Giro d'Italia komt met controversiële prijs; wie is de snelste daler?

Afdalingen in grote wielerkoersen staan garant voor spektakel, maar zijn zelden zonder gevaar. Toch komt Giro d'Italia dit jaar voor het eerst met een controversiële prijs: beste daler. Is dit erkenning voor vakmanschap, of het uitlokken van onnodige risico's?

De Italiaanse wielrenner Vincenzo Nibali tijdens de Giro di Lombardia in 2015.Beeld afp

Waaghalzen in het peloton kunnen in de Italiaanse wielerronde, waarvan de honderdste editie vrijdag van start gaat op Sardinië, vijfhonderd euro verdienen door als snelste naar beneden te rijden in een van de tien geselecteerde afdalingen. Punten worden in deze ritten toegekend aan de vijf snelste dalers. De winnaar van het eindklassement kan nog eens vijfduizend euro tegemoet zien.

Memorabele afdalingen, zoals de overwinning van Vincenzo Nibali in de Ronde van Lombardije in 2015, geven de sport extra allure en kunnen rekenen op ontzag van liefhebbers. Niet elke professionele wielrenner verstaat echter de kunst om op topsnelheid van een bergtop te slingeren.

De afdaling van Vincenzo Nibali. Tekst gaat verder onder de video.

De internationale rennersvakbond CPA ziet geen heil in het plan, en gaat dinsdag om de tafel met Giro-organisator RCS Sport. Bobby Traksel, voorzitter van de Nederlandse wielrennersvakbond: 'Het is onzin om zoiets in te voeren. Afdalen is al gevaarlijk genoeg.' Traksel was goed bevriend met Wouter Weylandt, de Belgische wielrenner die in 2011 verongelukte tijdens een afdaling in de Giro.

Traksel snapt dat organisatoren op zoek zijn naar manieren om geld te verdienen door spektakel te stimuleren, maar vindt dat dat nu over de rug van middelmatige renners gebeurt. 'Want voor hen is dit een interessante kans om zich in de kijker te spelen en eventueel een contract te verdienen. Toprenners als Nibali hebben dit niet nodig.'

De prijs is bedoeld voor de snelste renner en dus niet perse de eerste die aankomt: in theorie kan de laatste renner uit het klassement het hardst afdalen. Transponders onder de zadels meten de individuele dalingstijden. Deze sensors houden onder andere al de snelheid en gps-locatie van wielrenners bij en kunnen nu voor het nieuwe dalingsklassement worden gebruikt.

Oud-wielrenner Rini Wagtmans is wel een voorstander van het initiatief. De drievoudig Touretappewinnaar maakte tussen 1968 en 1972 furore als de beste daler van het peloton. 'Ik vind het een geweldige opsteker. Net als sprinten en klimmen is ook dit een kunst. Iemand die goed kan dalen verdient een beloning voor de kennis en kunde die hij verworven heeft.'

Bovendien stimuleert het de profs om nog meer research te doen naar de parcours. Wagtmans: 'De meesten verkennen alleen de beklimmingen, maar dat hoef je eigenlijk minder te doen. In de klim moet je de vorm en de conditie hebben om mee te kunnen. In afdalingen kun je corrigeren, ook als je niet in goede doen bent.'

Met de kritiek op het besluit kan Wagtmans niet zoveel. 'Als je denkt dat het te gevaarlijk voor je is, dan moet je ervoor passen. In sprintetappes zijn het ook de aangewezen en bewezen topsprinters die zich voorin melden.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden