Gespannen Irakezen snakken naar vertier

Vandaag brengen de VN-inspecteurs verslag uit van hun bevindingen. Volgens inwoners van Bagdad is oorlog haast onvermijdelijk. In muziek zoeken ze wat afleiding...

De tafeltjes staan klaar, het toneel is gereed en de band repeteert voordat de ster van de avond arriveert. Tientallen auto's staan buiten geparkeerd, stelletjes en gezinnen, allen keurig gekleed, de vrouwen met zware make-up, stromen de Orfali-zaal binnen in de welvarende Mansourwijk in het westen van Bagdad. Op het programma staan traditionele Iraakse liederen. Ze zijn een welkome afleiding voor de spanning in afwachting van een oorlog.

Er hangt een sfeer van vergane glorie in de zaal, die in 1983 werd geopend, een getuige van betere tijden. Wadad Orfali, eigenares en bekend schilderes, houdt hier regelmatig culturele activiteiten.

'Dit is mijn manier om mensen gelukkig te maken. Iedereen is nu zo somber, mensen zijn moe en gespannen, deze oorlog zal het slechtst denkbare zijn.'

De optredens zijn meestal uitverkocht en zijn door hun lage prijs toegankelijk voor een groot deel van de bevolking. 'Mensen bereiden zich dagen voor om hier te komen, ze luisteren een avond naar prachtige muziek en ze praten er dagen over. Dat zijn dan een paar gelukkige dagen in een tijd waarin het alleen maar over oorlog gaat.'

Een paar minuten na het begin klapt het publiek al enthousiast mee op het ritme. 'We hebben amusement nodig, we moeten kunnen lachen, we kopen zelfs grappen als je die te koop hebt', zegt Saeb Amin el Omari, een gepensioneerde vertaler.

Zijn ogen vullen zich met tranen wanneer hij praat over zijn angst voor een nieuwe oorlog en de onzekerheid over wat er kan gaan gebeuren. Hij zit in over zijn drie kinderen; een van zijn zoons dient in het leger. Orfali is ook bezorgd over haar kinderen én haar schilderijen, maar ze zegt dat ze zich er niet bij neerlegt. 'Ik blijf leven, of Bush het nou leuk vindt of niet', zegt de 73-jarige dame.

Veel mensen hier hebben zich er bij neergelegd dat oorlog onvermijdelijk is en bereiden zich erop voor met de geringe middelen die ze hebben. De Iraakse regering heeft voor drie maanden voedsel gegeven voor het geval het distributiesysteem het begeeft. Maar de armere families, niet gewend aan zulke hoeveelheden voedsel thuis, hebben het meeste onmiddellijk opgegeten.

Volgens diplomaten staan er lange rijen mensen bij de paspoortafdelingen. Irakezen proberen de noodzakelijke reisdocumenten te krijgen voor het geval ze het land willen verlaten.

Diverse inwoners van Bagdad zeggen dat zij met hun familie naar het gebied ten noorden van de stad zullen trekken zodra de oorlog begint. Mohammed Jawad, voormalig zeeman en nu taxichauffeur, heeft echter besloten met vrouw en kinderen te blijven. 'We gaan niet weg, zoals in 1991. Toen verbleven we in tenten, het was koud en er was geen voedsel.' De extra porties voedsel zijn achterin de keuken opgeslagen. 'Ik heb uitgerekend hoe lang het duurt voordat alle oorlogsschepen de regio bereiken. Dat zal rond 10 februari zijn. Ik denk dat oorlog onvermijdelijk is, maar we hopen op een betere toekomst.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden