Goede doelen beleggen zonder heldere regels

Net als de pensioenfondsen hebben ook de goede doelen hardhandig kennis gemaakt met de risico's van beleggen in aandelen. Anders dan voor pensioenfondsen blijken er in de charitatieve sector echter amper regels voor vermogensbeleid te zijn....

Waarom heeft het ene goede doel zo veel geld op de plank liggen, terwijl het andere fonds het meteen aan de doelstelling besteedt? 'Er blijkt in het land nogal wat onduidelijkheid te zijn over het gevoerde vermogensbeleid van onze leden', zegt Gosse Bosma, directeur van VFI, de brancheorganisatie van goede doelen. 'Ieder fonds heeft zijn eigen beleid. Om toch tot een vergelijkbare grondslag te komen, hebben we eind 2002 de commissie-Herkströter in het leven geroepen. Zo willen we tot een transparant stelsel van criteria en normen voor het vermogensbeleid komen.'

Dat lijkt hard nodig, want hoewel Bosma spreekt van 'een goed gebruik' om minimaal 90 procent van het opgehaalde geld dat niet direct voor de doelstelling wordt gebruikt, op een depositorekening vast te zetten, blijken de meeste fondsen in de praktijk aanzienlijk grotere risico's te nemen met de hun toevertrouwde gelden.

Wie de heilsoldaten met hun Strijdkreet langs de deuren ziet gaan, zal wellicht niet vermoeden dat het Leger des Heils over een beleggingsportefeuille van ruim 100 miljoen euro beschikt. 'Tot vorig jaar bestond die portefeuille gemiddeld voor 35 procent uit aandelen en voor 65 procent uit vastrentende waarden', legt directeur Koos Tinga uit. 'Op die aandelen hebben we afgelopen jaar inderdaad aanzienlijk verloren'.

De activiteiten van het Leger des Heils zijn volgens Tinga niet in gevaar, maar de eerder opgebouwde overwaarde op de aandelenportefeuille ter waarde van 12,1 miljoen euro is vorig jaar volledig in rook opgegaan. Dankzij de overige inkomsten, met name de couponrente op obligaties, bleef de totale schade beperkt tot circa vijf miljoen euro negatief. 'Maar vergeet niet dat we dankzij ons beleggingsbeleid in de vette jaren ook heel wat extra voor de mensen hebben kunnen doen.' Toch heeft Tinga, net als veel collega-beheerders besloten de beleggingsmix aan te passen. 'Vanaf nu steken we nog maar 20 procent van ons vermogen in aandelen.'

Het Wereld Natuur Fonds verloor afgelopen jaar 2,3 miljoen euro op de beurs. 'Op het oog een fors bedrag', zo geeft WNF-directeur Hans Voortman toe, 'maar gezien onze totale jaaromzet van ruim 40 miljoen euro toch eigenlijk maar een bescheiden verlies'.

Het WNF probeert het eigen vermogen tot een minimum te beperken. Momenteel bedraagt dat vermogen circa 14 miljoen euro, ofwel eenderde van de jaaromzet. Voortman: 'Mensen geven ons geen geld om te sparen of te beleggen, maar om de natuur te beschermen. Veel fondsen hebben naar mijn mening veel te grote reserves opgebouwd, soms een veelvoud van hun jaarinkomsten. Hoe leg je je achterban dan uit wat met hun donaties is gebeurd?'

Vereniging Natuurmonumenten is veruit het rijkste Nederlandse goede doel, maar wil nog geen uitspraken doen over de resultaten van 2002. In 2001 bedroeg het eigen vermogen een kleine 200 miljoen euro en werd op de beurs 8,3 miljoen euro verloren, zo blijkt uit de cijfers van het Centraal Bureau Fondsenwerving (CBF). 'En nu zou u van de directeur van het CBF zeker graag een gepeperde uitspraak over het gevoerde beleggingsbeleid willen horen?', vraagt CBF-directeur Jos Zwartjes. 'Dan moet ik u helaas teleurstellen, want ik ga niet op de stoel van de fondsenwervers zitten. Alle fondsen hebben hun eigen opvattingen over beleggen en die mogen ze wat mij betreft houden. Het gaat ons erom dat het beleid voor alle belanghebbenden transparant is.'

En het moet gezegd: qua normen voor transparantie heeft het CBF al heel wat werk verzet. Zo moeten alle bij het CBF aangesloten fondsen hun financiële reilen en zeilen gedetailleerd en volgens uniforme standaarden verantwoorden. In de uitgave Fondsenwerving in Nederland 2001 is in één tabel precies te zien wie wat heeft opgehaald en waaraan dat geld is besteed. Jammer dat we voor het jaaroverzicht over 2002 waarschijnlijk weer tot december dit jaar zullen moeten wachten.

Clubs als de Vogelbescherming - 'Beleggingsresultaten? Ik heb geen idee. Ik krijg hier doorgaans eigenlijk alleen vragen over vogels' -, de Sophia Stichting - 'Hoe komt u bij ons terecht?' - en de Dierenbescherming - 'We hebben tientallen afdelingen in het land die allemaal hun eigen beleggingsbeleid hebben. Nog geen idee wat het wordt, maar het zal wel niet best zijn' - hebben momenteel simpelweg nog geen idee hoe het kwartje uiteindelijk zal vallen.

Zo beschouwd zouden de uniforme criteria en normen die de commissie-Herkströter binnenkort hopelijk presenteert, een hoop achterafgepraat kunnen voorkomen. Iemand als Jan-Willem Pieterson, financieel directeur van het Prins Bernhard Cultuur Fonds, verwacht echter geen wonderen van Herkströters voorstellen: 'Ik heb zelf in de pre-commissie gezeten die Herkströter en zijn collega's heeft benaderd, maar volgens mij wordt het ondoenlijk om tot harde en toch werkbare normen te komen. Daarvoor zijn de goede doelen wat betreft omvang, doel en beleid te divers.'

Het Prins Bernhard Cultuur Fonds heeft in het verleden bijvoorbeeld alle kosten voor zaken als kantoorexploitatie uit de beleggingsopbrengsten kunnen betalen. Zo konden donateurs er zeker van zijn dat elke geschonken euro ook daadwerkelijk één op één aan het doel ten goede kwam. Nu het op de beurs zo tegen blijft zitten - het fonds boekte in 2002 een beleggingsverlies van 5,2 miljoen euro - vindt Pieterson het hoog tijd om te kijken of dat beleid nog wel kan worden volgehouden.

Pieterson en zijn collega-fondsbeheerders zien dankzij de beursmalaise overigens ook een andere inkomstenbron langzaam opdrogen: de nalatenschappen. In 2001 waren alle erfenissen nog goed voor ruim 220 miljoen euro aan inkomsten en met de vergrijzende babyboomers in aantocht hadden veel fondsen zich inzake nalatenschappen alvast rijk gerekend.

Iets te vroeg gejuicht, zo begint langzaamaan wel duidelijk te worden. Door de beursellende blijken die nalatenschappen zodanig in waarde gekelderd dat ook die inkomstenstroom daalt in plaats van stijgt. Precieze cijfers zijn overigens nog niet voorhanden.

Geluk bij een ongeluk is dat de beursmalaise vooral de rijkste fondsen treft, fondsen die in voorgaande jaren vaak flink hebben verdiend met hun gespeculeer en daarom wel tegen een stootje kunnen. Veel fondsen spreken dan ook van 'een papieren verlies', en benadrukken dat de activiteiten zelf niet in gevaar komen.

Maar voor hoe lang nog? Koos Tinga van het Leger des Heils: 'Niemand hoeft zich zorgen te maken. Wij zijn altijd zorgvuldig met alle giften omgesprongen en dat zullen we ook blijven doen. Alles wat we hebben, hebben we van het Nederlandse volk gekregen. Het is dus feitelijk hun rijkdom, en niet de onze. Ons soort organisatie heeft nu eenmaal een groot vermogen nodig, en dan kan het wel eens even tegenzitten. Mijn probleem is nu alleen: Hoe leg ik het de mensen uit?'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden