GEWELD IN AFRIKA Stropers met kalasjnikovs

BIJ DE executieplaats van Freetown, hoofdstad van Sierra Leone, had zich op 19 oktober een grote menigte gevormd. Er stonden 24 palen in de grond met 24 blauw geschilderde olievaten....

De schutters misten alleen de enige vrouw aan een paal in een groene jurk, majoor Kula Samba. Een militair van de vredesmacht wees de executeurs op hun plicht. Bij het tweede salvo werd de vrouw in het hoofd getroffen.

In het blad West Africa staat een ooggetuigeverslag. Het heeft een vervreemdend effect. De 24 waren ter dood veroordeeld wegens deelname aan de coup van jonge militairen op 25 mei 1997. President Ahmad Tejan Kabbah had hun vonnissen getekend. Kabbah is een democratisch gekozen president.

Het was geen wraak, zei hij tot zijn volk, maar een afschrikwekkend voorbeeld voor al diegenen die Sierra Leone opnieuw willen storten in 'anarchie en trauma'. Hij doelde op de negen maanden dat de jonge soldaten en de rebellen met wie zij een verbond hadden gesloten aan de macht waren. De Nigeriaanse soldaten van de vredesmacht Ecomog maakten in februari vorig jaar een eind aan dat bewind en brachten Kabbah terug naar Freetown.

Deze week drongen de rebellen van het Revolutionair Verenigd Front (RUF) de hoofdstad opnieuw binnen. Ze willen hun leider, Foday Sankoh, bevrijden. Die werd op 23 oktober ter dood veroordeeld en zit gevangen in Freetown. Zijn manschappen rukten daarna op in het noorden en oosten van het land. Er kwamen steeds vaker berichten van gruwelijke slachtpartijen onder de burgerbevolking. Veel slachtoffers werden verminkt. Eind december naderden de RUF-strijders Freetown. Nigeria stuurde in paniek versterkingen, tevergeefs. Kabbah moest vanuit zijn schuilplaats een bestand sluiten en beloofde Sankoh te laten gaan.

En zo tolt de cyclus van het geweld rond. De vrije verkiezingen - dé hoop van de Afrikanen aan het begin van de jaren negentig - hebben het geweld niet kunnen voorkomen. Grote delen van het continent zijn ten prooi gevallen aan losgeslagen benden jongeren, kinderen vaak nog, onder leiding van gewetenloze leiders op jacht naar macht en de rijkdommen van de staat.

Het geweld is een eigen leven gaan leiden. Ideologieën spelen bijna geen rol meer. In Angola is de strijd voor de zoveelste keer opgelaaid. Vroeger leek het te gaan om marxisten (de regering) tegen de bondgenoten van het Westen (Savimbi's Unita), nu alleen om macht, diamanten en olie. Vroeger leverde de bevriende supermacht de wapens, nu bloeit de internationale particuliere wapenhandel.

Nooit zijn er zoveel wapens uit zoveel delen van de wereld naar Afrika gestroomd als nu, schrijft het blad New African deze maand. In Zuid-Afrika is een keur aan particuliere bedrijven ontstaan, die wapens leveren, of huurlingen, of 'veiligheidsadviseurs'.

De VS leveren wapens aan de eenheden die zij trainen in het kader van 'ontwikkelingshulp'. Belgische en Franse wapens vinden nog altijd hun weg naar gewapende groepen die door midden-Afrika trekken. Nog eenvoudiger is het aankopen van wapens uit het voormalig Oostblok, waar een grote overproductie is.

En dan bloeit er in enkele Afrikaanse staten (naast Zuid-Afrika) een wapenindustrie op, zoals in Uganda en Zimbabwe (de Congolese president Kabila is een grote klant, een van de redenen waarom Zimbabwe hem te hulp kwam in zijn strijd met de rebellen).

De gevolgen van de wapentoevloed zijn verschrikkelijk. In het relatief rustige land Tanzania blijken stropers in wildparken opeens uitgerust met kalasjnikovs. De helft van het Serengeti-park is door de regering tot onveilig gebied verklaard. Armlastige regeringen leggen het af tegen de oprukkende misdaadbenden. De politie trekt zich terug, de burgers nemen het heft in eigen hand. In Tanzania worden steeds vaker dieven door omstanders met een autoband in brand gestoken.

Vooral jongeren treden toe tot de georganiseerde misdaad, zoals de benden die toeristen overvallen in Kenia, of de tot als bevrijdingsbeweging vermomde plunderbenden. In Liberia heerst nu de leider van een meedogenloze strijdgroep (moorden, verkrachten, plunderen toegestaan), Charles Taylor. Kabila leidde vroeger een smokkelaarsgroep.

De westerse regeringen, die na de omwenteling in Moskou dachten de handen vrij te hebben in Afrika, weten zich geen raad met het geweld. Ze propageren het 'goed landsbestuur', terwijl de leiders zich geconfronteerd zien met een toenemende chaos. Dat leidt tot ongemakkelijke toestanden. Zo heeft Groot-Brittannië een speciale band met Sierra Leone en stopte er dertig miljoen pond hulp in. De betrokkenheid bij een particulier 'veiligheidsbureau', Sandline, ingehuurd door Kabbah, werd echter een schandaal. En Londen schrok zich dood van Kabbah's executies.

Het westen heeft de chaos mee helpen veroorzaken. Niet alleen door het leveren van wapens, maar ook door economisch beleid op te leggen dat de afbraak van de burgersamenleving tot gevolg blijkt te hebben. De staat moest krimpen. De elite hield de eigen inkomsten op peil en ruïneerde de overheid. De onderbetaalde politie ging in de misdaad, het leger ging muiten, de ambtenarij werd een afpersingsinstituut. Het onderwijs is het grootste slachtoffer. Het aantal leerlingen daalt. De kwaliteit van het onderwijs daalt. Zo groeit een losgeslagen generatie, zonder perspectief.

Wim Bossema

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden