Column

Geslaagde oefening in geduld en heimweegevoelens

Jeanne Prisser bericht over wat zich afspeelt in de voorhoede van de beeldende kunst. Deze week: een geslaagde oefening in geduld van fotograaf Charlotte Dumas en ontroerende heimwee in het Haagse Nutshuis.

Imabari, Stay, 2016.

Amsterdam, 23 oktober

Vorig jaar was fotograaf Charlotte Dumas verantwoordelijk voor een wegzapmoment in tv-programma Zomergasten. Een dubieuze eer. Filosoof Simone van Saarloos had Dumas' geluidloze film The Widest Prairies gekozen. Dertien minuten paarden kijken in Nevada. Die stonden daar maar wat te staan, terwijl half Nederland de afstandsbediening greep. Ik probeerde braaf op de bank te blijven zitten, maar het kostte wat moeite, dat mag u best weten.

Dumas heeft meer geduld dan u en ik bij elkaar. Dat moet wel, want ze fotografeert en filmt vooral dieren en die doen niet aan horloges. Voor haar project Stay, waarvan ik een deel zag in galerie Andriesse Eyck in Amsterdam, ging ze naar Japan om acht paardenrassen te fotograferen die nergens anders voorkomen.

Een bootreis van zeven uur bracht haar op vulkanisch eiland Nakanoshima, waar 23 Tokarapony's leven. Die komen daar natuurlijk nooit meer weg, vandaar de titel Stay. En om te voorkomen dat we zouden denken dat de foto's in Ponypark Slagharen zijn gemaakt, maakte Dumas ook mooie foto's van de sprookjesachtige omgeving. Sommige dieren merkten de camera op: een jonge pony kiekeboet tussen een paar stengels bamboe door. Maar op andere foto's leek de fotograaf, en daarmee ik terwijl ik naar de foto keek, volledig door de kudde geaccepteerd.

Volgens Dumas lijken de omgangsregels tussen dieren op die tussen mensen. In haar woorden: we kunnen empathie oefenen door met dieren om te gaan. Zo stond ik in de galerie te oefenen, wegzappen kon niet. En goddank, ik verveelde me niet, helemaal niet zelfs. Ik ergerde me wel: aan mezelf. Mijn hoofd ging namelijk vanzelf gevoelens aan de dieren toeschrijven: dit paard verveelt zich, dat paard is bang, dat daar is verdrietig. Was deze fotoreeks een oefening in empathie of in antropomorfisme? Ik kwam er niet uit. Ik troostte mezelf met het idee dat zelfs dierentuin Artis zijn anti-antropomorfistische principes overboord heeft gegooid en het pasgeboren olifantje gewoon een naam heeft gegeven.

Gelukkig kon ik zonder schuldgevoel genieten van één foto in de galerie waarop geen enkele 'gezichtsuitdrukking' stond. Dumas fotografeerde een schimmel van bovenaf, terwijl die in het zand tussen hoefafdrukken ligt. Prachtig. Ik telde de zandkorrels en oefende mijn geduld. Misschien zelfs mijn empathie.

Charlotte Dumas, Stay, Galerie Andriesse-Eyck, Amsterdam, t/m 3/12.

Den Haag, 24 oktober

En ineens dacht ik aan die paarden in Marrum, die tien jaar geleden na een zware storm kwamen vast te zitten op een ondergelopen Friese kwelder. Ze hadden zelf naar het droge kunnen zwemmen, maar dat deden ze niet. Ze bleven met zijn tweehonderden staan op dat veel te kleine stukje grond midden in een zee van grijs water. Ik fluistersmeekte destijds naar de televisie: 'Hu paardjes, gá dan!', maar begreep tegelijk waarom ze bleven. Liever sterven op bekend terrein dan vluchten in den vreemde.

In het Nutshuis in Den Haag zag ik zo'n loyaal paard in de vorm van een oude Oekraïense vrouw, Maria. Ze werd gefotografeerd door Esther Hessing voor het project Bound to the Ground. Maria is geboren en getogen in een klein dorp vlak bij Tsjernobyl, las ik in de begeleidende tekst van Sophieke Thurmer, en werd na de ramp geëvacueerd naar Kiev. In Kiev werd ze ziek. Niet van de straling, maar van de luchtvervuiling in de grote stad, die ze niet gewend was. En van de heimwee. Daarom ging ze terug, terug naar haar vervuilde huis en groentetuin in de Exclusion Zone. Ze leeft nog steeds.

(Tekst gaat verder onder de afbeelding)

Werk van Nishiko, 2012.

Hessings foto's en verhalen ontroerden me, zoals de hele tentoonstelling in het Nutshuis me raakte. Still Alive gaat in al zijn bescheidenheid (er is werk van slechts drie kunstenaars) over overleven op een plek die niet 'thuis' heet, waar niets herinnert aan vroeger en alles vreemd is. Leo van der Kleij interviewde een aandoenlijke Japanse zaadteler (ook al zo iemand die met hart en handen is verbonden aan zijn geboortegrond) die na de tsunami van 2011 met zijn gezin in een kleine containerwoning moest gaan wonen en een boek schreef over zijn ontsnapping aan het dreigende water.

In het tuinhuis van het Nutshuis bekeek ik de spullen die de Japanse kunstenaar Nishiko had verzameld na de verwoestende tsunami en die ze liefdevol had opgeknapt, zodat ze weer een beetje deden denken aan en roken naar thuis. Een telefoon, een vaas, een bord, een overhemd dat ze had laten stomen. Nostalgie zit in kleine hoekjes. Ik moest er vreselijk van zuchten.

Still Alive, Nutshuis, Den Haag, t/m 3/12.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.