‘Goed dat de oorlog Khartoem bereikte’

Tolk uit Darfur schreef boek. ‘Alleen westerse vredesmacht kan echt bescherming bieden.’..

De recente aanval op Khartoem door rebellen uit Darfur moet letterlijk als een bom zijn ingeslagen bij veel inwoners van de Soedanese hoofdstad. ‘De meeste bewoners weten nauwelijks dat er in het westen van Soedan op grote schaal gevochten wordt, dat er honderdduizenden mensen zijn gedood.’

Daoud Ibrahim Hari was in de zomer van 2006 in Khartoem toen Israël en Hezbollah in het zuiden van Libanon vochten. ‘De inwoners van de stad waren op dat moment geld aan het inzamelen voor de kinderen van Libanon. Toen ik hun vertelde dat er in hun eigen land, in Darfur, in de loop der jaren tienduizenden kinderen waren gedood als gevolg van de oorlog daar, keken ze me ongelovig aan. Ze dachten dat er een klein conflict werd uitgevochten. Wisten zij veel.’

Daarom is het goed, zegt Daoud Hari, dat er nu, het afgelopen weekeinde, in de straten van Khartoem zelf is gevochten. ‘Dat is een grote schok. Sinds de koloniale dagen van de Britten, aan het eind van de 19de eeuw, is er geen grootschalige strijd meer geweest in de straten van de stad. Zelfs tijdens de jarenlange burgeroorlog tussen het noorden en het zuiden is nooit in Khartoem zelf gevochten.’

Daoud Hari (35), afkomstig uit Darfur, is een paar dagen in Nederland om over zijn boek The Translator, dat eind deze maand in vertaling (De Tolk) verschijnt, te praten. Dat fascinerende en vaak gruwelijke boek gaat onder meer over de tijd dat hij als lokale jongeman in Darfur tolkte voor internationale hulporganisaties en voor buitenlandse journalisten.

Tijdens een van die missies in 2006, hij was op pad met Paul Salopek van de National Geographic, werd hij samen met de Amerikaanse verslaggever en een chauffeur uit Tsjaad door het Soedanese leger opgepakt en van spionage beschuldigd.

Meer dan een maand zat het drietal onder erbarmelijke omstandigheden in de kerkers van het bewind van president Omar Al-Bashir. Daoud werd urenlang geslagen en omgekeerd opgehangen. ‘Dat leek in het begin mee te vallen, totdat het voelde alsof mijn hoofd barstte en mijn ogen uit hun kassen sprongen.’

Na tussenkomst van Bill Richardson, gouverneur van New Mexico en onlangs nog Amerikaans presidentskandidaat, werd het drietal vrijgelaten. Na vele omzwervingen woont Daoud momenteel in Baltimore in de Verenigde Staten, maar hij droomt ervan ooit nog naar een ‘vredig’ Darfur te kunnen terugkeren.

Voor het etterende conflict, dat zich al sinds 2003 op zijn geboortegrond voortsleept, ziet hij maar één oplossing. ‘Een stevige internationale, liefst Amerikaans-Europese legermacht, die, om te beginnen, de grens tussen Soedan en Tsjaad afschermt. Een no-fly-zone boven Darfur zou ook helpen. Nu worden er nog steeds bombardementen door de regering uitgevoerd, zoals recentelijk op een school.’

Maar voorlopig ziet hij weinig veranderen. ‘De westerse leiders hebben de mond vol over Darfur, maar actie ondernemen, ho maar. Filmsterren als George Clooney en Mia Farrow, die zich inzetten voor de Darfurianen, doen meer dan al die wereldleiders bij elkaar.’

En dan is er natuurlijk nog China dat druk zou kunnen uitoefenen op Al-Bashir. Daoud zucht. ‘China is slechter voor Afrika dan de koloniale machten van honderd jaar geleden. Mijn continent wordt leeggezogen. China heeft er geen baat bij om van het olierijke Soedan een stabiel land te maken. Nu kunnen ze fijn, ongecontroleerd, hun gang gaan.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden