Analyse Nederlandse inbreng in oorlogen

Goede bedoelingen lopen stuk op de bittere realiteit. Is Nederland naïef als het gaat om oorlogssituaties?

Het goede doen, was de inzet van de Nederlandse steun aan Syrische ‘gematigde’ oppositiegroepen. Maar dat pakte anders uit, net als bij diverse andere buitenlandse missies. Is Nederland te naïef voor het kwaad in de wereld? 

Trainers van de Koninklijke Marechaussee stomen jonge Afghanen klaar voor werk bij de hulppolitie in de provincie Uruzgan Beeld ANP

Ethische politiek kan soms onethische gevolgen hebben, zegt historicus Arend Jan Boekestijn. Nederland steunde in Syrië ‘gematigde’ oppositiegroepen die mensenrechten schonden en met jihadisten samenwerkten. ‘Bovendien: door de oppositie te steunen en te weigeren met president Assad te praten is de burgeroorlog in Syrië alleen maar verlengd. Daardoor zijn extra slachtoffers gevallen en uiteindelijk wint Assad toch’, zegt Boekestijn, verbonden aan de Universiteit Utrecht.

Niet voor het eerst liep de Nederlandse wens het goede te doen stuk op de bittere realiteit van een oorlog. In Srebrenica wilde Nederland moslims beschermen, maar werd Dutchbat vermalen tussen de wreedheid van de Serviërs en de onmacht van de internationale gemeenschap. In Uruzgan zou Nederland wederopbouwwerk gaan doen, waardoor meisjes weer naar school konden. Het werd een vechtmissie waarbij 25 Nederlandse militairen sneuvelden. In Kunduz werd de Afghaanse werkelijkheid op surrealistische wijze in Haagse beleidskaders gepropt. Nederland ging politieagenten opleiden, op voorwaarde dat zij, eenmaal van school, niet op de Taliban zouden schieten. Een ‘agentvolgsysteem’ zou hierop toe moeten zien. En nu ging Nederland in de Syrische chaos op zoek naar democraten. Is Nederland een naïef land dat worstelt met het kwaad in de wereld?

‘Nu gooit u wel alle dingen op een hoop’, reageert Jaap de Hoop Scheffer, voormalig minister van Buitenlandse Zaken en voormalig secretaris-generaal van de NAVO. ‘Het zijn allemaal heel verschillende kwesties die zich onder heel verschillende omstandigheden hebben afgespeeld. Wat de leveranties aan de Syrische oppositie betreft, daar vind ik nog even weinig van. Eerst moeten de feiten op een rij staan, dan pas kunnen we oordelen. In Nederland gebeurt steeds vaker het omgekeerde.’

Morele grondtoon

De Hoop Scheffer verzet zich tegen de gedachte dat Nederland zich geen raad weet met oorlog. ‘Nederland is huiverig voor het gebruiken van geweld en daar ben ik blij om. Maar in Uruzgan hebben onze militairen in het hoogste geweldsspectrum geopereerd. Dat hebben ze voortreffelijk gedaan. In voetbaltermen: bovenin het linkerrijtje.’

Niettemin heeft de Nederlandse kijk op de wereld vaak een morele grondtoon gehad. ‘Nederland is een land van vrede en recht. Bij internationale operaties is het goed om Nederland in je ploeg te hebben, dat geef authenticiteit’, zegt Ben Bot, oud-minister van Buitenlandse Zaken.

Ook historici schreven over moralisme als een constante lijn in het buitenlands beleid van Nederland. ‘We waren heel lang ruige jongens die de wereldzeeën bevoeren, met veel agressie. Maar in de 19de eeuw zie je een ethische wending’, zegt Boekestijn. Nederland had flink aan macht ingeboet. Juist daardoor zou een klein, neutraal en ethisch bevlogen land een ideale scheidsrechter zijn in de vuige machtspolitiek van de grote mogendheden. Er wacht een nieuwe taak op de Nederlandsche Leeuw, schreef de 19de-eeuwse historicus W.J. Hofdijk: ‘Het is schooner de zedelijkste dan de machtigste natie te zijn.’

Dat moralisme kwam Nederland goed uit. Een klein land met een groot koloniaal rijk dat het zelf niet kan verdedigen had alle belang bij een wereld waarin iedereen zich netjes aan de regels hield. In zijn koloniën, vooral in Indië, voerde Nederland een gewelddadige machtspolitiek die niet voor die van Frankrijk of Engeland onderdeed.

Kiezen uit kwaden

Na de Tweede Wereldoorlog ging het moralisme gepaard met een nieuwe lijn. Omdat de zo lang gekoesterde neutraliteit in mei 1940 niets waard was gebleken, zocht Nederland voortaan bescherming bij machtige bondgenoten, in het bijzonder de Verenigde Staten.

In de curieuze discussies rond Uruzgan en Kunduz probeerde de regering de wensen van de bondgenoten – meedoen in Afghanistan – te verzoenen met een publieke opinie die afkerig was van geweld. ‘De missie in Uruzgan werd door de regering verkocht als een wederopbouwmissie, terwijl het een oorlog was. Dat was verkeerd. Je moet er geen doekjes om winden’, zegt Jaap de Hoop Scheffer. ‘De Amerikanen verzekerden ons dat ze het gebied hadden gezuiverd van Talibanstrijders. Dat vertelde Condoleezza Rice persoonlijk’, zegt Ben Bot, destijds minister.

De burgeroorlog in Syrië was een morele en politieke breinbreker. Politici konden slechts kiezen uit onaantrekkelijke opties. Een interventie waar niemand voor voelde na de mislukkingen in Afghanistan, Irak en Libië. Niets doen en toezien hoe Assad zijn volk afslachtte. Of het steunen van ‘gematigde’ strijders met alle risico’s van dien.

Bij gebrek aan beter koos Nederland voor het laatste, net als andere landen overigens. De Verenigde Staten moesten zelfs constateren dat door Amerika getrainde en bewapende strijders overliepen naar Al Qaida. De wereld stelt ons voor duivelse dilemma’s, zegt Ben Bot. ‘Als er grof onrecht plaatsvindt, kan toch niet iedereen zijn ogen dicht doen? Ik hoop niet dat deze kwestie leidt tot neoneutralisme. Nederland moet betrokken blijven bij de wereld.’

Dat vindt Arend Jan Boekestijn ook. Maar we zouden realistischer naar de wereld kunnen kijken, zegt hij. In een vuile oorlog zal ook de oppositie zich niet netjes gedragen. En toen Rusland en Iran Assad te hulp schoten, werd een overwinning voor de Syrische oppositie een illusie. Boekestijn: ‘Je hebt altijd met dilemma’s te maken. Maar goede bedoelingen zijn niet voldoende, je moet wel kijken naar de gevolgen van je beslissingen.’

Schending mensenrechten door Syrische rebellengroepen

Sinds 2015 heeft Nederland voor 25 miljoen euro aan ‘niet-dodelijke’ goederen geleverd aan 22 Syrische rebellengroepen. Deze week onthulden Nieuwsuur en Trouw dat sommige van deze groepen zich schuldig hebben gemaakt aan schending van mensenrechten en samenwerking met jihadisten. Voor zo ver bekend hebben 6 van de 22 strijdgroepen mensenrechten geschonden. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.