Gen

Ik heb met verbijstering kennisgenomen van de in bepaalde politiek-militaire kringen geuite verontwaardiging tegen de aanhouding van een inmiddels uit voorlopige hechtenis ontslagen Nederlandse militair....

Hun verontwaardiging is erop gebaseerd, dat hierdoor onzekerheid zou kunnen ontstaan bij de Nederlandse militairen over de al dan niet toelaatbare geweldstoepassing.

In de eerste plaats is dat geen rechtvaardiging om niet over te gaan tot de aanhouding van een militair, die ervan verdacht wordt een burger op grote afstand in de rug geschoten te hebben, hetgeen een oorlogsmisdaad is volgens het Internationaal Recht.

In de tweede plaats geeft de vierde Conventie van Gen als internationale regelgeving betreffende de bescherming van burgers in oorlogs- en bezettingstijd een juridisch kader voor het toegestane geweld.

Een van de grondregels is dat militaire acties, die tegen burgers gericht zijn, streng verboden zijn, tenzij er sprake is van een bijzondere situatie.

Dan mag er na het lossen van waarschuwingsschoten gericht geschoten worden, maar uitsluitend als er sprake is van een levensbedreigende situatie, hetgeen volgens het Openbaar Ministerie niet het geval was.

Uiteraard moet de schuld van de betrokken militair nog worden vastgesteld. In dit verband vind ik echter het door deze verontwaardiging gehouden impliciete pleidooi voor straffeloosheid een bedreiging voor de Nederlandse en internationale rechtsprincipes.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden