Gluren door glas

Eindelijk is er een catalogus met het complete werk van Andries Copier, de grootste glaskunstenaar van Nederland. De mooiste Copier-verzamelingen zijn te vinden bij particulieren. 'Geen mens in de straat weet hoe bijzonder dit is.'

'Elk mens heeft toch als kind bellen geblazen. Die toverij, ik kan me niet poëtischer voorstellen, je geeft adem aan een droom.' Dat zei Andries Dirk Copier (1901-1991) in een interview, zeven jaar voor zijn dood.


Het citaat staat in de onlangs verschenen catalogus Copier Compleet, een vijfhonderd pagina's tellend, rijk geïllustreerd overzicht van werk en leven van de grootste glaskunstenaar die Nederland heeft gekend.


Het idee voor de catalogus ontstond vier jaar geleden. Joan Temminck, chroniqueur van de geschiedenis van de Nationale Glasfabriek Leerdam, en Laurens Geurtz, kleinzoon van Copier, waren beiden van mening dat er nog nooit in boekvorm recht was gedaan aan de veelzijdigheid van Copiers werk. Temminck: 'De meeste mensen kennen vooral zijn glas, maar hij was ook graficus, hij heeft porselein ontworpen en een collectie zilver.'


De likeurkaraf, de kaasstolp en het waterstel. Het Gildeglas, wereldberoemd in elke Nederlandse huiskamer. Serviezen in glas en porselein, vazen en schalen als kunstobjecten zo mooi. Andries Dirk Copier heeft het allemaal gemaakt - eerst in de bijna zes decennia dat hij als (hoofd)ontwerper aan de Glasfabriek Leerdam was verbonden, na zijn pensionering als autonoom kunstenaar samenwerkend met de beste glasblazers van de wereld.


Dat hij als de grootste wordt gezien, ligt volgens Rob Driessen, kunsthistoricus en taxateur, niet alleen aan het feit dat hij zo láng als ontwerper actief is geweest. 'Copier heeft als geen ander de tijdgeest aangevoeld, hij heeft zich steeds opnieuw en tot op hoge leeftijd, technisch vernieuwd. Hij begon met art nouveau ontwerpen, liet zich later beïnvloeden door de Nieuwe Zakelijkheid van mensen als Berlage, om vervolgens, na de oorlog, te gaan experimenteren met decoraties als geknipte metalen figuurtjes in het glas. Hij is bovendien de man geweest die artisticiteit wist te vertalen naar massaproductie en die heel goede mensen om zich heen verzamelde. De glasblazers met wie hij werkte, heeft hij tot grote hoogte gebracht.'


Seriegoed uit de kunstnijverheidscollectie van de jaren twintig heeft een etsstempel van de letters C en L, in spiegelbeeld. Een heel goede pompoenvormige serievaas in oranje of rood kan kostbaarder zijn dan een minder fraaie unica.


Serica zijn te herkennen aan een stempel in de vorm van een driehoek. In unica (ook meervoud als het er maar één is) werd met een diamantstift het jaarletter en een nummer gegraveerd.


Bij twijfel: catalogi erbij halen. Het Nationale Glasmuseum Leerdam houdt ook taxatiedagen.


Anja en Harry Corbijn verzamelen Copier vanaf hun studietijd. Samen met hun kinderen struinen ze de glasveilingen af.


Tegen hun jonge kinderen zeggen ze wel eens gekscherend: 'Als er een glas valt, moet papa huilen.' Anja Corbijn, redactioneel manager bij een communicatiebureau (43): 'Er is gelukkig nog nooit iets gebeurd. Toen ik zwanger was van Laura, de oudste, hebben we aan bevriende verzamelaars gevraagd: hoe doen jullie dat met de kinderen? Die van hen zeiden tegen vriendjes die kwamen spelen: 'Je moet oppassen, want wij hebben kunst.' Zo ver gaat het bij ons niet. Ze mogen alleen niet binnen ballen.'


Als studenten kwamen Harry en Anja veel bij een bevriend kunstenaarsstel aan de gracht in Amsterdam, in een appartement met 'hoogwaardig antiek' en moderne kunst. 'Het was het sfeertje dat ons aantrok', zegt Anja. 'We komen niet uit rijke gezinnen, zijn allebei opgegroeid in de Bijlmer. Ik denk dat we daar op die gracht allebei voor het eerst proefden van de vrijheid en de volwassenheid en van the art of living well. Soms, als we 's avonds op de bank zitten en om ons heen kijken, zeggen we tegen elkaar: 'Dat hebben we leuk gedaan. Alles wat hier staat, hebben we zelf opgebouwd.'


Het verzamelen is een familieding geworden. Met z'n vieren gaan ze geregeld naar een veiling, museum of beurs. 'Papa moet weer een vaas kopen', zeggen de kinderen dan. Bijna altijd zijn ze de jongsten, en de enigen met kinderen. Harry (45), vermogensbeheerder, is de bieder van de twee. Anja: 'Hij kan heel cool and collected wachten tot iedereen is uitgeboden en dan pas toeslaan. Hij heeft een keer uitgelegd dat dat een tactiek is: mensen ontmoedigen om weer opnieuw mee te bieden.'


Twintig jaar verzamelen ze, de laatste jaren voornamelijk Leerdam Unica - behalve van Copier ook van tijdgenoten Chris Lanooy en Chris Lebeau. Van Floris Meydam hebben ze glaswerk uit de jaren vijftig, van Copier unica die bijna zes decennia bestrijken. Anja: 'Mijn voorkeur gaat uit naar modern. Craquelé vind ik een beetje braaf.'


Harry daarentegen zwicht nogal eens voor de vroege unica. 'En als ik helemaal niet over de collectie nadenk, ben ik geneigd werk van Copier uit de jaren zestig te kopen. Daar is weinig van, omdat dat meer het tijdperk was van Floris Meydam.'


Soms vraagt Harry aan Anja of er niet meer lijn moet in de collectie. Ze maken namelijk ook uitstapjes naar keramiek of lampen. Dan zegt Anja: het gaat goed zo. 'Wij gaan voor stukken met een museale kwaliteit, stukken die op zichzelf kunnen staan.' Harry: 'Wat ik zo leuk vind aan onze Copiercollectie, is dat hij bijna zes decennia omvat. Sommige werken uit de jaren tachtig zijn kneitermodern. Copier is zich altijd blijven vernieuwen.'


Op de rommelzolder annex werkkamer staat het kwetsbare glas op de op maat gemaakte boekenkast. Ervoor: een ratjetoe van Playmobil, koffers, sporttassen en verhuisdozen. Anja: 'Natuurlijk vind ik het jammer dat het hier boven staat. We hebben het er al jaren over: moeten we geen groter huis? Maar ja - dan krijgt de verzameling wel de ruimte, maar is er geen geld meer om iets nieuws te kopen. Dat hebben we er nog steeds niet voor over.'


Copier Compleet. Het Oeuvre van A.D. Copier 1901-1991 van Joan Temminck en Laurens Geurtz. Nai Uitgevers. ISBN 978 90 5662 832 1. Tot 30 april 49,50 euro, daarna 59,50.

De kracht van de verzameling van Karel Poels ligt in de serica. Veertig heeft hij er. Hij heeft wel eens mazzeltjes gehad.

Er zijn tijden geweest dat Karel Poels (62), eigenaar van bed and breakfast The Collector in Amsterdam, tegen vrienden zei: 'Gaan we de stad in om een mooie man te versieren of rijden we naar Groningen voor die ene Copier?' Het werd altijd het laatste.


Vijfentwintig jaar geleden is dat alweer. 'Ik handelde zelf nog in glas. Drie, vier keer per week struinde ik rommelmarkten af. Altijd op zoek: naar Copier, of naar Maastrichts glas, naar aardewerk. Verzamelaars zijn een apart volk. Heel fanatiek. Heeft Imca Marina niet een keer gezongen: de jacht is spannender dan de prooi? Zo is het ook met verzamelen.'


'Karel heeft het ouderwets' - dat zegt zijn familie. Stoelen van Gispen, donkerhouten lambrisering, tafels, kasten en lampen uit de tijd van de Amsterdamse School. 'Alles hier komt uit dezelfde periode: tussen 1925 en 1935.'


Als verzamelaar van religieuze kitsch kwam hij begin jaren tachtig op een markt twee glazen tegen, gemerkt door Copier. 'Ik ben ze in een boekje gaan opzoeken en wat ik meteen leuk vond: dat je kon zien uit welke serie het glas kwam, hoeveel er van gemaakt waren en in welke kleuren. Dat wakkerde het gevoel aan om te verzamelen tot je zo'n serie compleet had. Ik heb heel lang in alle catalogi van tentoonstellingen kruisjes gezet bij het glaswerk dat ik had.'


Was het in het begin 'prulwerk', kommetjes en schaaltjes en glaasjes, vrij snel ging Poels over op serica; ontwerpen waarvan er steeds enkele werden gemaakt. 'Dat is mijn kracht geweest. Ik heb mij uitsluitend gericht op de serica en dan ook nog alleen op de eerste 48. De klassieke ontwerpen, met craquelé.'


Veertig serica heeft hij. 'Als ik iets zie en het lacht naar me, dan koop ik het.' Het is een mooie verzameling, zegt hij zelf. 'Kijk nu hoe het licht door die kast valt. Het lijkt net alsof het glas gaat praten.' Hij pakt voorzichtig een kobaltblauwe vaas. 'Voel maar, hoe aards.' Alleen met 'glashanden' mag je aan zijn verzameling komen. 'Die ring van jou, dat kan dus eigenlijk niet.'


Poels weet van elke vaas en schaal van wie hij hem heeft gekocht. Grappig, zegt hij, hoe alle herinneringen bovenkomen. 'Ik heb een keer van een man die de boel wel eens bedonderde, een lichtblauw vaasje gekocht voor 125 gulden. Hij dacht dat het Maastrichts glas was. 's Avonds zat ik hier aan tafel die vaas te bekijken, en ineens dacht ik: wat zie ik nu? Ik pakte het vergrootglas; stond er onder de vaas het driehoekje van Copier, de sericastempel. Die vaas is nu het veelvoud waard en is een van de mooiste items uit mijn collectie.'


Nog zo'n anekdote: 'Ik was nog een groentje en kocht een helderwitte gelobde schaal die als plantenbak fungeerde in een winkeltje bij de Haarlemmerpoort. Honderd gulden bood ik. Die mensen dolblij. Ik ben naar huis gegaan, heb hem aan iemand laten zien en die zei: dat moet een Copier zijn. Later heb ik hem voor 11 duizend gulden verkocht; ik had geld nodig om de woonkamer te stuccen.'


Copier zelf heeft Poels een keer ontmoet, vijf jaar voor zijn dood. 'Hij woonde in een bejaardentehuis in Wassenaar, ik ging langs omdat ik een vaasje wilde laten signeren dat nog ongemerkt was. 'Het is van mij,' zei hij, 'maar ik signeer het niet.' Blijkbaar vond hij het niet mooi genoeg. Bij het weggaan wilde hij me nog wat verkopen. Modern werk. Ik heb maar niet gezegd dat ik daar niet van hield.'


Gertjan en Anja den Hartog verzamelen craquelé van Copier. 11 duizend euro gaven ze uit voor een kobaltblauwe vaas, een unica

.


Gertjan den Hartog (45), computerprogrammeur bij Miele, is wat hij zelf noemt 'een kleintje' onder de verzamelaars van Copier. Niettemin kocht hij vorig jaar twee 'bloedmooie' unica, de F215 uit 1929, een felgele vaas met tinantimoon, en de G307 uit 1930, een paarse kom met blauwe kleurpoeders en craquelé. Een uitzonderlijk jaar was het, qua uitgaven, zegt Den Hartog. 'Voor een unica betaal je al snel een paar duizend euro. We hebben geen auto, geen kinderen en we maken geen verre reizen. Dus ja: alles gaat op aan Copier.'


Thuis bij Gertjan en zijn vrouw Anja, in zo maar een straat in een stadje onder de rook van Utrecht. Wie door het grote raam naar binnen kijkt, ziet het meteen: glaswerk in alle vensterbanken en op de schouw en in het midden van de kamer een vitrinekast uitgelicht met halogeenlampjes en gevuld met prachtige vazen en schalen in geel, blauw, groen en wit. Geen mens in de straat die weet hoe bijzonder dit is. 'De meesten hebben nog nooit van Copier gehoord. Die denken alleen: Gertjan en Anja houden van glas.'


Hij was een van de eersten die de catalogus Copier Compleet in huis had. Het begon met zijn oma, buurvrouw van Andries Copier in Leerdam. Oma had een Leerdam Serica no. 5 uit 1928. Toen ze stierf, erfde Den Hartogs vader de vaas. 'Ik was er gek van. Ik ben meteen naar het Glasmuseum gegaan om meer over Copier te weten te komen. Mijn vader had totaal geen gevoel voor die vaas. Die stond daar gewoon op de grond. Tot hij sneuvelde.'


Zijn eerste aankoop deed hij twintig jaar geleden. Zijn vrouw en hij hadden net een huis gekocht, ze zochten spullen op rommelmarkten om het in te richten. 'Ik zag een wit vaasje, zogenaamd seriegoed dat vroeger bij De Bijenkorf werd verkocht. Het kostte 90 gulden. We hadden een klein boekenkastje omgebouwd. Daar kwam het in.'


Na verloop van tijd ging Den Hartog van seriegoed over op serica. 'Unica waren in die tijd nog te duur voor mij. Copier heeft 73 serica gemaakt, in het begin wilde ik ze allemaal hebben. Maar ja, je ontwikkelt je smaak. Toen ik een unica tegenkwam die wel betaalbaar was, dacht ik: liever dat, dan iets waar er nóg twintig van zijn.'


Den Hartog bouwt al jaren aan zijn collectie op basis van dezelfde criteria. Hij vindt een Copier pas mooi als er craquelé in het glas zit, er licht doorheen valt, als het kleur heeft en vóór 1935 ontworpen is. 'Ik heb één dikwandige vaas van na die tijd en alleen omdat hij zo belachelijk goedkoop was. Maar mooi vind ik hem niet.'


Drie, vier keer per dag checkt hij het internet; eBay, of istdibs.com. De mooiste stukken komen uit Amerika. 'Daar konden ze in de jaren dertig die dure vazen betalen.' De nieuwste aankopen komen altijd op de ereplaats in de vitrinekast, op de bovenste plank. 'Na een tijdje gaan we ermee schuiven. Dat schaaltje op de onderste plank lijkt niet zo bijzonder. Maar zet je hem in het licht, dan zie je ineens al die luchtbelletjes. Dan is-ie zo mooi.'


Zijn grootste unica kocht hij vijf jaar geleden in Amerika, via internet. Een vaas uit 1929, in kobaltblauw. 11 duizend dollar kostte hij. 'Je weet niet wat je ziet als er 's ochtends licht op valt. Ik kan daar nog elke dag van genieten. Net als van die felgele vaas uit 1929. Die gaat hier nooit meer weg.'


EXTRA: Hoe herken ik een Copier?

1Craquelé de hete glasbel aan de blaaspijp verdampt in de oven waar metaaloxide in wordt geblazen. Die oxide slaat neer op het glas, blaas je vervolgens het glas uit, dan breekt dat laagje, en ontstaat craquelé. 2 Tin-antimooncraquelé is een zwart craquelé. Na 1935 mocht dit giftige procedé niet meer worden toegepast.


3 Unica eenmalige ontwerpen. De unica die op de markt het meest opbrengen, dateren van de periode rond 1930 en van de late jaren tachtig. Monumentale unica uit die tijd brengen tussen de 40 en 50 duizend euro op. 4 Serica zijn ontwerpen van unica waarvan er meerdere zijn gemaakt.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden