. deze beslissing aan. Aanvankelijk was de rechtbank niet gevoelig voor zijn belofte om nu wel mee te werken. Maar op 1 maart werd T. door het gerechtshof alsnog onder voorwaarden in vrijheid gesteld. 

Volgens Fred van der Winkel, president van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, was er onvoldoende reden om hem nog langer in voorlopige hechtenis te houden. ‘Uitgangspunt is dat iemand onschuldig is totdat het tegendeel bewezen is. Je kunt mensen alleen langer vasthouden als er bijzondere omstandigheden zijn. Denk aan de kans op herhaling, of een geschokte rechtsorde. Dat was in deze zedenzaak niet aan de orde. Het was een verkrachting binnen de relatie. Hij had geen meisjes van de fiets getrokken.’ Het hof vond het belangrijk dat de persoonlijkheidsonderzoeken op goede wijze zouden worden afgerond voor de start van de inhoudelijke behandeling op 15 juli, aldus Van der Winkel.

T. was ook verdachte in twee andere, recente strafzaken. Op 4 maart 2019 veroordeelde de politierechter hem tot twee weken cel, waarvan één week voorwaardelijk, voor een winkeldiefstal in 2018. Een dag later veroordeelde de politierechter hem tot vier maanden cel voor een inbraak op 13 september. 

Justitie liet dinsdag weten er ‘ernstig rekening’ mee te houden dat T. een terroristisch motief had, al worden andere motieven nog niet uitgesloten. In de rode Renault Clio die T. als vluchtauto gebruikte, werd een briefje gevonden. De inhoud ervan is nog niet bekend.

‘Terrorismeverdachten vertonen veel overeenkomsten met verdachten van reguliere misdrijven. Ze zijn net als gewone verdachten relatief vaak laagopgeleid’, zegt Frank Weerman van het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR). Hij was betrokken bij een grootschalig onderzoek naar het daderprofiel van terrorismeverdachten.

Volgens Weerman hebben terrorismeverdachten vaak een crimineel verleden. ‘Tweederde is ooit met de politie in aanraking geweest. Niet altijd voor ernstige zaken, ook winkeldiefstallen vallen hieronder.’ 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.