nieuws politiek

Glunderende minister van Financiën op Verantwoordingsdag: begrotingsoverschot naar 1,1 procent

De Nederlandse overheid gaf vorig jaar voor het tweede opeenvolgende jaar minder uit dan er binnenkwam. Het begrotingsoverschot kwam uit op 1,1 procent, een van de beste financiële resultaten die de overheid ooit realiseerde. In 2016 bedroeg het overschot 0,4 procent. In de Miljoenennota ging het toenmalige kabinet nog uit van een overschot van 0,5 procent over 2017.

Minister Wopke Hoekstra van Financiën gaat met het Financieel Jaarverslag van het Rijk 2017, het Rijksjaarverslag 2017 (de jaarverslagen van alle ministeries) en de Verantwoordingsbrief naar de Tweede Kamer om ze te overhandigen aan voorzitter Khadija Arib.

Minister Wopke Hoekstra van Financiën presenteerde woensdag, op Verantwoordingsdag, glunderend zijn eerste koffertje in de Tweede Kamer. Daarin zat het financiële jaarverslag van het rijk over 2017, een rapport vol blinkende cijfers. 

Verantwoordingsdag - ook wel 'Gehaktdag' genoemd - is ieder jaar op de derde woensdag in mei en is de tegenhanger van Prinsjesdag, de derde dinsdag in september. Op Prinsjesdag presenteert het kabinet zijn plannen en begroting voor het komende jaar; op Verantwoordingsdag wordt duidelijk wat er van die plannen terecht is gekomen en presenteren alle ministeries en het Rijk hun jaarverslagen aan de Tweede Kamer. De Algemene Rekenkamer presenteert diezelfde dag zijn oordeel over de effectiviteit van het gevoerde beleid: is het belastinggeld wel goed uitgegeven?

Hoekstra was, met zijn koffertje met het opschrift 'Derde Woensdag in Mei' in de hand, genereus genoeg om toe te geven dat deze prestatie in het geheel niet aan hem te danken is. Hij zit er immers pas een halfjaar: dit was nog de laatste begroting van het PvdA-VVD-kabinet Rutte II. 

Geen verrassing

Het hoge begrotingsoverschot is geen verrassing; het Centraal Planbureau voorspelde in maart al dat dit 1,1 procent van het bbp zou zijn. De staatsschuld blijkt wel licht hoger uit te vallen dan het CPB in maart voorzag: die bedroeg eind 2017 56,7 procent in plaats van de voorspelde 56,0 procent. Daarmee voldoet Nederland wel voor het eerst sinds de economische crisis aan de Europese begrotingsnorm (maximaal 60 procent van het bbp).

Hoekstra noemde het slechten van die norm ‘een mijlpaal’ en ‘erg goed nieuws’. Het dalen van de staatsschuld met 18 miljard euro scheelt de overheid rentelasten. Die daalden vorig jaar met 3,2 miljard (ook omdat de rentetarieven omlaag gingen, niet alleen door het dalen van de staatsschuld).

Minister Wopke Hoekstra van Financien en Arno Visser, president van de Algemene Rekenkamer, overhandigen het Financieel Jaarverslag van het Rijk 2017 en het Rijksjaarverslag 2017 aan de voorzitter van de Tweede Kamer, Khadija Arib.

Waarschuwing

De CDA’er zou geen echte minister van Financiën zijn als hij niet meteen zou waarschuwen dat een begrotingsoverschot geen reden is om het breed te laten hangen. ‘Zoals bekend bieden resultaten uit verleden geen garanties voor de toekomst. De financiële gevolgen van de Brexit zijn nog moeilijk te voorspellen en internationale ontwikkelingen, zoals de dreiging van een handelsoorlog en militaire spanningen, zorgen voor onrust. Dat dwingt ons de juiste balans te houden tussen geld uitgeven en buffers opbouwen’, aldus Hoekstra in het persbericht van zijn ministerie.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.