Get Back

Twaalf dagen lang was Jimmie Nicol in 1964 een Beatle, als stand-in voor Ringo Starr. Toen werd hij op het vliegtuig naar huis gezet. Met zijn carrière en zijn leven is het nooit meer goedgekomen.

Daar zat hij, helemaal alleen, in de vertrekhal, wachtend op het vliegtuig dat hem terugbracht van Melbourne naar Londen. Nog maar een dag eerder werd Jimmie Nicol toegejuicht door duizenden doldwaze Beatlesfans, de straten waren in Australië volgelopen, en leek hij de baas te zijn van het heelal.


Nu, op deze ochtend op 15 juni 1964, was hij Beatle af en staarde hij melancholisch voor zich uit. Hij had zijn witte regenjas weer aangetrokken, waarmee hij ook in Nederland was aangekomen. Naast zijn stoel een Beatlestas, waar een krant uitstak en een harige knuffel.


In zijn binnenzak zat een cheque van 500 pond en een gouden horloge, hem overhandigd door de manager van The Beatles, Brian Epstein. Met inscriptie: 'Voor Jimmie, met bewondering en dankbaarheid - Brian Epstein and The Beatles.' Noem het een grap van de mannen, want een gouden horloge is er toch voor iemand met een lange loopbaan op kantoor, bij één werkgever.


Hij was twaalf dagen Beatlesdrummer geweest - rekenend vanaf het moment dat hij thuis werd gebeld met de vraag of hij wilde invallen voor de zieke Ringo, de optredens in Denemarken, Nederland, Hongkong tot en met de overweldigende ontvangst in Australië.


Van een goeie maar onbekende 24-jarige sessiedrummer, met een vrouw en een zoon thuis in Engeland, speelde hij opeens een sleutelrol in de eerste wereldtour van de populairste band van de aarde. Het geluid van hysterische, Beatlemaniakale meisjes kon toch nooit meer zijn hoofd verlaten.


Hij had ze 's morgens maar niet wakker gemaakt, Paul McCartney, John Lennon, George Harrison en Ringo Starr. Ze hadden een lange, rauwe nacht gehad, ze waren blij geweest om hun herstelde vriend weer te zien. Toen het over was, was het over, dat gevoel had hij gekregen. Natuurlijk vonden ze hem een goeie gozer en een gerespecteerde muzikant, maar Ringo... ja Ringo was onze Ringo.


Toen hij de laatste avond nog even alleen Melbourne indook, om aan de bar bij te komen van de gekte, stond binnen een half uur de perschef van The Beatles voor zijn neus. Ben je helemaal belazerd?, werd hem gezegd. Je kunt niet zomaar de straat op, als Beatle. Waar heb je het over, zei Jimmie nog, ik ben geen Beatle meer. De perschef schudde zijn hoofd: 'Je bent een Beatle, totdat je in het vliegtuig stapt.'


Terwijl hij hier zat, ook nadenkend over wat hem in Londen te wachten stond, bleek er nog een verslaggever te zijn die hem opmerkte.


Verslaggever: 'Wat heb je voor plannen in gedachten, nu je hebt gewerkt met The Beatles?'


Jimmie: 'Misschien verdien ik wel zo veel geld dat ik in Amerika kan gaan studeren. Dat is wat ik graag wil doen, drums studeren in Amerika en Amerikaanse muziek studeren. En leren om muziek te arrangeren.'


Hij hield zich tegenover de verslaggever in over zijn grootste ambities. Natuurlijk droomde Jimmie van een eeuwigdurend verblijf in de schijnwerpers, het kon niet anders zijn dan dat hij in Londen de lucratieve contracten voor het uitzoeken had. Dit einde hier moest wel het begin zijn van iets groots.


Het vliegtuig vertrok. We hopen dat je een goeie reis terug hebt en veel succes in de toekomst, zei Epstein hem bij vertrek.


Er was grote paniek geweest toen Ringo tijdens een fotosessie voor de Saturday Evening Post in elkaar zakte. Epstein wist gelijk dat er een vervanger moest komen. De tour kon niet worden afgeblazen, dat zou leiden tot een financieel debacle. Na Engeland en Amerika moest de rest van de wereld worden veroverd, dat lag vast.


Nicol was een veelgevraagd sessiemuzikant, met gevoel voor rock 'n' roll, jazz en rhythm and blues. Hij zat in de band van Georgie Fame, een vriend van Paul McCartney. Die benaderde Fame, die op zijn beurt Nicol belde.


Nicol kreeg ook een telefoontje van Beatlesproducer George Martin. Of hij als de bliksem naar de studio kon komen, hij was uitverkoren. Hij had bijna het goeie kapsel, was even groot als Ringo, zodat hij zo in zijn jasje kon schieten. Jimmie speelde in de studio zes nummers op Ringo's Ludwig-drumstel en deed het fantastisch. 'Oké, je doet mee', zei Lennon. Jimmie schreeuwde het uit.


Toen hij op vrijdagmiddag 5 juni na zijn eerste gigs in Denemarken op Schiphol aankwam, liep hij als laatste het vliegtuig uit. Hij viel op door zijn witte regenjas en zijn schrikachtige blik. Nederland was in de ban van de Bietels, wel 45 uur lang. Ook al had de organisatie er de pest over in dat Ringo er niet was, het was onverteerbaar geweest als de Beatlesinvasie had moeten worden afgeblazen.


Er was een losgeslagen rondvaart door de grachten en een overnachting in het Doelen Hotel in Amsterdam. Ze traden twee keer live op in een veilinghal in het Noord-Hollandse dorp Blokker. In het voorprogramma stonden Nederlandse artiesten, zoals Ciska Peters. Ze zag de Beatles alleen maar voorbijflitsen, komend vanuit een andere kleedkamer, vertelt ze. Dat Ringo er niet bij was, wist ze en ze dacht dat hij was vervangen door een Duitser die Nicol heette. Hij leek een woeste drummer die niet echt ingewikkeld speelde.


In zaal Treslong in Hillegom werden televisieopnamen gemaakt. Daar speelden ze half live en werden The Beatles geïnterviewd. Jimmie zat aan de tafel, helemaal rechts. Na de eerste vraag over verliefdheid sloeg hij van de pret met zijn hand op de tafel, in zijn andere hand had hij een brandende sigaret.


Ook hij kreeg een vraag: of hij het moeilijk vond om het ineens van Ringo over te nemen. 'Nee, niet echt, ik kan natuurlijk Ringo nooit echt vervangen, maar ik probeer het.' Vind je het een leuke onderbreking in je leven? 'Oy yeah.'


René van Haarlem belde aan bij het Londense huis van Howie Nicol. Het was 1994 en Beatles Unlimited wilde net als tien jaar eerder Jimmie Nicol naar Nederland halen. In 1984 was Jimmie samen met zijn zoon gekomen en gingen ze terug naar zijn hotelkamer, van toen, deed hij weer een rondvaarttocht en belandden ze in Hillegom.


Jimmie had toen een stevige snor, een gehavend gebit en rookte een pijp. Hij maakte een verstilde indruk, vertelt Koop Geersing, die hem samen met Van Haarlem vergezelde. Nicol liet niet het achterste van zijn tong zien, vonden de Nederlandse Beatlesfans ook later in zaal Treslong, waar vragen gesteld konden worden. In zijn autobiografie zou hij het allemaal vertellen - die zou er nooit komen.


Zijn terugkeer in Engeland in 1964 was tegengevallen, zoveel was duidelijk, ondanks alle aandacht en de vijfduizend brieven uit de hele wereld. Binnen een jaar was hij failliet en gescheiden; hij had eigen geld gestoken in twee ambitieuze bands en allebei waren ze geflopt. De Jaguar had hij al snel moeten inleveren en hij sliep weer bij zijn moeder. Gelukkig kon hij weer als invaller mee met een band op wereldtour, dit keer de Zweedse Spotnicks, gevolgd door een psychedelisch en mysterieus verblijf in Mexico, waar hij voor de tweede keer trouwde - en weer scheidde.


Hij zat in de bouw, in 1984. Hier en daar klonk verbittering, waarbij vooral Beatlesmanager Brian Epstein het moest ontgelden. Die zou ervoor gezorgd hebben dat hij zijn tijdelijk Beatles-zijn niet kon verzilveren. Geen Beatle had meer naar hem omgekeken, vond hij ook nog. Die twaalf dagen waren geen hoogtepunt geweest in zijn leven. Van Haarlem had het idee dat Jimmie er zelfs een tik aan over had gehouden.


Het gouden horloge had hij in Mexico tegen de muur gegooid.


In zaal Treslong drumde hij met The Clarks, hartstochtelijk en vertrouwd, op I Saw Her Standing There. Hij ging er zelfs bij staan.


Jimmie is dood, dat is wat René van Haarlem werd verteld, in 1994. René wist niet wat hij hoorde en was zo van de kaart dat hij niet doorvroeg aan Howie. Nergens vond hij een bevestiging, geen van de wereldwijde Beatlesingewijden kon meer vertellen. Er dook wel een verhaal op dat hij al in 1988 was overleden. Zou het zelfmoord zijn geweest?


Een graf werd nooit gevonden. In een pub in Londen werd een drummer van een Beatles tribute-band twee jaar later aangesproken door een besnorde man die zei Jimmie te heten. Hij had ook gedrumd. Later viel het muntje, dat moest natuurlijk Jimmie Nicol zijn geweest.


Een Australische verslaggever spoorde in 2004 eerst zijn 90-jarige moeder op en daarna Jimmie zelf. Howie wilde zijn vader beschermen, zo bleek, en had iedereen de afgelopen jaren afgewimpeld, om zo van het gezeik af te zijn. Hij kon zich niks herinneren van de jaren zestig, liet Jimmie door de telefoon optekenen. In de buurt was hij een grote onbekende, hij bemoeide zich met niemand.


Paul Harris, starreporter van Daily Mail, volgde Nicol in 2005 dagenlang, van zijn verborgen flatje in een grauwe steeg naar het bouwbedrijf waar hij werkte, tot het café waar hij tussen de middag at. Op de foto bij het verhaal zag Jimmie er onherkenbaar verwilderd uit, maar zijn nadrukkelijke wenkbrauwen vertelden de overeenkomst met de stand-in voor Ringo. Dit was Jimmie, hij leefde dus. Daarna verdween Jimmie weer uit het zicht, voor jaren. Wie hem zocht, kon hem niet vinden.


Ook de Amerikaanse rock'n'rolldetective Jim Berkenstadt, schrijver van het onlangs verschenen boek over Jimmie Nicol, The Beatle who vanished, lukte het niet hem op te sporen, vertelt hij. De laatste Jimmie Nicol-melding kwam uit Australië, van een fan die zei hem in 2011 in Utrecht te hebben gezien. Jamie Goold, een Britse documentairemaker, kreeg vorige week van zijn buurman te horen dat Jimmie (nu 74) in Panama is, met zijn nieuwe vriendin.


Als Paul McCartney hem in zijn Beatlesdagen vroeg: 'Hé Jimmie, hoe gaat het?', stak hij altijd blijmoedig zijn duim op, en zei: 'Its getting better' - het gaat steeds beter. Met de opgewekte stem van Jimmie in zijn hoofd, schreef McCartney Getting better, dat in 1967 op Sgt. Pepper's Lonely Hearts Club Band verscheen.


Maar het ging niet steeds beter met Jimmie, het ging steeds slechter, vanaf het moment dat hij daar zat in die lege vertrekhal in Melbourne, na juni 1964. Die twaalf dagen bij The Beatles werden de last van zijn leven. Zo zei Jimmie het ook, in zijn laatste interview, in 1987: 'Toen ik in het vliegtuig naar Londen zat, voelde ik me als een onecht kind dat was weggestuurd van een familie die hem niet wilde. Als je eenmaal het beste hebt meegemaakt, kun je niks anders meer accepteren.'


Heronthulling in Blokker

Howie Nicol, de zoon van Jimmie Nicol, heronthult komende donderdag het beeld van The Beatles in het Noord-Hollandse Blokker. Het beeld van Ringo Starr is nu vervangen door Jimmie Nicol, die in 1964 in zijn plaats speelde. Ook gaat Howie uitleggen hoe het gaat met zijn vader, de verdwenen Beatle.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden