Geniaal/gewoon

Ze hadden 2.640 pagina's nodig voor zijn biografie. Bij de publicatie van het laatste deel leggen de schrijvers uit waarom Willem Drees elke letter waard is.

'U bent buiten ons de eerste die 'm ziet', zegt Hans Daalder (85) en wijst trots op de kloeke cassette met de vijfdelige biografie die op de salontafel in zijn Haagse woning staat. De rode letters op de witte ruggen vormen samen het woord DREES. 2.640 pagina's, weet co-auteur Jelle Gaemers (49). Vier kilo boek, zal de weegschaal in de badkamer later aangeven.


Sinds 1993 werkten emeritus hoogleraar politicologie Daalder en historicus Gaemers aan de biografie van de man die door Frits Bolkestein een van de grootste vijf staatslieden van Nederland werd genoemd. Daalders leven is al lang met dat van Drees vervlochten. Zijn eerste contact met hem was als jonge student. Veel later, in 1973, was het Drees zelf die hem vroeg zijn politieke biografie te schrijven, met de nadruk op 'politiek'. 'Ik weet wel wat u wilt', zou Drees zeggen als hij Daalder na weer eens een gesprek naar de voordeur van zijn huis aan de Haagse Beeklaan bracht: 'U wilt dat ik meer over personen spreek. Maar dat doe ik niet.'


Na Daalders emeritaat kon het echte karwei beginnen. Gaemers, die nu bij het Nationaal Archief werkt, werd aangezocht om het meterslange archief van Drees te ordenen. Hij zou zich ook bekwamen in het lezen van stenogrammen; Drees, die jarenlang stenograaf was in de Amsterdamse gemeenteraad en bij de Staten-Generaal, liet veel aantekeningen in steno achter. Al snel vroeg Daalder hem mee te schrijven. Uiteindelijk is het Gaemers die het eerste deel van de biografie, de jonge jaren, voor zijn rekening nam en nu in het slotdeel tekent voor de tijd na de actieve politiek. Wat omdat Drees bijna 102 jaar zou worden en tot op zeer hoge leeftijd betrokken bleef bij de actualiteit, een lange, bewogen periode omvat.


In dit slotdeel - Premier en elder statesman - komt de Drees uit de overlevering aan de orde. Een vaderlijke figuur, die als hij in 1945 minister wordt al bijna 60 jaar is. Rechtschapen, behoedzaam en met groot begrip voor andersdenkenden zal hij, als eerste socialistische minister-president, de belichaming worden van de wederopbouw van Nederland.


Een 550 pagina's lang volgehouden onverstoorbaarheid, dat is wat uit dit slotdeel spreekt. Drees trekt 's morgens het tuinhekje van Beeklaan 502 achter zich dicht, wandelt blootshoofds naar Plein 1813 waar Algemene Zaken was gevestigd, gaat tussen de middag lunchen bij zijn vrouw To, meestal met de radio op de nieuwszender en keert daarna terug naar het ministerie. De avonden brengt hij thuis door, meestal met een stapel stukken om door te nemen. Zo waakt Drees over het naoorlogse Nederland, dat even sober en spaarzaam leeft als hij. Hij groeit uit tot een zo vertrouwenwekkende figuur, dat hij het tien jaar zal volhouden als premier. Pas op zijn 72ste mag Vadertje Drees met pensioen.


'Het is een langduriger project geworden dan ik ooit had voorzien', zegt Gaemers als we ons gedrieën in de lichte studeerkamer van Daalder hebben geïnstalleerd. 'Daalder deed me het genereuze aanbod het eerste deel te schrijven. Dat werd mijn proefschrift. Voor het slotdeel kreeg ik een soortgelijk verzoek. Wil ik dit nog bij leven afronden, zei Daalder tegen me, dan heb ik hulp nodig. Mijn aandeel heb ik naast mijn werk op het archief gedaan. Drees is geen obsessie voor me geworden. Hij is me ook nooit gaan vervelen.'


Daalder: 'Mensen zeggen wel dat dit mijn levenswerk is, maar vergeet niet: tot aan mijn pensioen was ik hoogleraar. Mijn vrouw was soms wel kritisch: Drees woont nu wel erg lang bij ons in, kon ze zeggen. Je bent een trouwe echtgenoot, maar je bedrijft overspel met je werk.'


Drees maakte zijn notities in stenografie. Had dat een weerslag op zijn veelgeroemde snelheid van denken?

Daalder: 'Daar zijn we het niet over eens.'


Gaemers: 'Voor mij is steno een mechanische vaardigheid, zoals een opname-apparaat. Die snelle geest had hij al voordat hij met steno begon.'


Daalder: 'Drees was niet universitair opgeleid. Een deel van zijn eruditie dankt hij aan zijn werk als stenograaf. Dat helpt je hoofd- en bijzaken te onderscheiden.' Lachend: 'Maar deze opvatting is op bevel van Gaemers uit het boek verdwenen.'


Gaemers: 'U hoort, dit blijft een twistpunt.'


Zijn er meer twistpunten tussen u blijven bestaan?

Daalder: 'Eigenlijk niet. We hebben dezelfde kijk op Drees, al zijn onze bronnen verschillend. In het Nationaal Archief lag drie meter ongesorteerd materiaal en in het privéarchief ongeveer evenveel. Jelle heeft dat geordend en elk schriftelijk stuk over Drees gelezen.'


Gaemers: 'Nu ja, door mijn handen laten gaan...'


Daalder: '... en mijn kennis is gebaseerd op de vele gesprekken die ik met hem kon voeren. In '69 en '70 heb ik zijn hele leven en carrière vastgelegd in een oral history project. Wat een onvoorstelbare beheersing van de materie had hij. Nooit was er een aarzeling, elke formulering was juist. Hij had zo'n feilloos geheugen voor politieke vraagstukken en kon dat zo goed verwoorden dat je telkens dacht: o, zit dat zo?


'Later werd hij blind en doof. Dan dacht ik soms dat hij de vraag niet had verstaan. Maar dan kwam er een antwoord waaruit bleek dat jij het zelf was die de context niet snapte. Wilde je iets van politiek leren, dan was hij formidabel. Hij overzag het veld van de persoonlijkheden en kon feilloos andermans motieven inschatten. Hij wilde niet dat persoonlijke factoren zouden meespelen. Iemand publiekelijk afbreken zou hij nooit doen. Het was een geniale gewone man.'


U beschrijft Drees als een man die binnenshuis pantoffels droeg, geheelonthouder was, op zondagmiddag een wandeling maakte en soms naar de bioscoop ging. Veel meer komen we over zijn persoonlijk leven niet te weten. Had hij eigenlijk zoiets als een echt privéleven?

Daalder: 'Het was een aardige man, dat moet je van me aannemen. Hij hield rekening met anderen en kon heel attent zijn. Dan werd er met Kerst ineens een krans bezorgd, omdat mijn vrouw bij hem thuis orde had gebracht in zijn archief. De vrouwen en familie van de gijzelaars met wie hij in kamp Buchenwald zat tijdens de oorlog, stuurde hij met verjaardagen later altijd kaartjes of zelfs poëziebundels. Een hobby had hij niet, buiten de politiek. Moest ik een persoonlijk portret van hem maken, dan zou ik snel uitgeschreven zijn. Zijn stijl was eenvoudig. Hij stond net als een ander in de rij voor de bioscoop, ook als het regende. Een voorkeursbehandeling wilde hij niet.'


Gaemers: 'In het openbaar was hij zeer terughoudend. Als hij vond dat de overheidsfinanciën uit de hand liepen, kon hij achter gesloten deuren weleens uitroepen: zijn ze gek geworden in de regering? Maar tegen een journalist zou hij zijn mond houden. Hij bleef zakelijk, altijd.'


Een biograaf zal ook zoeken naar de scherpe kanten van zijn onderwerp. Drees komt uit uw biografie naar voren als een man zonder gebreken.

Gaemers: 'We hebben niet geprobeerd fouten te verdoezelen...'


Daalder: '... maar eigenlijk hebben we niet veel aangetroffen. Hij was de laatste SDAP'er. Arbeiderisme en de socialistische internationale, dat was belangrijk voor hem. Al vroeg zag hij in dat Nieuw Links elitistische trekken had en een anti-democratisch gevaar vormde doordat procedures werden genegeerd; dat alles onder het mom van democratisering. Hij werd door anderen wel als criticus van Nieuw Links geëxploiteerd. Zelf had hij er liever voor gekozen zich stilletjes uit de PvdA terug te trekken. Als partijleider heeft hij zich nooit gezien. Zijn maximale uitspraak daarover was: gezien de positie die ik ongeveer inneem...


'Met Indonesië zat hij in zijn maag. Vier jaar nachtmerrie heeft hij dat genoemd. Maar hij zei ook: dat het zo gelopen is, kun je alleen begrijpen als je de ontwikkelingen ziet. Het is niet goed gegaan, zei hij dan, maar je moet wel weten waarom. In de beeldvorming was Drees de kwaaie pier, hij heeft zich nooit van zijn verantwoordelijkheid willen losmaken. Dat andere ministers hem als de schuldige zagen, is onterecht. Al vroeg zag hij dat het onmogelijk was Soekarno niet te erkennen. En met Mohammed Hatta (socialist en eerste vicepresident van Indonesië) had hij een goede band.'


Tijdgenoten bestempelden hem nog wel eens als provinciaal. Na het Prins Albertkanaal begint voor hem een andere planeet, zei minister Mansholt. Zou u hem een visionair politicus durven noemen?

Daalder: 'Hij was dat meer dan ik zelf verwacht zou hebben. Neem het manuscript uit de oorlog dat we vonden en dat onder de titel Op de kentering postuum gepubliceerd is; wat daar staat over internationale politiek is nog steeds actueel. Hij schetst de samenhang van het wereldgebeuren; hoe Europa zal wegzakken en de VS en Rusland grootmachten worden. Nederland is een continentaal land, dat bepaalt zijn positie, zegt hij daar. Een opvatting die nog steeds als modern geldt.'


Gaemers: 'Hij had idealen. Maar hij concentreerde zich op het praktische bestuurswerk. We moeten kijken naar de problemen die vlak voor ons liggen, vond hij. Partijgenoten verweten hem dan dat hij geen visie had.'


Ziet u erfgenamen in de huidige politiek?

Daalder: 'Kok heeft zich wel eens zo getypeerd. Ik denk dat Kok en Den Uyl soms last ondervonden van het beeld van een socialistische premier dat Drees had neergezet. Het eerste exemplaar van de biografie wordt uitgereikt aan minister Asscher. Dat is niet toevallig. Die komt uit de lokale politiek en maakt deel uit van een regering waarin de sociaal-democraten de minderheid vormen. Hij was even burgemeester van Amsterdam, wat Drees ook een mooie functie zou hebben gevonden.'


U noemt Drees de duurste gepensioneerde aller tijden voor de gemeente Den Haag. Hoe is dat mogeljk?

Gaemers: 'In zijn tijd was het wethouderschap nog een eindbaan. Toen hij als 47-jarige aftrad, kreeg hij een half wethouderssalaris als pensioen. Daar heeft hij 55 jaar van kunnen profiteren. Van zijn eigen noodwet uit 1947 heeft hij nooit getrokken, daar zat een inkomensgrens aan. Toen hij 65 werd, had hij een ministerssalaris.'


Daalder: 'De Willem Drees-lezing vroeg het ABP eens om een financiële bijdrage. Het pensioenfonds wilde dat wel doen, maar met de kanttekening al veel aan Drees te hebben bijgedragen. Zoals het geld hier met scheppen wordt binnengebracht, dat is krankzinnig, heeft Drees zelf gezegd. Hij was niet zozeer zuinig, maar had een afkeer van weelderigheid.'


Een jaarlijkse lezing, een standbeeld op het Binnenhof en nu een dikke biografie - is dat genoeg om zijn herinnering recht te doen?

Daalder: 'Dat hij nog herinnerd wordt, behoeft evenzeer een verklaring. Drees heeft onderwerpen aangeroerd die nog steeds actueel zijn. De oprukkende privatisering, het afbouwen van de verzorgingsstaat, dat waren thema's die hem aan het hart gingen. Bezuiniger, dat wilde hij als eretitel voeren. Maar bij het huidige beleid zou hij ver uit de buurt blijven.'


CV

1886 Geboren in Den Haag


1904 Lid van de SDAP


1907 - 1919 Stenograaf in de Staten-Generaal


1919 - 1933 Wethouder in Den Haag


1919 - 1941 Lid Provinciale Staten van Zuid-Holland


1933 - 1940 Lid Tweede Kamer


1940 - 1941 Gijzelaar in kamp Buchenwald


1945 - 1948 Minister van Sociale Zaken, vicepremier


1946 Lid van de PvdA


1948 - 1958 Minister-president (vier kabinetten)


1971 Verlaat PvdA vanwege Nieuw Links


1988 In stilte begraven op Oud Eik en Duinen in Den Haag

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden