General Motors bevrijdt zich van overheidsjuk , maar tegen welke prijs?

Amsterdam De wederopstanding van autofabrikant General Motors wordt vandaag bekroond met een van de grootste beursgangen ooit. De aandelenemissie moet ruim 17 miljard dollar (12,5 miljard euro) opbrengen. Het grootste deel daarvan vloeit rechtstreeks naar de Amerikaanse schatkist.

Op de beurs in New York tikken de laatste uren weg voor het belangrijkste beursmoment van het jaar: de apotheose van 'Project Dageraad'. Zo noemen bankiers en overheidsfunctionarissen de tweede beursgang van General Motors (GM) onderling, naar het schijnt. De naam lijkt goed gekozen, want het is een dag van hoop en wedergeboorte voor de Amerikaanse autofabrikant. Nadat een vernederend bankroet het bedrijf vorig jaar had gereduceerd tot een filiaal van het Amerikaanse ministerie van Financiën, staat GM vanaf vandaag weer op eigen benen. De Amerikaanse overheid zal haar belang van 61 procent in GM vermoedelijk terugschroeven naar ongeveer 33 procent. Daarmee kan het de smadelijke bijnaam 'Government Motors' eindelijk van zich afschudden. GM verloor zijn beursnotering in juni 2009 na de privatisering door de Amerikaanse staat. Het bedrijf stond in New York genoteerd sinds 20 december 1916 en was van 1925 tot aan het bankroet een van de vaste waarden in de Dow-Jonesindex, de graadmeter van de vijftig grootste industriële bedrijven in de VS.


GM geeft vandaag 478 miljoen gewone aandelen uit tegen een uitgifteprijs die naar verwachting tussen de 32 en 33 dollar zal liggen. Daarnaast zijn er 80 miljoen preferente aandelen te koop tegen een openingskoers van 50 dollar. De totale opbrengst zal daarmee minstens 19,3 miljard dollar (14,2 miljard euro) bedragen. In de geschiedenis van de Verenigde Staten werd maar een keer meer geld opgehaald bij een beursgang. Creditcardbedrijf Visa bleek begin 2008 bij zijn eerste notering aan de New York Stock Exchange 19,7 miljard dollar waard.


Flinke veer gelaten

De uitgifte van preferente aandelen bij een beursgang is ongebruikelijk. Waarschijnlijk speelt GM met dit aanbod in op de wensen van institutionele beleggers. Zij kijken vooral naar de lange termijn en stellen daarom prijs op het vaste dividend van rond de 5 procent dat de preferente aandelen opleveren. Gewone aandelen geven geen recht op een vast dividend.


Voor de regering-Obama hangt veel van de beursgang af. De Amerikaanse overheid heeft sinds de economische crisis van 2008 49,5 miljard dollar in de redding van GM gestoken. De automaker heeft daarvan 9,5 miljard terugbetaald; resteert een schuld van 40 miljard. Namens de Amerikaanse belastingbetalers moet de regering dat geld op de een of andere manier zien terug te halen. Dat geldt ook voor Canada, dat 9,5 miljard dollar in GM pompte. De overheden wilden de autofabrikant, een van de iconen van het Amerikaanse bedrijfsleven, koste wat kost redden omdat in de VS en Canada ongeveer 600 duizend werknemers en gepensioneerden van GM afhankelijk zijn.


GM schreef al sinds 2007 rode cijfers, maar raakte pas echt in de problemen toen door de recessie de autoverkopen wereldwijd instortten. Over 2008 leed GM bijna 31 miljard dollar verlies. Meerdere financiële injecties door Washington konden het faillissement in juni 2009 niet afwenden. De schuldenlast bedroeg op dat moment 173 miljard dollar, terwijl GM's bezittingen voor 82 miljard in de boeken stonden.


Zes weken later al maakte GM met hulp van de Amerikaanse en Canadese overheid een doorstart. In ruil voor deze bailout verwierf de Amerikaanse staat een meerderheidsbelang van 60,8 procent. Canada bezit 11,7 procent. De vakbond van de auto-industrie, United Auto Workers Union (UAW), zag zijn medewerking aan het reddingsplan beloond met een aandeel van 17,5 procent. In ruil voor dat aandelenpakket verloste de vakbond GM van de verantwoordelijkheid voor de gezondheidszorg voor de gepensioneerde werknemers. Die is overgeheveld naar een apart fonds.


De resterende 9,8 procent van het autobedrijf is gereserveerd voor de obligatiehouders van de failliete firma, die GM als tegenprestatie 27,2 miljard dollar aan schulden kwijtscholden. De kans dat zij hun verlies goedmaken is klein, want op basis van de uitgifteprijs is het bedrijf ongeveer 60 miljard dollar waard. Het aandeel van de obligatiehouders komt daarmee op hoogstens 6 miljard dollar. Ze hebben dus een flinke veer gelaten, tenzij de aandelenkoers na de herintroductie de lucht in schiet.


Ook de Amerikaanse regering moet daarop hopen. Met de huidige uitgiftekoers is de overheid bij lange na niet uit de kosten. De staat moet gemiddeld ruim 43 dollar voor zijn aandelen vangen om break-even te draaien. Om die reden wil de overheid niet al haar aandelen op de dag van de beursgang verpatsen. General Motors ziet graag dat de overheid haar aandelen zo snel mogelijk van de hand doet, want het kan de bemoeienis van Washington alweer missen als kiespijn. Het bedrijf maakt sinds begin dit jaar net als andere grote autofabrikanten weer winst. Vorige week kon GM pronken met een derdekwartaalwinst van 2 miljard dollar.


Immense belangstelling

Er bestaat immense belangstelling voor het aandeel. De aandelenemissie zou inmiddels vijf tot zes keer overtekend zijn. De betrokken banken zijn de afgelopen weken wereldwijd de boer op gegaan met het aandeel GM. Meerdere staatsfondsen uit Azië en het Midden-Oosten (onder meer dat van Koeweit) zouden interesse kenhebben. De Chinese autofabrikant SAIC, die in China een joint venture met General Motors heeft, heeft zich eraan gecommitteerd 1 procent van de GM-aandelen te kopen.


Op de Noord-Amerikaanse beurzen (GM krijgt vandaag ook een notering in Toronto) heerst bij voorbaat een euforische stemming over de beursgang. Die lijkt dankzij de enorme belangstelling niet te kunnen mislukken. Toch waarschuwen sceptici voor een hype. De omzet van GM groeit namelijk minder hard dan die van zijn concurrenten en de Europese dochter Opel hangt het bedrijf nog altijd als een molensteen om de nek. Opel en het Britse Vauxhall leverden GM in het derde kwartaal een verlies op van 600 miljoen dollar. De reorganisatie bij Opel (er worden achtduizend banen geschrapt in Europa) gaat GM zeker 3,3 miljard dollar kosten. De pensioenverplichtingen van het bedrijf zijn groter dan de daarvoor gereserveerde reserves. Als de eerste opwinding van de beursgang is weggeëbd, zal menig belegger zich wellicht nog eens op het hoofd krabben.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden