Geraffineerde Van Manen bij Het Nationale Ballet

Het is leuke choreografenhumor: een ballet opdragen aan twee collega's die huischoreograaf zijn bij het gezelschap dat je zelf anderhalf jaar geleden boos hebt verlaten....

Daarmee doelt Van Manen op het dansers- en choreografenechtpaar Sol León en Paul Lightfoot, voor wie hij jarenlang prachtige choreografieën maakte bij het Nederlands Dans Theater. Van Manen zag zijn werk te weinig geprogrammeerd bij het NDT en werd met open armen door HNB binnengehaald.

In de twee paren die centraal staan in dit werk voor tien dansers herken je moeiteloos de speelse Lightfoot en de sterke León. Wat niet wil zeggen dat Gaël Lambiotte en Cédric Ygnace de mannenrollen niet persoonlijk vormgeven en dat Igone de Jongh en Yumiko Takeshima niet net zo veel vrouwelijke eigengereidheid aan de dag leggen als León tijdens haar danserscarrière.

Ygnace en Lambiotte maken zelfs juweeltjes van hun beider solo's die vooral bestaan uit weglaten. Ygnace permitteert zich tijdens zijn vliedende rondjes slechts een kordate en opvallende zet met zijn voetzool tegen zijn knie. Lambiotte zoekt en kijkt, houdt in, accelereert en haalt zijn muze De Jongh weer terug uit de coulissen. Fraai zijn ook de duetten waarbij de vrouwen zich soms neervleien tot een fractie boven de dansvloer.

Het materiaal dat Van Manen inzet is bekend. De schuin gestrekte trotse armen, de handen rustend op dijbenen, het rondcirkelen aan elkaars middel en het dwars oversteken van het podium. Maar dit keer heeft hij zijn idioom geraffineerd ondergedompeld in een weldadig bad van rust en terughoudendheid, waarachter mysterieuze emoties schuilgaan.

Zo schrijdt het tiental op de Funeral March van Benjamin Britten met ingehouden adem rond, het hele carré aftastend met niets anders dan zacht zoekende voetstappen. Ook de andere acht delen van Brittens Variations on a Theme of Frank Bridge - Van Manen liet er twee weg omdat hij die te schattig vond - krijgen een subtiel en trefzeker antwoord in dans. Het Holland Symfonia geeft er in de live begeleiding een mooie milde kleur aan, met veel aandacht voor detail en pianissimo.

Componist Thom Willems zet in zijn muziek voor The Second Detail (1991) van William Forsythe juist bikkelharde accenten door zijn elektronische beatbox over schuurpapier te halen. Op de achtergrond klinkt af en toe een symfonisch orgel waartegen de gedrumde vonken oplichten. Het is een fascinerend klankdecor voor een even fascinerend dansstuk, gezet door zes vrouwen en zeven mannen. Bijna continu zijn ze in hun grijze catsuits op het podium, omgeven door een strakke architectuur van witte wanden en metalen krukjes.

De dansers van Het Nationale Ballet trekken dit nieuw verworven repertoirestuk krachtig naar zich toe door de hoekige heuplijntjes scherp af te zetten tegen soms verleidelijke x-benen of onverwacht lyrische spitzensprongen. Een krachtig optreden dat het zwakke begin van deze Master Moves-avond wegspoelde met de weinig gearticuleerde uitvoering van George Balanchines klassieker Symphony in C (1947).

Alleen tweede soliste Marisa Lopez viel positief op met scherpe accenten. Zij herhaalde dit huzarenstukje in The Second Detail en kreeg terecht aan het begin van de avond de Alexandra Radiusprijs uitgereikt. Eerste soliste Anna Seidl mocht de eerste Panthère Oeuvreprijs van vijfduizend euro in ontvangst nemen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.