InterviewTon Visser

Globetrotter Ton Visser gaat de strijd aan met Kaag: ‘Bij D66 zal in ieder geval niemand me beroven’

Hij was chauffeur voor Alexander Pechtold, sliep op bankjes in New York en ziet als leraar in China nu hoe belangrijk het democratische proces is: Ton Visser (56). Als enige neemt hij het op tegen Sigrid Kaag, de gedoodverfde favoriet om de volgende lijsttrekker van D66 te worden.

Ton Visser zal met Sigrid Kaag strijden om het leiderschap van D66: 'Natuurlijk wordt Kaag het, ik ben niet dom.'

Een tweestrijd met een minister die in de partij op handen wordt gedragen: u bent niet bang aangelegd.

‘Het ergste wat me kan overkomen, is dat ik afga. Nou en? In de profielschets voor de lijsttrekker staat dat ze iemand zoeken die lef heeft. Ik reis al vijftien jaar over de wereld. Ik woon nergens, ik zwerf. Geregeld heb ik op een bankje geslapen in het Central Park in New York. Ik was keibang. Maar ik viel in slaap, en de dag erna werd ik weer wakker. Niks aan de hand. Bij D66 weet ik in ieder geval zeker dat niemand me gaat beroven.’

Met welk werk betaalt u al die wereldreizen?

‘Het klinkt duurder dan het is. Als ik eenmaal ergens ben, leef ik heel goedkoop, op een budget van 15 euro per dag. Dat lukt meestal heel goed, zeker als je af en toe op een bankje in slaap valt.

‘Mijn geld verdiende ik tussen mijn reizen door in Nederland, met taxirijden en losse opdrachten. Voor een taxibedrijf in Roermond was ik mysteryguest: ik deed me voor als klant en maakte aantekeningen van de ritten. Sinds twee jaar ben ik leraar Engels op een privéschool in China.’

Waarom neemt u het op tegen Kaag?

Ik ben al heel lang lid van D66, de partij waarbij ik me thuis voel. Maar we hebben de naam een elitaire partij te zijn, en daar zit wel iets van waarheid in. Ik wil graag dat D66 een bredere partij wordt, met oog voor mensen die niet zoals wij in het leven staan. Mensen die niet hoogopgeleid zijn, of het niet makkelijk in het leven hebben.

‘In mei vorig jaar ben ik naar partijvoorzitter Anne-Marie Spierings gestapt. De strijd leek toen te gaan tussen Sigrid Kaag, Rob Jetten en Kajsa Ollongren. Ik vond dat ook iemand buiten die kring zich kandidaat moest stellen. Spierings moest lachen. ‘Je snapt ook wel dat je het niet wordt.’ Maar dat doet er niet toe, ik heb een verhaal te vertellen.’

Eerder nam u het op tegen partijleiders Thom de Graaf en Alexander Pechtold. 

De strijd met De Graaf in 2002 was een vergissing, ik was nog te jong. Vier jaar geleden heb ik het geprobeerd omdat echt niemand het tegen Alexander durfde op te nemen. Ik was toen een paar keer invalchauffeur voor hem. Toen zei ik tegen hem: Alexander, ik ga m’n vinger opsteken, ik vind dat de partij breder moet worden.

‘Ik vind het belangrijk dat er iets te kiezen is. Hier in China kun je geen politiek bedrijven, maar in ons land is politiek iets van alle mensen. Wij zijn een democratie.’

Heeft D66 niet gezegd: Ton, denk er nog eens over na?

‘Vanuit de partij heeft niemand gezegd: trek je terug. Er hebben wel leden gezegd: Ton, waar begin je aan, hier zitten we niet op te wachten. Dat begrijp ik wel. Het is een verkiezing tussen iemand die het zeker wél wordt en iemand die het zeker níét wordt. Maar opgeven is geen optie.

‘Sigrid Kaag is een buitengewoon goede kandidaat. En natuurlijk wordt zij het, ik ben niet dom. Dúh. Ik hoop alleen dat het verhaal dat ik vertel bij Sigrid belandt.’

Lees ook

Sigrid Kaag is de topkandidaat voor het partijleiderschap van D66. Bewonderaars zien in haar de eerste vrouwelijke premier, sceptici denken dat de verwachtingen te hooggespannen zijn. Wie is zij?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden