Generaal Kalshoven vecht de vorige oorlog uit

Zijn onwrikbare geloof in de vrije markt maakt Frank Kalshoven blind voor de werkelijkheid, constateert Paul Kalma. Critici van het marktdenken zijn geen querulanten, maar willen slechts een correctie aanbrengen op een doorschietende marktideologie....

Paul Kalma

ZIJN marktwerking en privatisering werkelijk zo gunstig voor de consument als de voorstanders beweren? Staan consumenten inderdaad te dringen om zo veel mogelijk keuzevrijheid op zoveel mogelijk terreinen te verwerven - of probeert men hen dat aan te praten? Het zijn vragen die aan Frank Kalshoven, getuige zijn column van afgelopen zaterdag, niet zijn besteed.

Kalshoven verwijt mij dat ik in mijn artikel over 'de aanbidding van koning klant' (Reflex, 23 juni) zelfgefabriceerde stropoppen opstel, om die vervolgens met veel misbaar te lijf te gaan. Vertonen markten gebreken? Laat Kalma niet denken dat hij 'een belangwekkende politiek-economische vondst heeft gedaan', want de economische handboeken staan er al sinds 1870 vol van. Is privatisering van de publieke sector niet het tovermiddel waarvoor het wel gehouden wordt? Maar dat beweert ook helemaal niemand.

De feiten zijn anders. Kalshoven onderschat om te beginnen wat zich op dit moment in ons land afspeelt. Marktwerking en privatisering zijn al meer dan vijftien jaar de lievelingen van beleidsmakend Nederland. Dat heeft soms positief resultaat opgeleverd (zoals de versoepeling van de winkelsluitingstijden), maar vooral bij de privatiseringsoperaties tot veel politiek en bestuurlijk geknoei geleid - van een overhaaste verzelfstandiging van de spoorwegen tot mededingingsautoriteiten die (zonder enig benul van de economische geschiedenis) geheel de vrije hand krijgen.

In die omstandigheden aan de traditie van economische samenwerking en 'georganiseerd kapitalisme' te herinneren, is niet het intrappen van een open deur, maar een correctie op een doorschietende marktideologie. Zoals Winsemius (in een recent advies aan het ministerie van Economische Zaken) de uitverkoop van nutsbedrijven ter discussie stelt en zoals de commissie-Wijffels de spanning tussen vernieuwing van de landbouw en een radicaal mededingingsbeleid benoemt.

In de tweede plaats blijkt Kalshoven zich te verkijken op de opmars van de marktideologie in de economische wetenschap zelf. Wanneer ik constateer dat private monopolies tegenwoordig hoger staan aangeschreven dan publieke monopolies, weigert hij dat te geloven. 'Wie', is de prangende vraag aan Kalma, 'kraamt dit soort onzin dan uit? Want als, ja als, Kalma iemand zou kunnen aanwijzen, iemand met enige statuur dan toch, die dit soort beweringen doet, dan zou Kalma het grootste gelijk van de wereld hebben.'

Laat ik voor de zekerheid niet één, maar twee vooraanstaande Nederlandse economen noemen die dit standpunt verdedigen. In Het Financieele Dagblad van 21 april 2000 schrijven Bovenberg (hoogleraar algemene economie in Tilburg; eerder adjunct-directeur van het CPB) en Teulings (directeur van het Tinbergen Instituut; hoogleraar arbeidseconomie in Rotterdam): 'Privatisering is zelfs in het geval van monopoliemacht vaak te verkiezen. De praktijk leert namelijk dat voortdurende politieke interventies een slecht instrument zijn om de macht van een publiek monopolie te beheersen.'

Eerder al hadden beiden in het vakblad ESB (24 maart 2000) hun voorkeur voor private boven publieke monopolies kenbaar gemaakt. 'Onzin', zoals Kalshoven schrijft? Nee, maar wel een zeer betwistbaar standpunt. Zoals ook de verdediging door Consumentenbond-voorzitter Cohen van het huidige privatiseringsstreven (Forum, 25 juni) verbazing wekt. Liberalisering en marktwerking in de collectieve sector, schrijft hij, mogen niet stopgezet worden 'met een verwijzing naar het gedeeltelijk falen van eerdere liberaliseringen'. Waarom niet, als ook de consument er weinig mee is opgeschoten?

Aan de spanning tussen vrijheid en zekerheid, bijvoorbeeld op pensioengebied, gaat Kalshoven, tenslotte, luchthartig voorbij. De behoefte aan maximalisering van die vrijheid 'is geen mythe, maar een feit'. Punt uit. Intussen wordt in de pensioen- en verzekeringswereld openlijk gespeculeerd over het afwentelen van beleggingsrisico's op de klant. Hoe zo'n omslag verkocht gaat worden? Ik voorspel: met een beroep op de keuzevrijheid van de consument.

Twintig jaar geleden was het het geloof in overheidssturing dat relativering verdiende. Nu vraagt de marktideologie om een even kritische behandeling. Wat dat betreft wekt Kalshoven de indruk van een generaal die, in gevecht met overheden en hun neiging om 'domweg sectoren van het maatschappelijk leven over te nemen' (alsof dat ooit zo gegaan is - pk) bezig is de vorige oorlog te winnen. En die, meer bevangen door het marktdenken dan hijzelf vermoedt, alleen nog individuele consumenten waarneemt en voor collectieve organisatievormen (van werknemers, van consumenten) geen belangstelling meer heeft. Want die zijn immers 'van de vorige eeuw'.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden