Reportage

Gescheiden maar toch onder één dak, want er is geen woning te vinden

Sandra woont noodgedwongen na haar scheiding op een camping.  Beeld Linelle Deunk
Sandra woont noodgedwongen na haar scheiding op een camping.Beeld Linelle Deunk

Vele duizenden Nederlanders zitten na een echtscheiding zonder huis. Steeds vaker blijven ze bij hun ex, met oplopende spanningen tot gevolg. Een mediator, makelaar en advocaat bepleiten snelle (tijdelijke) oplossingen.

Gillende vossen houden Sandra (32) uit Velsen ’s nachts regelmatig uit haar slaap. En anders zijn het wel ketende kraaien op het platte dak die haar dag al voor zonsopgang laten beginnen. De moeder van twee jonge kinderen zegt het niet lang meer uit te houden in de ‘wildernis’ waar ze is neergestreken, maar voorlopig is er geen keus. Vijf maanden geleden is ze na veertien jaar huwelijk gescheiden van haar man. Maar omdat ze geen betaalbare woonruimte kon vinden, bleef ze ook na het uitspreken van de scheiding noodgedwongen met hem onder een dak wonen. ‘Ik kan maximaal 700 euro per maand betalen, maar de meeste huurwoningen zijn 1.000 à 1.300 euro. Soms komt er een tijdelijke of antikraakwoning vrij, maar daarvoor kom je niet in aanmerking als je opgroeiende kinderen hebt’, zegt Sandra.

De spanningen in huis liepen na de scheidingsprocedure verder op. Het vreedzaam uit elkaar gaan, wat zij en haar ex-man zich zo vol overtuiging hadden voorgenomen, werd een beproeving. De heilloze zoektocht naar een woning vergrootte de stress in huis. Het uitblijven van de aangekondigde breuk gaf haar kinderen van 8 en 13 jaar valse hoop. ‘Ik weet niet waar ik aan toe ben’, zei de oudste drie maanden nadat de scheiding officieel was uitgesproken en het gezin intact bleef alsof er niets was veranderd.

Daarop besloot Sandra tot een noodgreep. Ze ging op zoek naar een caravan en vond er een op een camping grenzend aan een natuurgebied, op twintig minuten fietsen van haar kinderen. ‘Hoewel ze veel langskomen en een nachtje kunnen blijven logeren, zien ze mij minder vaak dan normaal. Ze waren gewend dat ik er altijd was, omdat ik door medische problemen niet werk. De jongste begint bij elke stap die ik zet te huilen, bang dat ik haar verlaat.’

Sandra’s grootste angst is het scenario waartoe een buurtgenoot in dezelfde situatie uiteindelijk heeft besloten: een huis huren aan de andere kant van het land. ‘Als er iets met je kind is, ben je nooit op tijd.’

De mediator

Sandra en haar ex-man hebben hun scheiding en co-ouderschap (50-50) geregeld met behulp van mediator Ramona Bleyie uit Velsen. De echtscheidingsbemiddelaar heeft de afgelopen twee jaar de wooncrisis haar praktijk zien binnensluipen. Ze omschrijft het als een monster dat het toch al pijnlijke proces van scheiden ernstig kan verstoren.

Steeds vaker heeft ze te maken met paren die uit elkaar willen, maar niet kunnen omdat de vertrekkende partij geen betaalbare woning kan vinden. ‘Gedwongen samen blijven leven zonder zicht op de eindstreep, vergroot het risico op hoogoplopende ruzies, soms uitmondend in huiselijk geweld. Ik zie stellen die prima door één deur konden maar door het gedwongen bij elkaar blijven als twee vechtende katten tegenover elkaar staan. Zo belanden ze toch in een vechtscheiding. Dan kan ik als bemiddelaar weinig meer uitrichten en nemen ze een advocaat in de arm.’

Vooral kinderen lijden onder het uitstel van de breuk, ziet Bleyie. ‘De onzekerheid over hoe lang de verhuizing van vader of moeder nog duurt en de oplopende stress in huis in deze toch al moeilijke situatie , is slecht voor hun emotionele ontwikkeling. De samenleving krijgt hier de rekening voor gepresenteerd.’

Toen de mediator op een dag de zoveelste cliënt in huilen zag uitbarsten omdat ze geen woning kon vinden, besloot ze meer te doen dan luisteren en bemiddelen. ‘Ik legde contact met een advocaat en een makelaar, om samen naar concrete oplossingen te zoeken.’

Van links af: mediator Ramona Bleyie, advocaat Nynke Fridsma en makelaar Daniëlle Smit op een braakliggend terrein in Velsen waar zij graag flexwoningen voor spoedzoekers zouden zien. Beeld Rebecca Fertinel
Van links af: mediator Ramona Bleyie, advocaat Nynke Fridsma en makelaar Daniëlle Smit op een braakliggend terrein in Velsen waar zij graag flexwoningen voor spoedzoekers zouden zien.Beeld Rebecca Fertinel

De advocaat

Waar gaan we wonen?, is tegenwoordig de meest urgente vraag bij echtparen in scheiding, vertelt Nynke Fridsma, familierechtadvocaat in Heemskerk. ‘Ze kijken mij dan vragend aan, maar ik kan geen huis uit mijn mouw schudden.’

‘Iedereen is zich ervan bewust dat het moeilijk is om woonruimte te vinden, en dat wát er is, duurder is,’ zegt de advocaat. Daardoor is er meer strijd dan voorheen om de gezamenlijke woning. ‘Meestal moet een rechter bepalen wie in de gezamenlijke woning mag blijven.’

‘De ramp’ van het tekort aan betaalbare woningen, zoals Fridsma het noemt, heeft volgens haar gevolgen voor gedeeld ouderschap na de scheiding. Steeds meer vaders en moeders kiezen ervoor na een scheiding de zorg voor de kinderen fifty -fifty te verdelen, maar dat kan alleen als zij bij elkaar in de buurt blijven wonen. ‘Dat wordt door de wooncrisis steeds moeilijker te realiseren. De kinderen zien een van beide ouders dan minder vaak dan gewenst.’

De advocaat ziet ongewenste woonsituaties ontstaan. Vaders of moeders die met hun kroost intrekken bij hun ouders, vaak met spanningen tot gevolg, omdat de ruimte beperkt is of opa en oma zich met de opvoeding gaan bemoeien. Ook ziet ze ouders in de schulden raken. Omdat de vertrokken partner geen sociale huurwoning kan krijgen, valt de keuze noodgedwongen op woonruimte in de particuliere sector. ‘Ze betalen een kale huur van 1.100 à 1.300 euro en dat van een inkomen van 1.600 à 1.800 euro. Dat is niet te doen’, zegt Fridsma. ‘Ze sluiten een lening af om in hun dagelijks onderhoud te voorzien.

Hetzelfde patroon zie je bij degenen die wel een woning kunnen kopen, maar dan in de laagste prijsklasse. Dat zijn vaak woningen met gebreken, zoals tocht en schimmel, verzakkingen, zonder centrale verwarming. Met een lening worden de grootste gebreken aangepakt.’ Ook ziet ze cliënten ontsnappen aan het gedwongen samenwonen met de ex door overhaast in te trekken bij een nieuwe partner. ‘Of dat voor de verwerking van de scheiding en de nieuwe relatie zo verstandig is, is de vraag.’

De makelaar

Het is tegenwoordig vaker de vrouw die na een relatiebreuk de echtelijke woning verlaat, ziet Daniëlle Smit, makelaar in de regio Kennemerland. Zeker als het om een koophuis gaat. De hoge hypotheeklasten kan zij vaak niet in haar eentje opbrengen, daarom is zij degene die moet verhuizen. Hier wreekt zich, zegt Smit, dat veel vrouwen niet financieel onafhankelijk zijn. ‘Ze hebben niet goed voor zichzelf gezorgd. Zodra er kinderen komen, zetten nog veel vrouwen hun carrière in de pauzestand en gaan minder uren werken of soms helemaal niet meer.’ Mannen blijven vaak wel voltijds werken. Blijkt de liefde jaren later gedoofd met een scheiding tot gevolg, dan is hij met zijn hogere inkomen dikwijls wel, maar zij vaak niet in staat om de woonlasten van de gezamenlijke woning alleen te dragen.

Een vrouw met een modaal inkomen heeft nog wel kans op een koopwoning als het gezamenlijke huis zo’n hoge marktwaarde heeft, dat ze bij uitkoop een bedrag meekrijgt waarmee op de huidige woningmarkt nog iets op de kop te tikken valt. Maar dat zijn uitzonderlijke gevallen, stelt de makelaar. In de regio Kennemerland, waar zij werkt, is in plaatsen als IJmuiden en Velserbroek nog wel een tussenwoning voor 3 à 4 ton te vinden. Het gros van de verhuizende ex-partners is aangewezen op de particuliere huurmarkt, omdat er onvoldoende sociale huurwoningen beschikbaar zijn en ze vaak niet staan ingeschreven bij een woningcorporatie, zegt Smit. ‘De particuliere markt is helemaal een kostbaar drama.’

Wordt de vrouw uitgekocht, maar kan ze geen koopwoning binnen haar budget vinden, dan is de kans groot dat het vermogen op haar rekening binnen een paar jaar verdampt. Ze moet er jaarlijks belasting over betalen. Omdat ze door haar vermogen niet in aanmerking komt voor een sociale huurwoning, zal ze een dure vrije-sectorwoning moeten huren. Interend op haar vermogen, raakt de kans op een koopwoning steeds verder uit zicht, wordt de hoge huur op termijn moeilijk op te brengen en is ze al met al financieel vaak slechter af dan haar ex die in hun ooit gezamenlijke huis is achtergebleven, zegt Smit.

De wethouder

De mediator, de advocaat en de makelaar staken de koppen bij elkaar om oplossingen voor te leggen aan de Velsense wethouder wonen, Floor Bal. Zo telden ze drie braakliggende terreinen binnen de gemeentegrens waar flexwoningen gebouwd kunnen worden, stelden ze voor leegstaande gebouwen om te bouwen tot appartementen of een scheidingshotel, en bespraken ze of permanent wonen toegestaan kan worden in recreatiewoningen. Ook zouden gescheiden gezinnen met kinderen voorrang moeten krijgen als er een sociale huurwoning vrijkomt, middels een urgentieverklaring. ‘Een gemeente kan actief meewerken aan transformatie en herontwikkeling door de bestemming om te zetten naar woonbestemming’, zegt makelaar Smit. Ook zou volgens het drietal een ouder met kinderen in aanmerking moeten komen voor woningen die op de nominatie staan voor sloop of renovatie.

‘Het is goed dat deze drie vrouwen mij op de omvang van deze problematiek hebben gewezen’, zegt Floor Bal over het gesprek dat hij met hen heeft gevoerd. Daar had de Velsense wethouder wonen eerder niet goed zicht op. Nu weet hij dat het aantal gescheiden ouders met kinderen dat (tevergeefs) heeft aangeklopt voor een sociale huurwoning, de afgelopen twee jaar in zijn gemeente (met 68 duizend inwoners) is vervijfvoudigd tot zo’n twintig per jaar. De druk op de krappe woningmarkt is ook in de regio Kennemerland groot.

Gemeenten kunnen zelf bepalen welke kwetsbare groepen ze voorrang geven bij de toewijzing van een woning, zegt de wethouder. Nu zijn dat, in lijn met de Huisvestingswet, alleen bewoners van een blijf-van-mijn-lijfhuis en mensen die mantelzorg nodig hebben en geven. Gescheiden ouders met kinderen moeten wat hem betreft ook een urgentieverklaring kunnen krijgen. Na het gesprek met de mediator, advocaat en makelaar heeft de wethouder hiertoe een voorstel ingediend bij de gemeenteraad. ‘Hopelijk gaan ze er eind dit jaar mee akkoord, als de huisvestingsverordening wordt vastgesteld.’

En die braakliggende terreinen en lege kantoren? Dat ziet hij niet als een oplossing. ‘Mensen vergeten vaak dat je voor flexwoningen ook kostbare nutsvoorzieningen moet aanleggen. Zeker als het gaat om kinderen vind ik dat we duurzame huisvesting moeten bieden, en dat betekent meer permanente woningen bouwen.’ Wat heeft Velsen inwoners als Sandra, die acuut op zoek zijn naar woonruimte, te bieden? ‘Voor noodgevallen probeert ons noodteam een voorlopige oplossing te vinden in een van de acht tijdelijke woningen in onze gemeente voor schrijnende gevallen, maar die zijn nu allemaal bezet.’

Ramona Bleyie is teleurgesteld over het gebrek aan daadkracht bij de overheid, ook in de gemeente Velsen. Een urgentieverklaring voor gescheiden gezinnen met kinderen zal enige soelaas bieden, maar is lang niet genoeg, zegt ze. ‘Op een van de braakliggende terreinen in Velsen die wij in kaart hebben gebracht, staat al 15 jaar een bord ‘te koop’. Zet daar containerwoningen neer. Richt een leeg kantoor in als hotel voor gescheiden ouders met kinderen.’ De mediator voelt zich murw geslagen, zegt ze. ‘Het lijkt alsof niemand zich verantwoordelijk voelt de acute woningnood van steeds meer mensen op te lossen. Aan welke bel moet ik nog trekken?’

De naam van Sandra is om privacyredenen gefingeerd. Haar echte naam is bij de redactie bekend.

30 duizend scheidingen per jaar

In Nederland strandt één op drie huwelijken. Dat zijn 30 duizend stellen. Ten minste één van de partners zoekt vervolgens een andere woning. Het daadwerkelijke aantal woningzoekenden na een relatiebreuk is groter, omdat een deel niet in de echt verbonden is.

Uit een enquête onder 326 advocaten die aangesloten zijn bij de Vereniging van Familie- en erfrechtadvocaten en Scheidingsmediators (vFAS), blijkt dat in 63 procent van de echtscheidingszaken huisvesting van de vertrekkende partner een probleem is. Deze kan óf geen betaalbare woning vinden, óf, als er kinderen bij betrokken zijn, geen woning vinden in de buurt van de andere ouder. Daardoor is co-ouderschap moeilijk of onmogelijk.

Steeds meer ex-paren leven na de scheiding nog samen, sommigen meer dan een jaar, zien de advocaten. Andere woonvormen die zij in de enquête noemen zijn intrekken bij (groot)ouders of birthnesting. Dan blijven de kinderen in het ouderlijk huis wonen en wisselen de ouders elkaar af. In de periode van afwezigheid logeert vader of moeder bij familie of vrienden of verblijft in een tijdelijke woning, caravan of bij een nieuwe partner.

In sommige gemeenten zijn er speciale noodvoorzieningen voor gescheiden ouders met kinderen, zoals parentshouses. Daar kunnen ze maximaal een jaar een woning huren, die zij delen met twee à drie lotgenoten. Er zijn nu 17 van deze huizen in onder meer Amersfoort, Amsterdam en Delft. Er is ook een commerciële partij in dit gat gesprongen. De website van Divorce Housing meldt: ‘Momenteel zijn al onze objecten verhuurd.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden