Gezel in hoog spel

Ze zijn jong, lopen stage en spelen de hoofdrol. Is dat een handige bezuinigingsmaatregel of bittere noodzaak?

Voor toneelschoolstudenten is de stage een vast onderdeel van de opleiding. De aankomende acteurs doen ervaring op bij grote of kleinere gezelschappen. Daar staan ze zes dagen per week op het podium, spelen voor een groot publiek en werken met grote acteurs. Mede door de crisis en bezuinigingen in de culturele sector is de stage voor een toneelschoolstudent in de loop der jaren veranderd. Waar studenten vroeger mochten toekijken in plaats van 'meespelen', is een stagiair met een hoofdrol nu geen uitzondering.


Artistiek leider van de toneelschool in Utrecht, Harm van Geel, herinnert zich nog hoe hij als stagiair een klein rolletje had bij theater de Paardenkathedraal. Hij was onderdeel van het koor, niet meer dan een figurantenrol. Van Geel studeerde in 1995 af aan de school waar hij nu leiding geeft: 'Toen was een stage helemaal niet zo vanzelfsprekend. Op sommige toneelscholen was het niet eens onderdeel van het lesprogramma.'


Ruut Weissman, artistiek leider van de Amsterdamse Toneelschool en Kleinkunstacademie, noemt de stage 'een onmisbaar deel van de opleiding.' Zijn studenten komen gemakkelijk aan een stage. Gezelschappen komen bij hem met de beschikbare rol en Weissman stuurt geschikte studenten naar de auditie: 'Vroeger maakte ik me soms zorgen of alle studenten een stageplek zouden vinden. Nu lopen ze vaak meerdere stages achter elkaar.'


De leerzame aanvulling op het lesprogramma is niet de enige reden dat we in de loop van de jaren stagiairs op prominente plekken in toneelstukken zien. Ook de crisis en bezuinigingen zijn volgens Weissman van invloed: 'Ik zie vrije producenten die stagiairs gebruiken om de begroting rond te krijgen. Op zich is dat geen probleem, maar ze denken niet altijd in het belang van de student. Voor sommige voorstellingen wordt bijvoorbeeld al anderhalf jaar van te voren gecast. Een student voelt zich vereerd en neemt de rol aan. Maar de ontwikkeling die in anderhalf jaar wordt gemaakt, is groot en soms past een rol niet meer. Misschien heeft de student inmiddels meer in zijn mars, of wil hij een andere kant op in de theaterwereld.'


Arjen Stuurman, mede-eigenaar van Theaterbureau Hummelinck Stuurman, neemt al jaren elk seizoen studenten aan. Producties mét stagiairs dienen volgens de theatermaker twee doelen: 'Ik vind dat wij een verantwoordelijkheid hebben om studenten te laten leren en een carrière te beginnen. Daarnaast hebben wij door deze goedkope krachten de mogelijkheid grotere producties te maken. Vorig seizoen maakten wij de voorstelling De kleine zielen met veertien acteurs. Vier van hen liepen stage. Die hadden we zonder hen niet kunnen maken.'


Of de crisis en kleinere budgetten blijvend voor een ruim stageaanbod zorgen, betwijfelt artistiek leider Van Geel: 'Ik zie gezelschappen nu vaker voor de veilige weg kiezen. Dat is te merken aan de hoeveelheid voorstellingen die in reprise worden genomen. Als dat doorzet, komt er geen ruimte vrij voor stagiairs.'


Eva Heijnen, vierdejaars aan de Toneelschool Arnhem.


Speelt 81 keer Casanova van toneelgroep de Appel. De voorstelling is nog te zien tot en met 31 mei 2014.


'Acteren is ook gewoon werk. En daar heb je tijdens een rotdag weleens geen zin in. Dat heeft mij zeer verbaasd. Op school speelden we voorstellingen nooit vaker dan een keer of vier, je stond iedere keer te stuiteren. Deze voorstelling spelen we 81 keer. Dan valt die spanning voor een deel weg. Toen dat voor het eerst gebeurde, dacht ik dat er iets mis was. Ben ik wel scherp genoeg?


Om te voorkomen dat ik die scherpte zou kwijtraken, dronk ik energiedrank en cola. Tot ik besefte dat dat niet erg is, maar juist goed. Door het wegvallen van die zenuwen ontstaat er ruimte om de scènes te perfectioneren. Met wat minder spanning kun je letten op details en daar wordt de voorstelling beter van.'


Toch vind ik het een boeiend onderwerp: zo vaak dezelfde voorstelling spelen. Daarom ga ik mijn scriptie schrijven over de herhaalbaarheid in het theater. Waarmee kun je stoeien? Hoe lang blijft iets fris? Super interessant, als je het mij vraagt.'


Lauranne Paulissen (22), vierdejaars dramastudent aan het Koninklijk Conservatorium Antwerpen. Speelde dertien keer een hoofdrol in Bloedbruiloft van Toneelgroep Amsterdam en Frascati.


'Toen ik auditie voor deze stage deed, wist ik niet dat het om zo'n grote rol ging. Pas toen ik was aangenomen, bleek ik de hoofdrol te hebben. Dat beïnvloedde nauwelijks de onderlinge verhoudingen. De stage was niet altijd gemakkelijk, ik moest wennen aan de aanpak van regisseur Julie van den Berghe, die was heel anders dan op school. Op sommige gebieden was ik een leek.


Door deze rol kreeg ik voor het eerst te maken met recensies. Ik was bang dat recensenten zouden schrijven dat de regisseur een ander had moeten kiezen. Uiteindelijk zaten er minder goede recensies bij. Ook al waren ze niet negatief over mij, je trekt je alle kritiek aan. Het is een risico voor een gezelschap om zo'n grote rol aan een stagiair te geven. Helaas regent het nog geen aanbiedingen, maar belangrijke mensen hebben mij zien spelen. Ik hoop dat ze me een keer bellen voor een rol.'


lauranne Paulissen (22)


eva heijnen (22)


Tim Teunissen (21), vierdejaars aan de Amsterdamse Toneelschool & Kleinkunstacademie.


Speelt 67 keer de voorstelling Afterparty van Theaterbureau Hummelinck Stuurman. De voorstelling is nog te zien tot en met 11 mei 2014.


'Ik speel Afterparty met drie ervaren actrices, maar ik voel me geen stagiair. De klassieke theaterstagiair mocht derde wachter zijn in Hamlet. Dat betekende helemaal niets doen op het podium. Die tijden zijn gelukkig voorbij. Hier hangt een goede sfeer en ik leer veel van mijn collega's.


Dat neemt niet weg dat ik soms onder de indruk ben. Als je op school een monoloog krijgt, is dat echt een 'ding'. Die ga je eerst eindeloos analyseren en honderd keer oefenen. Tijdens het repetitieproces voor Afterparty werd aan Renée Fokker gevraagd of ze de volgende dag meteen de monoloog kon doen. Die 'gooit' ze er dan in een keer perfect uit.


Ik hoor van oudere acteurs dat wij stagiairs lastig voor ze zijn. Wij nemen plekken in die voor hen interessant zijn, maar we kosten minder.'


Tim teunissen (21)


Vierdejaars dramastudent aan het Koninklijk Conservatorium Antwerpen Lauranne Paulussen blikt terug op haar hoofdrol in Bloedbruiloft van Toneelgroep Amsterdam en Frascati.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden