Glerum speelt ook verrukkelijk op de piano

Als je dinsdagavond op een willekeurig tijdstip de Amsterdamse jazzclub Pompoen rondkeek, zag je alleen maar mensen met een brede grijns op hun gezicht....

Koen Schouten

Met het trio van Ernst Glerum, cellist Ernst Reijseger en drummer Owen Hart zet Pompoen voor de tweede week achtereen - na vorige week het Jeffrey Bruinsma Syndicaat - een bijzondere topformatie neer. En dat midden in de zomer, wanneer er in heel Nederland op jazzgebied niets te beleven valt.

Ernst Glerum is een van de meest gevraagde en gewaardeerde improvisatie-contrabassisten van Nederland. Dat hij ook piano speelt weten maar weinigen. Heel zelden duikt hij op achter de toetsen bij een sessie of in een gelegenheidsgroepje, low-profile schuilgaand onder een petje dat hij bij het basspelen nooit draagt. Het is of Glerum over zijn pianospel een beetje verlegen is. Dat is helemaal niet nodig.

Ernst Glerum is een heerlijke pianist. Zijn spel draait niet om virtuositeit maar om goede ideeën en lekkere klanken. De geest van Thelonious Monk en Duke Ellington waait uit zijn vleugel. Een beetje smerig klinkt hij, zoals in bluesy eigen stukken, of in een knallende uitvoering van Ellingtons Caravan. Alle kwaliteiten die Glerum zo'n goede bassist maken spreidt hij ook tentoon als pianist. Zoals zijn feilloze vermogen tot haarscherp samenspel.

Ook Owen Hart blinkt daarin uit. De New Yorkse drummer woont nu een klein jaar in Nederland, nadat hij door bassist Joris Teepe naar ons land is gehaald om les te geven aan het Conservatorium van Groningen. Hart viel eerder op door zijn stuwende en creatieve spel in verschillende min-of-meer-mainstream gelegenheidsformaties. Hij is een aanwinst voor de Nederlandse jazzscene. Maar in dit open en flexibele trio lijkt Harts talent pas echt tot uiting te komen.

Owen Hart is een reuze betrouwbare motor, maar hij is nooit alleen begeleider. Veelvuldig doorspekt hij zijn stuwingswerkzaamheden met verrassend commentaar en met heldere en laconieke invallen. Hij voedt zijn medemusici met minstens zo veel materiaal als zij hem, wat dit trio uitzonderlijk homogeen maakt.

Wat kun je nog zeggen over Reijseger dan dat hij een fantastisch improvisator is en dat hij eigenlijk veel te weinig in Nederland te horen is? Hij groeit nog steeds als 'bassist' op zijn cello en met de talrijke geluiden die hij uit zijn instrument haalt, is hij de ideale kameleon die de muziek steeds precies geeft wat zij kan gebruiken. Hij speelt alleen vanavond nog mee, vrijdag en zaterdag wordt hij vervangen door bassist Jacko Schoonderwoerd.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden