Column

Goede smaak zit de tv-criticus soms in de weg

Een mooi programma zomaar een beetje mooi zitten vinden: lekker makkelijk!

Goede smaak kan de tv-criticus soms in de weg zitten.Beeld anp

Afscheid nemen bestaat niet - wie was dat ook alweer? Je ziet het op tv. Sinds Peter R. de Vries geen televisieprogramma meer heeft, is hij vaker in beeld dan ooit tevoren. Fluister zijn naam, en hij komt eraan.

Hanneke Groenteman. Twee weken geleden nam ze geroerd (en ontroerend) met de laatste aflevering van Sterren op het doek afscheid van televisie. Sindsdien zit ze vaker aan de televisietafels dan daarvoor (afgelopen dagen in Pauw én DWDD).

En neem nou de auteur van deze rubriek. Staat ook al weer anderhalve week op zijn eigen trom te roffelen (op deze plek louter om organisatorische redenen, maar dat doet er even niet toe). Straks komt-ie nog terug ook.

In zijn trage afscheid was hij dinsdagmiddag te gast bij Harm Edens op de radio (ook daar heeft het alom aanwezige televisievirus zich verspreid: het gaat zelden over radio op de radio). In het programma Mediazaken (BNR) voelde de tv-maker de criticus aan de tand met vrolijk venijn. Voorafgaand had de criticus op verzoek lijstjes ingeleverd van drie mooie en drie lelijke voorbeelden van televisie uit zijn zeven jaar.

Omdat mij de afgelopen dagen soms voor de voeten werd geworpen dat de kunst van het bewonderen in die zeven jaar nog niet helemáál tot volle wasdom is gekomen, gingen we het hebben over misschien wel de kwalitatief meest hoogstaande documentaire die ik zag: Het nieuwe Rijksmuseum van regisseur Oeke Hoogendijk. Niet voor niets bekroond met de Zilveren Nipkowschijf, maar dat was dan weer mede mijn eigen schuld.

De overige uit de top 3 (ook lezers vroegen ernaar) bestond trouwens uit Marc Schmidts aangrijpende documentaire De regels van Mathijs (2012) en het dagelijkse Lucky TV, de enige echt geslaagde satire op tv, een soort bewegende Kakhiel (maar dan anders).

Maar het ging op de radio dus over Het nieuwe Rijksmuseum.

Ik roemde het lef van Hoogendijk om haar tanden te zetten in dat bestuurlijke monster van de verbouwing, die tien jaar zou gaan duren. Ik roemde haar vermogen om uit de vele honderden uren filmmateriaal zo'n verfijnde, uitgebalanceerde en soms ontroerende documentaire(reeks) te maken, waarbij zowel de liefde van de conservatoren als de razernij om 'het hatsekidee van de Amsterdamse tofheid' (Wim Pijbes). Ik had de subtiele muziek kunnen noemen van Maurice Horsthuis, het oog voor details (de in slaap sukkelende architect!) en nog veel meer. Als zo'n film ook ná de feestelijke heropening van het Rijks toch nog spanning weet op te wekken over de goede afloop, dan heb je echt iets goed gedaan.

Die keuze kon Harm Edens maar nauwelijks bekoren. Was het bijvoorbeeld niet wat te makkelijk om zulke televisie dan ook meteen maar goed te vinden, vroeg Edens. Wat hij kennelijk bedoelde: 'Ja, maar dat was ook écht mooi. Zo kan ik het ook!'

Inderdaad: televisie is voor een groot deel een braaf, burgerlijk massamedium met nogal platte, eendimensionale voorkeuren. Goede smaak kan de tv-criticus soms in de weg zitten. Niet voor niets zijn de winnaars van de Gouden Televizier Ring zelden dezelfden als van de Nipkowschijf, die door de critici wordt uitgereikt.

Mijn top 3 van afgrijzen was trouwens tamelijk inwisselbaar. Obese (RTL4), Wie is de Sjaak? (RTL5) en een willekeurig fragment van een verslaggever (van welke omroep dan ook) bij de rioolpijp waar die dag de dode jongens Ruben en Julian waren gevonden, streden om voorrang.

Edens had gelijk: zie dat maar eens mooi te vinden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden