Reportage

Gesneuveld in 1940, herbegraven in 2016

Twee in de Tweede Wereldoorlog gesneuvelde militairen zijn herbegraven op het ereveld Grebbeberg. Het zijn niet de laatsten: het aantal verzoeken neemt toe. De ceremonie wordt benut om de geschiedenis door te geven.

Marinus de Wit en Pieter Saarloos, beiden omgekomen in mei 1940, kregen donderdag een blijvende rustplaats. Beeld Marcel van den Bergh
Marinus de Wit en Pieter Saarloos, beiden omgekomen in mei 1940, kregen donderdag een blijvende rustplaats.Beeld Marcel van den Bergh

Een druilerige herfstregen valt over Militair Ereveld Grebbeberg, waar statige eiken en beuken stilletjes staan te verkleuren. Over een pad tussen de rijen witte grafstenen schrijdt een groepje militairen in ganzenpas. Voorop gaat een tamboer met een zwart omfloerste trom. Daar achter torsen vier soldaten in legergroen een kleine grafkist. De stoet wordt gesloten door twee mannen die kransen dragen met rood-wit-blauwe linten.

Het groepje houdt halt voor een vers geopend graf. Daar neemt aalmoezenier Geert van Vaalen het woord. 'Wij zijn hier bijeen voor de herbegrafenis van Marinus de Wit', zegt hij plechtig. 76 jaar na zijn dood wordt Marinus vandaag opnieuw begraven.

In Rhenen vinden op deze donderdag twee bijzondere uitvaarten plaats. Korporaal Marinus de Wit en soldaat Pieter Saarloos, beiden gesneuveld in de meidagen van 1940, worden bijgezet op ereveld Grebbeberg, de laatste rustplaats voor soldaten die in de Tweede Wereldoorlog stierven.

Dat gaat met vol militair vertoon, compleet met een tamboer en een hoornblazer in WO II-uniform van zachte, legergroene wol, met pofbroek, beenwindsels en bijpassende helm. De plechtigheid staat onder toezicht van twee hoge militairen met een borst vol medailles.

Het is misschien een ongewoon gezicht, maar het komt een aantal keer per jaar voor, zegt luitenant-kolonel Corstiaan de Haan (56), hoofd sectie Ceremonieel en Protocol van de landmacht die de leiding heeft over de uitvaartdienst. De Oorlogsgravenstichting (die de Nederlandse oorlogsgraven onderhoudt) krijgt met enige regelmaat verzoeken van familieleden van gesneuvelden met de vraag of die mogen worden bijgezet op het ereveld.

Andersom houdt de stichting in de gaten waar gesneuvelde soldaten liggen begraven op burgerbegraafplaatsen. Als die kerkhoven geruimd dreigen te worden, krijgt de stichting een seintje en neemt ze contact op met de familie voor een eventuele herbegrafenis. De Oorlogsgravenstichting heeft een lijst met zesduizend gesneuvelden die in aanmerking komen voor een plekje op de Grebbeberg, waar er nu al 850 liggen. Dit jaar hebben al drie herbegrafenissen plaatsgevonden.

Tekst gaat door onder de foto.

Een oude helm wordt voor de ceremonie op de kist gelegd. Beeld Marcel van den Bergh
Een oude helm wordt voor de ceremonie op de kist gelegd.Beeld Marcel van den Bergh

Schoolkinderen

Elke gesneuvelde militair heeft recht op een erebegrafenis, zegt overste De Haan. 'Deze mannen hebben het hoogste offer gebracht. De normen en waarden waarvoor zij zijn gestorven gelden nog steeds. Die boodschap willen wij doorgeven.' Dat gebeurt vandaag aan een klas basisschoolleerlingen uit Krimpen aan den IJssel die op uitnodiging de plechtigheid bijwoont.

De Haan vertelt de schoolkinderen over de laatste uren van Marinus de Wit. De Wit, 31 en in de bloei van zijn leven, verdedigde met zijn regiment de Maaslinie bij het Limburgse Buggenum, waar de Duitsers op de ochtend van 10 mei 1940 een doorbraak probeerden te forceren. De eerste aanval met rubberboten wisten de Nederlandse soldaten nog af te slaan.

De tweede aanval begon met een hevig artilleriebombardement; De Wits kazemat werd geraakt door een voltreffer. Hij stierf ter plekke. Het was een meer dan ongelijke strijd, aldus De Haan: tegenover 45 Nederlandse soldaten stonden 3.000 Duitsers. Het toont volgens hem hoe Nederland aankeek tegen gevaar van buiten. 'Het zal zo'n vaart niet lopen, dachten ze. Dat zie je nu opnieuw gebeuren.'

Dienstplichtig soldaat Pieter Saarloos uit Dinteloord, net 20 geworden, was een even droevig lot beschoren. Saarloos werd op 10 mei 1940 geraakt door Duits vuur bij de bewaking van station Beurs in Rotterdam. Hij stierf zeven dagen later in het ziekenhuis in Vlaardingen.

De bijzettingen van vandaag vinden plaats op verzoek van de familie. Voor Marinus de Wit is zijn kleinzoon Maarten erbij. Zijn opa heeft hij nooit gekend; Marinus sneuvelde toen zijn vrouw Theresia in verwachting was van Maartens vader. Hij weet weinig over opa's lotgevallen tijdens de oorlog. 'Thuis werd er niet veel over verteld.' Oma is nooit hertrouwd.

Zijn vader wilde jaren geleden al dat Marinus op het ereveld zou worden begraven, zegt Maarten. Maar oma hield dat tegen; zij wilde naast haar man worden begraven op het kerkhof in de Brabantse plaats Drunen. Na oma's dood stond niets een herbegrafenis meer in de weg.

null Beeld Marcel van den Bergh
Beeld Marcel van den Bergh

Als de aalmoezenier heeft gesproken, klinkt de taptoe. Na een minuut doodse stilte brengen de militairen een laatste saluut en marcheren af. Daarna kan het graf dicht boven de stoffelijke overschotten van Marinus de Wit en zijn geliefde Theresia, want de echtelieden zijn samen opgegraven en worden samen herbegraven.

'Wij hadden gehoopt samen gelukkig te zijn', schreef Marinus in een afscheidsbriefje. 'God heeft anders besloten.' Dat moet Marinus vooraf al hebben geschreven, schat overste De Haan. Want na de Duitse voltreffer zat schrijven er niet meer in. 'Hij moet een voorgevoel hebben gehad. Dat hebben soldaten wel vaker.'

Op de grafsteen komt alleen de naam van Marinus te staan, niet die van zijn weduwe. Zo schrijven de militaire regels het nu eenmaal voor, zegt De Haan. Daar staat tegenover dat ze voor de eeuwigheid samen zijn. Want anders dan op een gewone begraafplaats worden de graven op een ereveld nooit geruimd.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden