Gerechtshof moet zaak-Samir A. overdoen

Het gerechtshof in Amsterdam moet een zaak van terrorismeverdachte Samir A. opnieuw onderzoeken en daarin uitspraak doen. Dat heeft de Hoge Raad dinsdag bepaald. Het hof in Den Haag sprak A. in november 2005 vrij van het voorbereiden van een terroristische aanslag....

Hoewel het Haagse hof er destijds niet aan twijfelde dat A. terroristische intenties had en geprobeerd had een explosief mechanisme te vervaardigen, werd hij vrijgesproken omdat met de aangetroffen spullen geen succesvol explosief kon worden gefabriceerd. Zijn pogingen waren volgens het hof ‘zo onbeholpen en primitief’ en A.’s activiteiten bevonden zich ‘in een zodanig pril stadium’ dat daarvan binnen afzienbare termijn geen reële dreiging kon uitgaan.

A. stond in feite nagenoeg met lege handen, aldus het hof. Het Openbaar Ministerie was het met die lezing oneens en ging in cassatie bij de Hoge Raad.

Volgens de hoogste rechter heeft het hof een beperkte en onjuiste uitleg gegeven van het begrip ‘voorbereidingshandelingen’. Strafbaar is bijvoorbeeld het voorhanden hebben van voorwerpen die ‘kennelijk bestemd’ zijn om een bepaald misdrijf te plegen. Hierbij moet worden nagegaan welke intentie de verdachte met die voorwerpen had. Het hof heeft dit niet goed in ogenschouw genomen, aldus de Hoge Raad. Het hof in Amsterdam moet dat nu alsnog doen.

Volgens de aanklacht van het OM had de verdachte onder meer plattegronden van en routebeschrijvingen naar het Binnenhof, Schiphol, de kerncentrale Borssele en het AIVD-gebouw voorhanden. Daarbij had hij informatie over de beveiliging van die gebouwen en aantekeningen over de werking van wapens en explosieven. Verder had hij onder meer één of meer patroonhouders, een geluiddemper, een kogelwerend vest, een nachtkijker, een portofoon, wapens en chemicaliën. Ook had hij kunstmest, maar daarin ontbrak het noodzakelijke ammoniumnitraat voor het vervaardigen van een explosief.

Toen Samir A. door het Haagse hof werd vrijgesproken was de nieuwe wet terroristische misdrijven nog niet van kracht. Die werd wel toegepast in de Piranhazaak, waarin A. afgelopen december tot acht jaar celstraf veroordeeld wegens het voorbereiden van terroristische aanslagen. De rechters oordeelden dat A. ‘nietsontziend’ is in de verwezenlijking van zijn terroristische idealen. Zo was in eerdere strafzaken volgens de rechters zijn bijzondere belangstelling voor het AIVD-gebouw al gebleken. Hij zit op dit moment gedetineerd in de speciale terroristenafdeling in Vught.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden