Gezellig naar de mammobiel

Jaarlijks worden ruim achthonderdduizend vrouwen boven de vijftig jaar onderzocht op borstkanker. Ook allochtonen komen inmiddels in groten getale naar de mammobiel....

Gemompel, zenuwachtig geschuifel en een kort, zacht gezoem is hoorbaar in de mammabus, gevolgd door de kopieermachine-achtige geluiden van de automatische foto-ontwikkelaar. Drie minuten later wordt de röntgenfoto van een borst kordaat tegen een lichtbak geplakt. Op de foto lopen witte draden door de borst, als aders door blauwe kaas. 'Dat is melkklierweefsel', legt Karin Sikkens uit, ze is röntgenlaborante in één van de mobiele screeningseenheden van het bevolkingsonderzoek borstkanker (BOB).

Vandaag staat hun eenheid, mammobiel of mammabus, bij het Waterlooplein in Amsterdam. Van buiten ziet hij eruit als een flinke stacaravan. Van binnen oogt hij als een mini-ziekenhuisje, compleet met kleedkamersluisjes en de geur van ontsmettingsmidel. Drie laborantes bewegen doelgericht heen en weer in de beperkte ruimte.

Per dag loodsen zij zestig tot zeventig vrouwen naar het röntgenapparaat. De 'tietenklem' wordt het ding ook wel genoemd, omdat de borst platgedrukt wordt tussen twee platen. Voor sommige vrouwen is dat pijnlijk, maar het is de enige manier om een goede foto te maken.

Gelukkig is één foto per borst vaak al genoeg. 'Maar hoe meer melkklierweefsel een borst bevat, hoe moeilijker afwijkingen te zien zijn op een foto,' zegt Sikkens. Bij borsten met veel klierweefsel is daarom vaak een tweede foto uit een andere richting nodig. De borsten van vrouwen beneden de vijfig jaar bevatten zelfs zo veel klierweefsel dat een foto maken bijna zinloos is. Die worden dan ook niet gescreend in het BOB. Ze komen via hun huisarts bij het ziekenhuis terecht.

Wel uitgenodigd worden alle officieel in Nederland woonachtige vrouwen tussen de 50 en 75 jaar. Elke twee jaar krijgen zij per dorp of wijk een uitnodiging voor een gratis bezoekje aan de mammabus. Hoeveel vrouwen ook werkelijk op komen dagen, hangt onder meer af van waar de mammobiel staat, maar gemiddeld komt 80 procent. Op het platteland is de opkomst enorm hoog. 'Bijvoorbeeld in Monnickendam en Marken komen ze met de hele straat tegelijk, ook omdat ze dat gezelliger vinden', zegt laborante Marina Braun. 'Misschien is de sociale controle op het platteland groter dan in de stad.'

In de steden is het opkomstpercentage vaak beneden gemiddeld; in de armere wijken daalt het soms tot 50 procent. Ook in wijken met veel allochtonen kan de opkomst minder dan gemiddeld zijn, alhoewel dat volgens de laborantes in de mammabus te Amsterdam sterk aan het bijtrekken is. 'Het BOB is inmiddels ook onder allochtone vrouwen bekend', zegt Braun. En om de drempel voor deelname aan het BOB zo laag mogelijk te maken, werken er alleen vrouwen in de mammabus. 'Soms komt de echtgenoot mee om dat te controleren. Als ze zien dat hier inderdaad alleen vrouwen aan het werk zijn, is het meestal goed verder.'

De gang naar de bus mag dan voor sommige vrouwen al een hele stap zijn, nog veel spannender is het wachten op de uitslag. Dat duurt namelijk twee weken. In de bus bekijken de laborantes de gemaakte foto's meteen op technische fouten. Als er echt iets aan de hand is, zien ze dat uiteraard wel, maar een diagnose stellen mogen ze niet. Daarvoor worden de foto's doorgestuurd naar het ziekenhuis.

Daar bekijken twee radiologen onafhankelijk van elkaar elke foto. Als de radiologen het niet helemaal met elkaar eens zijn, wordt er een derde collega bij gehaald. 'Pas als de foto's van alle vrouwen die op één dag zijn gescreend ook zijn beoordeeld, worden alle uitslagen verstuurd', zegt laborante Annemarie de Vries. 'Om te voorkomen dat vrouwen uit dezelfde straat bij elkaar op de koffie gaan en ongerust worden als de uitslag bij de een al wel binnen is en bij de ander nog niet.'

Die uitslag meldt de vondst van een verdachte afwijking bij ongeveer 1 procent van de ruim achthonderdduizend vrouwen die jaarlijks worden gescreend. Deze vrouwen worden doorgestuurd naar de huisarts. In het ziekenhuis kan met vergrotingsmammografie, echografie en punctie gekeken worden of de afwijking kwaadaardig is. In de praktijk blijkt dat bij ongeveer de helft van de vrouwen het geval. Een derde van deze vrouwen, bij wie de kanker door het BOB vroegtijdig ontdekt wordt, wordt daadwerkelijk gered door de vroege diagnose. Jaarlijks zijn dat 700 tot 800 vrouwen.

Het BOB redt dus vrouwen, maar stuurt ook vrouwen onnodig het medische circuit in. 'Dat wil je natuurlijk zoveel mogelijk voorkomen', zegt De Vries. 'Het is daarom heel belangrijk dat de röntgenfoto's van goede kwaliteit zijn.' De mammabussen zijn daarom met gevoelige apparatuur en kundig personeel uitgerust. De foto's die uit de Nederlandse bussen komen zijn over het algemeen beter dan de foto's die in de meeste ziekenhuizen worden gemaakt, beaamt radioloog Jan Hendriks, van het Radboud-ziekenhuis in Nijmegen. Hij is een van de grondleggers van het BOB.

In de jaren zeventig begonnen ziekenhuizen in Nijmegen en Utrecht met een proefscreening op borstkanker. Deze onderzoeken voorspelden een daling in de sterfte door borstkanker van 30 procent. Deze studies vormden in 1987 mede de basis voor het besluit van de Gezondheidraad om het BOB nationaal in te voeren.

Negen regionale kankerpreventie-organisaties voeren de screening sindsdien uit. Dat gebeurt buiten de reguliere gezondheidszorg om, in bussen of afgehuurde ruimtes in ziekenhuizen. De kosten van de screening, ongeveer 45 euro per vrouw (totaal 36 miljoen per jaar), worden gedekt door de AWBZ.

Sinds 1996 rijden de mammabussen in heel Nederland. In de toekomst ziet Hendriks de Breast Centres in Engeland en Zweden als voorbeeld. Deze bij ziekenhuizen aangesloten centra brengen röntgenlaboranten, radiologen, pathologen en behandelend artsen samen onder één dak.

'Er mag best kritiek zijn op de borstkankerscreening', zegt Hendriks. Met de screening voor TBC zijn we immers ook te lang doorgegaan. Maar doordat het gemiddeld acht jaar duurt voordat patiënten met borstkanker sterven, zal pas in 2004 het maximale effect van de nationale screening - die in 1996 begon - op de sterfte door borstkanker te zien zijn. Daarom richten we ons nu vooral op de kwaliteit van de screening. Goede foto's, en goede radiologen en pathologen, daar gaat het om.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden