'Gevechtstaken besteden we niet uit'

Luitenant-generaal Mart de Kruif moet als nieuwe baas van de landmacht 6.000 banen schrappen. Hij wil militaire taken uitbesteden aan bedrijven, samenwerking met Duitsland én ervaren officieren graag behouden. 'We kunnen de tent niet zomaar sluiten.'

Op de nieuwe, strak ontworpen Kromhoutkazerne in Utrecht heeft luitenant-generaal Mart de Kruif (53) een flexplek zoals iedereen. Militairen en burgermedewerkers banjeren langs de picknicktafel in de gang waar hij zijn gasten spreekt. Voor velen van hen is de vraag: hoe lang nog?


U heeft onlangs het commando overgenomen van de landmacht. Die heeft een zware missie in Uruzgan achter de rug en krijgt te maken met massaontslag. Hoe is het moreel onder de soldaten?

'De feiten zijn hard. Van de 12 duizend banen die bij Defensie wegvallen, zit de helft bij ons. Een op de vier functies verdwijnt. En dat na een hele moeilijke missie. Die samenloop leidt tot heftige emoties: boosheid, onbegrip, teleurstelling. Ik zie die gevoelens langzaam plaatsmaken voor acceptatie. Okay, het besluit is gevallen, we moeten door. Dat zit in onze genen. Als iemand sneuvelt in Afghanistan, ga je de volgende dag weer de poort uit. Wat ook leeft: als het toch moet gebeuren, dan zo snel mogelijk. Maar ik kan nog niet zeggen wat de reorganisatie betekent voor soldaat Pietersen of wachtmeester Jansen. Wie kunnen er door, wie zijn er overtollig, kunnen we die herplaatsen? Komend jaar, en een deel van 2013, zal er nog veel onzekerheid zijn.'


Heeft het dan nog wel zin om te blijven oefenen en opleiden?

'We kunnen de tent niet zomaar sluiten. Op dit moment hebben we militairen in Kunduz, Afrika en elders. In Nederland is onze explosievenopruimingsdienst dagelijks buiten. We moeten door. In voetbaltermen: we zijn een eredivisieclub die nog elf goede spelers over heeft. De spelersbus is verkocht,de kok is weg, evenals de dokter en de masseur. We maken ons eigen lunchpakket en nemen een EHBO-trommel mee. Ook moeten we zelf gras maaien, netten ophangen en hoekvlaggen neerzetten. Mijn uitdaging is te zorgen dat we niet met een man minder moeten gaan spelen.'


Kun je met zo'n team nog wel de Nederlandse ambitie waarmaken voor een veelzijdige, wereldwijd inzetbare krijgsmacht die het hoogste geweldsniveau aankan?

'Ja, dat is een politieke keuze. Mijn ambitie is dat iedere militair voldoende training en middelen meekrijgt om een conventionele tegenstander te kunnen domineren. Als men op de vliegtuigtrap staat met bestemming Kunduz of Afrika, moet ik de familie recht in de ogen kunnen kijken. Ik moet kunnen zeggen; het is een riskant beroep, ik kan niet garanderen dat je man, vrouw, zoon of dochter terugkomt, maar ik kan wel zeggen dat we er alles aan gedaan hebben om te zorgen dát-ie terugkomt. Als ik dat niet meer kan doen, is voor mij de grens bereikt.'


De bezuinigingen hebben misschien geen effect op het gevechtsvermogen, maar wel op het voortzettingsvermogen. Hoe lang kan Nederland een militaire missie nog volhouden?

'Onze kerntaak is: vechten. Wij kunnen als enigen op die manier de belangen van Nederland dienen. Dat betekent dat onze tanden belangrijker zijn dan onze staart, zoals het onderhoud van voertuigen. Dat kan worden uitbesteed aan de industrie. En we gaan voertuigen delen. Nu heeft elke eenheid eigen voertuigen en uitrustingspakketten. In de toekomst houden kleinere eenheden hun spullen, en wordt er vanaf bataljonsniveau (800 man, red.) gedeeld. Dan krijg je bijvoorbeeld een half jaar voor uitzending de rest van je wagenpark. We onderzoeken ook verregaande samenwerking met Duitsland. We delen al een gezamenlijk hoofdkwartier. We kijken of we onze para-opleidingen kunnen samenvoegen, net als de luchtverdediging en de vuursteun met houwitsers en mortieren. We willen samen met hun tankeenheden gaan oefenen, zodat onze kennis op dit gebied niet verdwijnt door de verkoop van de laatste Nederlandse tank.


'Maar we gaan geen gevechtstaken uitbesteden. Het geweldsmonopolie stelt hoge eisen aan het normen- en waardenbesef van mensen. Die kerntaak blijft in eigen hand.'


Defensie komt vaak in het nieuws wegens wangedrag van militairen en gebrek aan integriteit. Wordt dit erger door de bezuinigingen?

'Het slechte nieuws is: wangedrag blijft voorkomen. Dat wil niet zeggen dat ik het accepteer. Voor drugs, discriminatie en domheid is geen plaats. Daar kun je me op afrekenen. De sleutel is volgens mij: militair leiderschap. De kaderleden moeten dag en nacht, zeven dagen per week het goede voorbeeld geven en anderen aanspreken op hun gedrag. Die vorming levert mensen met een maatschappelijke meerwaarde op.'


Een soldaat kan ook beschadigd uit de landmacht komen. Heeft u voldoende zicht op veteranen?

'We hebben fysieke en psychische gewonden. We proberen goed te zorgen voor de bijna tweehonderd militairen die fysiek gewond uit Afghanistan terugkeerden. We helpen ze bij het bepalen wat ze verder met hun leven willen doen. Sommigen willen weer een gevechtsfunctie, maar soms moet je eerlijk zijn: als je niet meer zonder hulp uit een pantserwagen kunt klimmen, moet je dat ook niet meer willen.


'We hebben daarnaast 250 psychisch gewonden rondlopen; militairen die een officieel zorgtraject doorlopen. Hun aantal is stijgende na de missies in Irak en Afghanistan. Voor hen is er een goed vangnet.


'De meesten die op uitzending zijn geweest, komen als betere mensen terug. Die kijken anders tegen het leven aan, relativeren meer, weten weer wat van waarde is. Je moet oppassen dat je niet te makkelijk het woord 'veteraan' koppelt aan het woord 'probleem'.'


U diende in Afghanistan een jaar als commandant van circa 40 duizend ISAF-militairen. Wat heeft die ervaring met u gedaan?

'Ik denk dat ik daar goed ben uitgekomen. Vooral door de kameraadschap die ik heb ervaren. 284 soldaten die onder mijn bevel stonden, hebben hun leven verloren. Er gaat bijna geen dag voorbij dat ik daar niet aan denk. Het zou raar zijn, denk ik, als ik dat niet zou doen.'


CV Mart de Kruif


1 september 1958, Apeldoorn


1981


Cum laude afgestudeerd aan Koninklijke Militaire Academie, Breda


1981-1990


Pelotonscommandant pantserinfanterie


1991-2001


Staffuncties in Seedorf, Führungsakademie der Bundeswehr


2001


Bataljonscommandant Bosnië


2002-2006


Staffuncties in Den Haag; US Army War College


2007-2008


Commandant 43 Gemechaniseerde Brigade, Havelte


2008-2009


Commandant NAVO-troepen in zuidelijke Afghanistan


2010-2011


Plaatsvervangend commandant landstrijdkrachten


2011- heden


Commandant landstrijdkrachten


Mart de Kruif is getrouwd en heeft vier kinderen. Hij is Commandeur in de Orde van Oranje-Nassau met de Zwaarden.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden