Generatie X heeft geest van festival wel degelijk nieuw leven ingeblazen Succes Woodstock '94 komt op naam van publiek

Regen. De derde en laatste Woodstock-dag begint weinig hoopgevend. Het festivalterrein oogt inmiddels als een somber kraterlandschap. De Woodstock nation scharrelt - ingepakt in plastic, tentzeil en regenpakken - door de modder: een zompige brij waar je soms tot enkelhoogte in wegzakt....

Van onze verslaggever

Gert van Veen

SAUGERTIES

Het spekgladde terrein, dat bijna nergens vlak is, maakt het de sport van de dag om niet onderuit te gaan. Schuivelend, schaatsend, tuimelend en tollend probeert de menigte op de been te blijven. Onmogelijk, zodat iedereen binnen de kortste keren even nat en smerig is. De eenheid tussen de honderdduizenden leden van de tweede Woodstock-generatie wordt gesmeed met vette, bruine modder.

Het lokale ziekenhuis krijgt dit festival niet te maken met flippende, oververhitte of uitgedroogde patienten, maar met gebroken benen, verstuikte enkels en zelfs een (fatale) gebroken nek. De politie vreest dat er ongelukken gaan gebeuren, wanneer vertrekkende bezoekers, daas van de uitputting, niet meer in staat zijn om nog auto te rijden. Ook wordt iedereen aangespoord vooral vóór het wegrijden onder de auto te kijken, omdat duizenden jongeren op de wonderlijkste plaatsen een slaapplaats proberen te vinden die in ieder geval droog is.

Veel bezoekers hebben genoeg van de regen en modder, zodat de uittocht al op zondagochtend begint. Het vertrekkende publiek zorgt al meteen voor files en wegversperringen. Geruchten worden steeds hardnekkiger dat de officiële bezoekersaantallen ook veel te laag waren. Een half miljoen op zaterdag zou dichter in de buurt komen.

De modderige chaos die het festival dan is geworden, maakt vooral duidelijk dat de organisatie op ongeveer alle punten tekort is geschoten. Zo zijn de Nederlandse festivals, die in de 25 jaar sinds de eerste Woodstock een gedegen traditie hebben opgebouwd, bijvoorbeeld veel beter opgezet.

Woodstock Ventures heeft de lokale politie dan wel tevreden gesteld met de uitgebreide parkeerplaatsen (vaak op kilometers van het terrein), zodat grote files op de heenweg zijn voorkomen, maar de miserabele modderpoel die het festivalterrein na enkele regenbuien is geworden, maakt dat je je afvraagt of zo'n terrein überhaupt wel geschikt is om een festival van zo'n omvang te organiseren. Er zouden op zijn minst betere wegen moeten worden aangelegd. En een soort afvoer zodat het water bepaalde gebieden niet meteen al onbegaanbaar maakt.

De puinhoop van het Woodstock van '69, dat tot rampgebied werd verklaard, had nog wel iets sympathieks, omdat iedereen totaal verrast werd door de immense opkomst. Maar ditmaal ligt het anders. Woodstock Ventures en Polygram hebben zich blindgestaard op het behagen van de autoriteiten, de sponsors en de televisiestations, maar geven geen moer om het publiek, de Woodstock nation zelf.

Een medewerkster van het pr-bedrijf dat is ingehuurd om de pers te helpen, klapt op de avond voor het festival uit de school en vertelt dat het er helemaal niet toe doet hoeveel toeschouwers komen, want de televisierechten zouden de kosten van het festival dekken.

MTV, CNN en andere grote tvstations, allemaal in de ereloge, en vorstelijk behandeld door de organisatie, brengen Woodstock '94 live op tv en maken het een media-spektakel van ongekende omvang. Maar de logistieke problemen van zo'n immens festival zijn zwaar onderschat. Een kampeerterrein, dat al na een paar buien blank staat, verdient bepaald geen kwaliteitsprijs van de consumentenbond.

Het is een vreemde tegenstelling. Op een gladde, berekende manier kakelt John Scher, de hoogste baas van Polygram, tijdens de dagelijkse persconferenties over de fantastische sfeer en de 'spirit of Woodstock'. Maar het is eerder ondanks dan dank zij de organisatie dat die sfeer er ook is. De festivalgangers zijn werkelijk vriendelijk voor elkaar, helpen de ander overeind te blijven en deze ellende te doorstaan.

De Generation X toont zich niet eenkennig, is te vinden voor alle stijlen en genres die het grote programma biedt. Rock en metal, hip hop en house, soul, reggae, folk, en alles daar tussen in.

Het is niet makkelijk om hoogtepunten aan te wijzen: elke groep is supergemotiveerd, want de hele wereld kijkt mee: Woodstock '94 is op maat gemaakt voor tv. Het ziet er goed uit met de flitsende regie van bands op een groot podium, voor een gigantische massa. (met de Mud people als exotische en fotogenieke bonus).

In alle categorieën zijn er bijzondere concerten. Het heropgerichte Traffic, met Stevie Winwood in topvorm, is goed op dreef, evenals Primus, Paul Rodgers en The Band, voor de gelegenheid versterkt met Roger McGuinn.

Iedereen geeft zijn eigen invulling aan het idee Woodstock. De nasty dames van Salt 'N Pepa, dopen het festival Woodcock, Jimmy Cliff maakt van zijn optreden gebruik om te wijzen op het gevaar van het verdwijnende regenwoud, rapgroep Arrested Development heeft een boodschap van love & peace.

Voorafgaand aan een gelegenheidsgospelgroep met Mavis Staples en CeCe Peniston, als de regen met bakken tegelijk naar beneden komt, is Country Joe McDonald onverwacht verschenen, om de Woodstock nation nog eenmaal uit volle borst FUCK te laten blèren.

Tijdens de avondschemer, als het wolkendek eindelijk opentrekt en de ondergaande zon de hemel roodkleurt, betreedt Bob Dylan het podium. De menigte staat dicht opeengepakt om een glimp te kunnen ontwaren van de oude held, die 25 jaar te laat toch nog naar Woodstock is gekomen. Dylan speelt veel bekend werk en heeft het naar zijn zin: er verschijnt warempel een voorzichtige glimlach op zijn gezicht.

Maar net als zaterdag zijn het ook op de slotavond groepen van de nieuwe generatie die Woodstock werkelijk op zijn kop zetten. The Red Hot Chili Peppers brengen de sfeer rond een uur of elf tot het kookpunt in een daverend Higher ground, en steken in de toegift nog even de draak met de Woodstocklegende.

Verkleed als vier Jimi Hendrixklonen (inclusief witleren franjejack en zwarte pruik), slaat de groep een paar gitaren kort en klein, en zet vervolgens in het slotnummer nog een uitroepteken achter het optreden.

Peter Gabriel & Band (met Youusou N'Dour) mogen het festival afsluiten. Dat doen ze met een fraai uitgebalanceerde show, waarbij de choreografie tot in de kleinste details is ingestudeerd. Gabriel is van de camerabewuste MTV-generatie de meest geavanceerde, werkt op het podium zelfs mee aan de livetv-regie met behulp van een minicamera, die aan zijn hoofd is bevestigd.

Gabriel besluit drie dagen Woodstock met het ingetogen Biko, terwijl door het publiek kaarsen worden ontstoken. Het festival eindigt in stilte: Gabriel verzoekt de Woodstock nation stil te staan bij het drama in Rwanda.

Het is een passend slot van een evenement waarvan de echo's - alleen al op plaat, film en video - nog jaren zullen doorklinken. Ondanks alle commerciële motieven die er aan vooraf waren gegaan, werd de 'spirit of Woodstock' op de Winston Farm in Saugerties ook werkelijk nieuw leven ingeblazen.

De duizenden festivalgangers, die de (koude) nacht nog op de Winston Farm hebben doorgebracht, omdat ze geen vervoer terug konden vinden, worden al vroeg gewekt door een stralende ochtendzon. Goodmorning Woodstock! schalt het opgewekt uit de tent van een wel erg wakkere bezoeker. En van overal op het terrein, dat oogt alsof er die nacht een zware slag heeft gewoed, wordt zijn groet beantwoord.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden