'Godverdomme. Ypinga. Jij kleine prostitué'

Post op 11 september is nooit gewone post.

Hier volgt een 'extra bulletin', zoals Fred Emmer het zo mooi kon zeggen. Ik was al een aardig eind op weg met mijn 'gewone' column, toen er een pakketje werd bezorgd.

Blijer kun je me niet maken.

Uit het karton rukte ik de Taalklapper 5 te voorschijn, een cursus Nederlands van Die Keure, educatieve uitgaven. Aha. Er zat geen briefje bij waarop stond wie mij deze 'leergang voor het voortgezet onderwijs' deed bekomen, en ook niet: waarom eigenlijk? Aangezien het gisteren 11 september was, een soort Dierendag voor terroristen, dacht ik er maar het ergste van.

Ypinga, mijn literaire stalker

De Yp stuurt me deze cursus Nederlands om nogmaals te laten weten dat hij me een slechte schrijver vindt. In maart schreef ik al een column over deze figuur, dat wil zeggen over een episteltje dat ik van hem mocht ontvangen:

'Peter Buwalda & 'De Bezige Bij': ranzige boter op beschimmeld brood.
Duidelijk zo, onwaardige?
Getekend,
Jan Ypinga'

Dat was toen, te lang geleden om onder normale omstandigheden meteen aan hem te denken. Ware het niet dat Ypinga en ik afgelopen zondag oog in oog stonden. Ik was op Manuscripta, een literaire Uitmarkt, toen er twee mannetjes op me afstapten. Een van hen hield een linnen tasje op waaruit de ander mijn Kellendonklezing haalde. Laatstgenoemde vroeg of ik het boekwerkje wilde signeren.

Waarom niet? Nou, omdat het mannetje zich tot mijn verbijstering bekend maakte zijnde Jan Ypinga - daarom niet. (Ik bekeek hem eens goed, hij deed denken aan Arjen Robben, maar dan met een vettig brilletje en zonder fenomenale versnelling. Niet intensief afgebeuld door Louis van Gaal, maar wel door Gerard Reve, en dat al vanaf de Jeugd, seizoen na seizoen in een lichtarme kelder onder het Geheime Landgoed, wat een talentje.)

'Val dan maar dood', murmelde Ypie, en borg de ongesigneerde Kellendonklezing weer op.

Nu, vier dagen later, dus die Taalklapper 5. Bij nadere bestudering begon ik aan mijn complottheorie te twijfelen. De cursus ging niet over spelling of grammatica (wat natuurlijk heel komisch was geweest van de Yp, ik heb hem nog altijd hoog zitten, hoor), maar over de Nederlandse literatuur. Ik zag lesstof over Maerlant én Arnon Grunberg, over Agatha Christie én Stefan Hertmans. Wacht eens even, dacht ik, het zal toch niet wezen dat ik er in sta? Om de kinderen te onderwijzen over Bonita Avenue? Dat ik de Taalklapper 5 daarom krijg?

Alvast glimmend van trots zette ik het op een zoeken, eerst vluchtig, toen pagina voor pagina. Niets. Oké, nog een keer, aandachtig. Nada.

En ineens wist ik het. Hermans. De registers van W.F. Hermans, natuurlijk. Godverdomme. Ypinga. Jij kleine prostitué. Over Hermans kende ik de anekdote dat hij in zijn essaybundels registers maakte waarin hij voor de grap ook zijn vijanden opnam, jij en jij, op pagina zus en zo, zonder dat ze daadwerkelijk in de tekst voorkwamen. En die minkukels maar bladeren!

Zou de Yp voorspeld hebben dat ik, etc? Zo ja, mijn complimenten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden