Goddelijke waarheid

Onwillige dochters of onvruchtbare echtgenotes van de Russische tsaren werden eeuwenlang verbannen naar dat ene klooster in Moskou. Zij brachten kostbaarheden mee, die werden verwerkt in gebruiksvoorwerpen....

Juwelen konden ze niet meer dragen, de adellijke dames die intraden in het Novodevicij-klooster (het Nieuwe Maagdenklooster) in Moskou, want nonnen tooien zich niet met sieraden. Ze hulden zich in eenvoudige kledij, ze verbleven in kloostercellen, zoals nonnen plegen te doen. Maar in soberheid leefden ze niet.

Op de tentoonstelling Schittering van de Tsaren, in museum Catharijneconvent in Utrecht, is te zien waar die sieraden bleven: in juwelenkistjes, in met parels versierde liturgische gewaden, in de geborduurde boekenlegger met edelstenen, of in de bekleding (de oklad) van de iconen waarvan het Catharijneconvent een imposante verzameling laat zien. Die iconen sierden de wanden van de kloostercellen, die minder cel waren dan riant woonvertrek.

Het Novodevicij-klooster werd gesticht in 1524 en bood vier eeuwen lang onderdak aan vooral adellijke dames: dochters en zusters, weduwes of onvruchtbaar gebleken echtgenotes van tsaren. Lang niet alle vrouwen traden vrijwillig in: regentes Sofia Alekseevna, de halfzuster van tsaar Peter de Grote, werd er opgeborgen toen ze, bij zijn meerderjarigheid in 1689, weigerde de macht aan hem af te staan. Eerder, in 1530, was de eerste tsarina al noodgedwongen ingetreden. Solomonia, de kinderloze echtgenote van tsaar Vasilii de Derde, trok zich uit de wereld terug om het hem mogelijk te maken te hertrouwen en erfgenamen te produceren.

De tsarina's en tsarevna's, zoals de echtgenotes en dochters van tsaren genoemd werden, brachten vele kostbare geschenken mee, waardoor het klooster uitzondelijk rijk werd. Negentig iconen en vijftig andere kunstwerken zijn nu naar Utrecht gehaald, voor een eenmalige tentoonstelling. Tegelijkertijd zijn in het Novodevicij-klooster topstukken te zien uit de collectie van het Catharijneconvent.

Hoogtepunt van de Utrechtse tentoonstelling is de zaal met iconen, sommige los, maar de meesten gerangschikt in (graf)iconostases. De iconostase, een wand met iconen, vormt in de orthodoxe kerk de scheiding tussen het schip en het altaar. Graficonostases worden op het graf geplaatst en brengen de heiligen bijeen die belangrijk waren voor de overledende. In Utrecht zijn vier graficonostases gereconstrueerd met iconen die vaak afkomstig waren uit de privévertrekken van de ontslapene.

Waar iconen, die in de orthodoxe traditie staan voor de heilige zelf, in de kerk vaak door de gelovigen werden aangeraakt en geknuffeld, is dat met de afbeeldingen in het klooster kennelijk nauwelijks gebeurd. Zij verkeren in verbluffend goede staat.

Het vervaardigen van iconen is gebonden aan strenge regels, omdat de icoon immers de weerspiegeling vormt van de goddelijke waarheid. De heiligen moesten eruit zien zoals ze er tijdens hun leven hadden uitgezien, maar in vergeestelijkte vorm - dat leidde ertoe dat exact kopiëren de regel werd, en dat iconen door de eeuwen heen sterk op elkaar bleven lijken. Toch was er, onder invloed van contacten met het Westen, wel een zekere ontwikkeling. Niet alleen werden de heiligen in de loop der tijd wat 'menselijker' afgebeeld, ook vermeldde de kunstenaar een enkele keer zijn naam.

In Utrecht, waar de tentoongestelde iconen vooral uit de 17e en begin 18e eeuw dateren, is een afbeelding te zien van de aartsengel Michaël, gesigneerd door Kirill Ulanov. De beroemde kunstenaar Fjodor Zubov signeerde in 1685 de icoon van de heilige Sofia, waarin hij volgens de overlevering de gelaatstrekken verwerkte van de toen 28-jarige Sofia Alekseevna, nog zo'n inbreuk op de traditie.

Sergij Rozkov schilderde voor de iconostase van het zijaltaar van de kerk van Moeder Gods van Smolensk op het kloosterterrein een Geboorte van Christus met de Moeder Gods zittend op een troon, zoals in het Westen gebruikelijk was. Ook in een andere Geboorte van Christus zijn duidelijk westerse invloeden aanwijsbaar. Niet alleen is ook hier de Moeder Gods zittend in plaats van liggend afgebeeld, ook zijn naturalistische details aanwezig zoals rotsplantjes waarvan de os en het paard (ezels kende men in Rusland niet) eten.

In de graficonostase van Evdokia Alekseevna is een afbeelding van Christus te zien, 'het niet door mensenhanden gemaakte beeld van Jezus Christus Onze Heer de Verlosser op de doek'. Het verhaal daarachter is een rechtvaardiging voor het vervaardigen en vereren van iconen, een praktijk die op eerste gezicht strijdig is met het tweede van de tien Bijbelse geboden: 'Gij zult u geen gesneden beeld maken noch enige gestalte van wat boven in de hemel, noch van wat beneden op de aarde, noch van wat in de wateren onder de aarde is.' Volgens het verhaal krijgt de zieke koning Abgar in Edessa een doek van Christus, die bij het openvouwen diens gelaat laat zien. De vorst geneest en hangt de doek als bescherming aan de stadspoort. Zijn heidense zoon poogt de doek te verwijderen, maar het gezicht van Christus blijft op de stadsmuur achter. Christus staat dus zelf toe dat er te zijner verering duplicaten worden gemaakt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden