Getuige K doet zijn relaas over slachting in enclave Srebrenica

In de verzengende hitte zaten zo'n 3500 Moslimgevangenen aan een asfaltweg in de enclave Srebrenica te wachten op hun lot toen de Servische legerleider Mladic plotseling opdook....

Getuige K, die deze verklaring gisteren aflegde voor het Joegoslavië-Tribunaal in het proces tegen de Bosnisch-Servische generaal Krstic, weet inmiddels dat Mladics woorden geen cent waard zijn. K, die als soldaat zonder uniform deel uitmaakte van het Bosnische leger, werd samen met andere 'gezonde' mannen geselecteerd voor de ruil.

In bussen zouden ze worden vervoerd naar Bratunac. Maar K kreeg al snel door dat de bussen een andere bestemming hadden: een opslagloods in Kravica. Tussen de duizend en 1500 mannen werden op 13 juli 1995 in de loods gepropt.

'We stonden schouder aan schouder. Er heerste angst en paniek', zei K die voor Krstic en het publiek werd afgeschermd met schotten en luxaflex.

Toen de duisternis inviel kwam een soldaat met 'een zonnebril en lange krullen' binnen. Hij was de eerste die het vuur opende. K dook onmiddellijk op de grond waarna doden en gewonden over hem heen vielen. De hele avond, onderbroken door korte pauzes, werd er geschoten 'met allerlei wapens' en werden handgranaten naar binnen gegooid.

Getuige K werd boven zijn rechterknie geraakt: 'Ik voelde geen pijn maar ik was bang dat het een fragmentatiekogel was. In een pauze greep ik naar mijn hiel om te voelen of die er nog aanzat.'

Na middernacht - zijn neef was al dood - probeerde hij te vluchten. 'Ik moest over de lichamen lopen, maar sommigen leefden nog. Ze jankten. Ik voelde de botten onder mijn voeten kraken en ribben verbrijzelen.'

Via een container wist hij uit een raam te springen. Daar zag hij twee lijken liggen van mannen die waarschijnlijk ook een ontsnappingspoging hadden ondernomen. Ook K werd ontdekt. Een soldaat naderde. 'Ik wachtte op hem zodat hij me kon vermoorden.' De soldaat schoot hem in zijn schouder. 'Wil je nog meer?', vroeg hij.

Maar K zweeg en hield zich dood. De hele nacht klonken schoten. K durfde zich niet te verroeren. Met het ochtendgloren hoorde hij geschreeuw. Of er nog levenden waren, want het Rode Kruis was gearriveerd. Hij hoorde mensen naar buiten komen, maar daar wachtten geen ambulances.

In plaats daarvan moeten de Moslims een half uur nationalistische Servische liederen zingen. Weer werd er geschoten. 'Daarna hoorde ik niemand meer zingen.'

K wist te ontsnappen, maar toen had hij zijn tweelingbroer en een jongere broer al verloren. Tot februari 1996 zat K in een gevangenenkamp dichtbij Zepa.

Aan het eind van K's getuigenis vroeg de aanklager: 'Hoe voelt u zich nu?' Getuige K: 'Niet zo goed. Maar al met al gaat het.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden