EssayLockdown in Frankrijk

Gevoelsmatig is Frankrijk veranderd in een politiestaat

Kinderen van ouders die in de zorg werken lunchen bij de privéschool Eugene Napoleon Saint-Pierre Fourier.Beeld AFP

Zodra correspondent Daan Kool de straat op gaat, wordt hij, vaak willekeurig, gecontroleerd. Hoe kan het dat uitgerekend het land van de verlichting de vrijheid zo radicaal heeft ingeperkt?

‘En dit noemt u een geldige verklaring?’ De agent keek me bijna spottend aan. ‘Geef dat papiertje maar eens’, beval hij. Ik overhandigde hem mijn attestation de déplacement dérogatoire, een ondertekend formulier dat iedereen die zich in Frankrijk buitenshuis begeeft bij zich moet hebben.

‘Voor mij is dit niet geldig’, zei de politieman zonder me aan te kijken. Tegen een collega: ‘Wat vind jij hiervan?’ De andere agent bekeek het briefje en schudde zijn hoofd. ‘U bent in overtreding’, zei de eerste. ‘Waar is uw identiteitsbewijs?’

Op 16 maart verordonneerde president Emmanuel Macron de Fransen hun contacten en verplaatsingen tot het ‘strikt noodzakelijke’ te beperken. ‘Bijeenkomsten met familie of vrienden zijn niet langer toegestaan’, zei Macron. ‘Wandelen, je vrienden ontmoeten in het park of op straat, dat is niet meer mogelijk.’ Een dag later, op dinsdag 17 maart om klokslag 12 uur, was de confinement van de Fransen een feit. Opsluiting, luidt de letterlijke vertaling.

Iedereen die zijn huis verlaat is sindsdien in overtreding, tenzij hij daar een legitieme reden voor heeft. Wie werk doet dat niet vanuit huis kan worden verricht, mag de deur uit, net als bijvoorbeeld mensen die een medische behandeling moeten ondergaan of ondersteuning bieden aan een hulpbehoevend familielid. Maar de meeste Fransen komen nog maar om twee redenen buiten: voor de noodzakelijke boodschappen en om de benen te strekken. Maximaal een uur per dag, binnen een kilometer van huis.

Meer dan honderdduizend agenten zorgen ervoor dat de confinement wordt nageleefd. Iedereen die niet over een geldige reden en een correct ingevuld formulier beschikt, krijgt een boete van 135 euro. Minister van Binnenlandse Zaken Christophe Castaner geeft om de zoveel tijd met nauwelijks verholen trots de tussenstand van het totale aantal uitgeschreven boetes. Het zijn er inmiddels bijna een miljoen.

‘Nog nooit in de geschiedenis van ons land hebben we een dergelijke situatie meegemaakt’, zei premier Édouard Philippe. ‘Niet tijdens oorlogen, niet tijdens de bezetting.’ Wie de lockdown binnen een maand tijd meer dan drie keer schendt, begaat een misdrijf waarop een gevangenisstraf staat. De Franse maatregelen behoren tot ‘de strengste van Europa’, verklaarde Castaner.

Hoe kan het dat uitgerekend Frankrijk – het land van verlichtingsdenkers als Rousseau en Montesquieu, het land waar de individuele vrijheid al in 1789 werd vastgelegd in de Verklaring van de rechten van de mens en de burger – is overgegaan tot een van de radicaalste vrijheidsbeperkingen ooit in een democratische rechtsstaat?

Liberté, égalité, fraternité. Niet voor niets komt vrijheid als eerste in de heilige drie-eenheid van de Franse Republiek. Vrijheid is het meest fundamentele begrip van wat we de westerse wereld noemen. Het is wat ons onderscheidt van autocratisch geregeerde samenlevingen elders.

Althans, zo voelde dat tot voor kort. Want nu blijkt die vrijheid zomaar on hold te kunnen worden gezet. Wat de Franse regering tijdelijk aan banden heeft gelegd, is bovendien de meest elementaire en zichtbare vrijheid van allemaal: la liberté de circulation, de vrijheid van beweging. La liberté d’aller et venir, zeggen de Fransen ook wel. Vrij vertaald: de vrijheid om te gaan en staan waar je wilt.

Beperkender

Toen de confinement net was ingegaan, kon je je attest om buiten te komen nog online invullen en op je smartphone laten zien. Na een paar dagen mocht dat niet meer. De verklaring moet op papier staan, zei Castaner. Wie thuis geen printer heeft staan, moet haar overschrijven.

Een papieren verklaring was beter voor de bescherming van de privacygevoelige gegevens van de Fransen en voor de gezondheid van de controlerende agenten, was de redenering. Die telefoons zijn immers broeinesten van ziektekiemen. Maar bovenal, zei Castaner, ‘gaat het er niet om het leven van de Fransen zo gemakkelijk mogelijk te maken’. Een schriftelijke verklaring is ‘beperkender’, en dat is precies de bedoeling, aldus de minister.

Maar toen ik op een woensdagochtend op weg naar de supermarkt tegen een politiecontrole aanliep, bleek het geschreven papiertje dat ik bij me droeg niet voldoende. Ik had namelijk de hele verklaring moeten overschrijven, woord voor woord, zei de agent nadat hij een minuut of twee naar mijn paspoort had staan turen. Dus niet alleen de reden die ik zou hebben aangekruist als ik de verklaring had kunnen uitprinten, nee, ook de andere redenen, die niet op mij van toepassing waren. 382 woorden, volgens mijn tekstverwerker.

‘Voor deze keer matsen we u’, zei de agent. ‘U gaat nu linea recta terug naar huis. De volgende keer krijgt u een boete.’

Op 23 maart riep de Franse regering met instemming van het parlement de medische noodtoestand uit. Daarmee werd de opsluiting van de Fransen ook juridisch bezegeld. Zonder tussenkomst van het parlement, dat zichzelf met het oog op een efficiënte crisisbestrijding tijdelijk buitenspel heeft gezet, kan de regering de vrijheid van burgers per decreet radicaal inperken.

Het ‘uitzonderingsrecht’ dat in het kader van de medische noodtoestand is ingevoerd, geeft extra bevoegdheden aan de politie. Normaliter mogen politieagenten alleen iemand controleren als er een gegrond vermoeden bestaat dat diegene de wet overtreedt. Dat is komen te vervallen: agenten mogen nu controleren wie ze maar willen. Iedereen is een potentiële overtreder.

In de banlieues zijn ze al langer bekend met die voortdurende argwaan van de autoriteiten, maar voor de meeste inwoners van Frankrijk is het een nieuwe gewaarwording.

Toen ik op reportage was op een Afrikaanse markt in het noorden van Parijs, werd ik maar liefst vier keer gecontroleerd, door politieagenten die machinegeweren droegen. Een vrouw zonder geldige verklaring werd, toen ze keer op keer de discussie met de agenten bleef aangaan, hardhandig tegen de grond gewerkt en afgevoerd in een politiebusje.

Tijdens een andere reportage kwam er, toen ik even stond te overleggen met de fotograaf, een politieauto met gillende sirene op ons afrijden. Perskaart, attest en paspoort waren niet genoeg: ik moest precies uitleggen waarom we daar waren en met wie we een afspraak hadden. Waarom die sirene aan moest, bleef onduidelijk.

Ook privé kreeg ik de politie op mijn dak. Op een zaterdagmorgen zat ik met mijn vriendin op een bankje in de zon, een paar straten van mijn huis, toen een auto voor onze neus stopte. Politie, bleek pas toen het raampje openging. ‘Wat zijn we aan het doen?’ Volgens de agent van dienst mochten we niet zitten. ‘Daar is het attest niet voor bedoeld. Hop, doorlopen, naar huis.’

Machtsmisbruik

Het gaat me niet om de autoritaire en gebiedende toon – in Frankrijk is de politie nu eenmaal niet je beste vriend. Zorgelijker is dat politieagenten zo vaak hun boekje te buiten gaan. Want, zo bleek na navraag: je hoeft helemaal niet de hele verklaring over te schrijven. Met wie je als journalist een afspraak hebt, gaat de politie niets aan. En ook tijdens de confinement is op een bankje zitten niet verboden.

In het beste geval is het onwetendheid en kennen de agenten de noodwetten die ze moeten handhaven niet. In het ergste geval is het onversneden machtsmisbruik. Gevoelsmatig is Frankrijk veranderd in een politiestaat.

‘Dringende familieredenen’ zijn een geldig motief om buiten te komen, tot je een agent tegen het lijf loopt die een begrafenis geen dringende familiereden vindt: in Bretagne kregen vier mensen een boete nadat ze bij de teraardebestelling van een naaste waren geweest. ‘Pas op, ze staan een kruispunt verderop te controleren’, zei de bakker op de hoek toen ik onlangs een paar croissants afrekende. ‘Ze zeggen dat brood kopen niet tot de noodzakelijke boodschappen behoort.’

Gezagsgetrouw

Ten diepste zijn de Fransen een gezagsgetrouw volk. De wil van le responsable, de baas – of hij of zij nou afdelingshoofd is of president – is wet. De revolutionaire, opstandige volksaard bestaat, maar komt slechts heel af en toe tot uitbarsting. Als Frankrijk het land van Rousseau en Montesquieu is, dan toch ook het land van Lodewijk XIV en Napoleon.

Meer dan bijvoorbeeld Nederlanders en Britten snakken de Fransen naar zekerheid en regulering. Ze zijn ook banger voor het coronavirus. Eind maart verklaarde 62 procent van de Fransen bang te zijn door toedoen van het virus te overlijden. Bijna nergens in Europa lag dat percentage zo hoog.

De Franse regering heeft nadrukkelijk op die angst ingespeeld. ‘Degenen die nu op de ic liggen, zijn de mensen die aan het begin van de confinement de regels hebben overtreden’, zei de hoogste baas van de Parijse politie. Later bood hij onder druk excuses aan voor die uitspraak, maar de initiële boodschap was helder: wie buiten komt, speelt met zijn leven.

‘We zijn in oorlog’, zei Macron tot vijf keer toe. Een oorlog met een onzichtbare vijand weliswaar, maar een vijand niettemin. En in oorlogstijd is alles geoorloofd. Zelfs, zo blijkt, een vrijheidsbeperking die drastischer is dan toen de oorlog echt was en de vijand zichtbaar.

Die oorlogsretoriek lijkt te hebben gewerkt. De meeste Fransen zijn het eens met de draconische maatregelen. Sterker nog, een meerderheid vindt die niet ver genoeg gaan: 60 procent van de Fransen vindt het een slecht idee dat de basisscholen na 11 mei weer open mogen.

Opgetogen constateerde Macron dat de Franse bevolking, zogenaamd tegen iedere verwachting in, de drastische vrijheidsbeperkingen gedwee heeft geaccepteerd. ‘Men zegt weleens dat wij een ongedisciplineerd volk zijn, maar kijk eens hoe we de regels respecteren’, zei de president. Castaner stelde tevreden vast dat de lockdown bijna nergens ter wereld zo goed werd nageleefd als in Frankrijk.

We hadden ons zelfs zo goed gedragen dat het, in de woorden van de minister, tijd was voor ‘een beetje souplesse’: het attest mocht weer op de smartphone worden getoond. Geen woord meer over datalekken of besmettingsgevaar: we waren brave burgers geweest, dus hoefden we geen strafregels meer te schrijven. Niet voor het eerst voelde het alsof de Franse regering haar burgers – ‘onderdanen’ is misschien een beter woord – als schoolkinderen behandelt.

De Franse regering, zo schreef Le Monde in een hoofdredactioneel commentaar, deed het voorkomen alsof er een absolute keuze moest worden gemaakt tussen vrijheid en gezondheid. Wie tegen de ultrastrenge lockdown was, was in de beeldvorming in feite tegen de volksgezondheid. Dat is een valse tegenstelling: in andere Europese landen als Nederland en Zwitserland is de strijd tegen het virus met veel minder beperkende maatregelen minstens zo succesvol gebleken.

Versoepeling

Op 11 mei wordt de actieradius van toegestane verplaatsingen vergroot van 1 naar 100 kilometer. Dat is iets om naar uit te kijken. Maar daarmee hebben we onze vrijheid nog niet terug. Wie familieleden of vrienden wil bezoeken die verder weg wonen, heeft pech gehad.

Komende week stemt het parlement hoogstwaarschijnlijk voor een verlenging van de medische noodtoestand tot 24 juli. Ondertussen heeft de Constitutionele Raad, die toetst of wetten in overeenstemming zijn met de grondwet, nog altijd geen uitspraak gedaan over de grondwettelijkheid van de verstrekkende maatregelen die in het kader van die noodtoestand zijn ingevoerd.

Bovendien valt te vrezen dat sommige beperkingen die nu gelden als ‘uitzonderingsrecht’ binnenkort geen uitzondering meer zijn, maar de nieuwe regel. De recente geschiedenis voorspelt weinig goeds. De noodtoestand die in 2015 werd afgekondigd in reactie op de terreuraanslagen in Parijs, werd maar liefst zes keer verlengd. Toen die noodtoestand in 2017 eenmaal werd afgeschaft, waren extra politiebevoegdheden als huiszoekingen bij mensen die nergens van worden verdacht inmiddels via andere wetten in het wetboek verankerd.

Lees ook

Frankrijk gaat ‘met grote voorzichtigheid’ de lockdown afbouwen.

Staten hebben de leiding genomen in de coronacrisis. Geven ze die nog wel terug?

Noam Cartozo, een Parijse komiek, organiseert een dagelijkse quiz voor zijn buren, die meedoen vanaf hun balkon.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden