Geluk, dat stuur je met je hoofd

Hangt het menselijk geluk af van de persoonlijkheid en valt het verder niet te beïnvloeden? Praktijk en leer tonen het tegendeel, zegt Ruud Hollander....

Gelukkig zijn kun je niet leren: dat ben je of dat ben je niet, steltSuzanne Weusten in 'Geluk moet je hebben' (het Betoog, 26 november). Bladenen psychologen die je vertellen hoe je wel gelukkiger kunt worden, makenhaar moedeloos. Heeft ze gelijk? Kunnen mensen die voor een dubbeltjegeboren zijn nooit een kwartje worden? De wetenschap denkt daar andersover. Weustens beweringen stoelen op een aantal misvattingen.

Misvatting 1: Een mens verander je niet zomaar.

Het belangrijkste argument tegen de gelukspsychologie is dat de mensniet of nauwelijks maakbaar is. Of een mens gelukkig of ongelukkig is, ligtbesloten in zijn persoonlijkheid. En je persoonlijkheid kun je nietveranderen.

Geluksprofessor Ruut Veenhoven is het daar erg mee oneens. Los van devraag of geluk bepaald wordt door je persoonlijkheid, concludeert hij opbasis van eigen onderzoek dat geluk beslist wel te beïnvloeden is. 'Opkorte termijn blijft het geluksniveau ongeveer hetzelfde, maar op langetermijn niet', zegt de Rotterdamse hoogleraar. 'Dat komt doordatomstandigheden én mensen zelf veranderen. En eigen keuzen spelen daarbijwel degelijk een rol.'

Bekend is wat het effect is van bepaalde keuzen. In het algemeen geldtdat wie een betere baan krijgt waarvoor hij langer moet reizen,ongelukkiger wordt. Wie een paar keer per week gaat hardlopen, wordtgelukkiger. En wie iets goeds doet voor een ander ook. Dat is allemaalonderzocht.

Dat een mens best gelukkiger kan worden en kan veranderen, zie je in depraktijk. De succesvolste therapievorm is de cognitieve therapie, dieervan uitgaat dat je door je denken je emoties kunt bijsturen. De mensheeft als cognitief wezen zijn emoties tot op zekere hoogte in de hand. Datis geen bedenksel van bladen of gelukspsychologen. Als de mens nauwelijksmaakbaar was, zou deze therapie complete onzin zijn. En dat is niet zo.Nee, het is niet simpel je gevoelens te veranderen, maar het kan.

Natuurlijk, niet alle eigenschappen zijn zomaar bij te stellen. Maar jekunt met lastige persoonlijkheidstrekken ook leren leven. Iemand dieintrovert is, wordt nooit extravert, maar kan wel leren ermee om te gaan. Dat beogen gelukspsychologen: je bewust maken van de dynamiek tussen jepersoonlijkheid en je omgeving. Wie introvert is, hoort van psychologen dathij beter geen beroep kan kiezen waarin hij steeds mensen te woord moetstaan. Dat klinkt simpel, maar het heeft voor zijn geluksniveau enormegevolgen.

Hoe je je geluksniveau kunt opkrikken, blijkt uit een experiment van deberoemde Amerikaanse psycholoog Martin Seligman. Voor zijn onderzoek, dathij afgelopen augustus beschreef in American Psychologist, vroeg hijproefpersonen zich een week lang te richten op hun sterke kanten. Seligmans theorie is dat je gelukkiger wordt naarmate je meer tijd besteedt aan datwaarin je goed bent. Dus liet hij nieuwsgierige mensen op straat metvreemden gesprekjes aanknopen, schreven dankbare mensen eendankbaarheidsbrief en kregen creatieve mensen veel tijd voor zichzelf omcreatief te zijn. Wat bleek? Al deze mensen werden gelukkiger. Ook een halfjaar later.

De vraag is dus of onze persoonlijkheid echt zo stabiel is als wordtgesuggereerd. Uit onderzoek blijkt dat mee te vallen. Zo is bij kinderenonder de twintig de persoonlijkheid maar matig consistent (met eencorrelatie van 0,35 tussen de ene en de andere meting), rond je 20ste isde correlatie 0,54, rond je 30ste 0,64 en na je 50ste 0,75. Een correlatievan 1 betekent dat de persoonlijkheid niet meer verandert, maar bijnaniemand komt daar in de buurt. Hoogleraar ontwikkelingspsychologie Marcelvan Aken noemt onze persoonlijkheid 'enigszins stabiel'. Niet meer dan dat.

Misvatting 2: Aan geluk raak je gewend.

Een nieuwe ervaring is opwindend en maakt gelukkig, of het nu om eenverre reis, een nieuwe auto of een sportieve prestatie gaat, aldus Weusten. Na verloop van tijd slaat de gewenning toe en heb je nieuwe ervaringennodig voor hetzelfde gevoel. Op zich klopt dit, maar het punt is dat geenenkele gelukspsycholoog deze eendimensionale definitie van geluk zal delen.Geluk is namelijk niet hetzelfde als plezier. Voor gelukspsychologen ismaterieel genot de laagste vorm van geluk. Het gaat hun niet zozeer om een'plezierig' maar om een 'goed' leven. Belangrijker dan plezier is'voldoening', 'zingeving', weten waar je competenties liggen en dieoptimaal benutten.

Dat zijn meer duurzame en waardevolle vormen van geluk. Wie een doelheeft in zijn leven, wie doet waar hij goed in is en daaruit veelvoldoening haalt, zal tot in lengte van jaren gelukkig zijn. Want waar heteffect van een kick, van plezier, meestal snel afvlakt, blijft delevensvoldoening makkelijker op niveau.

Ruut Veenhoven: 'Al is het wel zo dat er voor de handhaving van delevensvoldoening natuurlijk regelmatig uitdagingen moeten zijn. Geluk iseen bijproduct van optimaal functioneren en we functioneren nu eenmaalbeter als iets van ons wordt gevraagd.'

Misvatting 3: Je bent vooral gelukkig als je beter af bent dan anderen.

In het artikel wordt gesteld dat we ons vooral gelukkig voelen als webeter af zijn dan de mensen in onze omgeving: 'Naarmate anderen meerhebben, zullen we onze eigen verworvenheden minder waarderen.' Dit wordthet mechanisme van sociale vergelijking genoemd. Gevolg is dat de helft vande bevolking van een land dus nooit echt gelukkig kan zijn, omdat die hetgemiddeld slechter heeft dan de rest.

Ook dit argument klopt niet. Als het mechanisme van de socialevergelijking allesbepalend zou zijn, zou het gemiddelde rapportcijfer datmensen geven aan hun geluksniveau in elk land namelijk 5 zijn. Omdat 50procent het beter heeft dan de buren en 50 procent slechter. Dewerkelijkheid is anders. In Zimbabwe is de gemiddelde geluksscore namelijkniet hoger dan een 3 en in Zwitserland geeft men gemiddeld een dikke 8. Datwil zeggen dat mensen helemaal niet zo naar anderen kijken en zich vooralbezighouden met hun eigen situatie. Een Zimbabwaan kan het relatief goedhebben en toch niet gelukkig zijn. Omgekeerd kan een relatief arme Zwitserzich toch gelukkig prijzen. Kortom: dat ons eigen geluk afhankelijk is vanhet geluksniveau van anderen, is niet waar.

Dat de maakbaarheid van het geluk een illusie is, is onhoudbaar. En desuggestie van Suzanne Weusten dat deze belofte iets is van de laatste tijd,is trouwens ook niet waar. Het artikel 'Geluk, je hebt het zelf in dehand,' dat ze aanhaalt, is namelijk niet recentelijk in PsychologieMagazine verschenen, maar al tweeëneenhalf jaar geleden. En heelwonderlijk: het verscheen onder haar verantwoordelijkheid. Ze was in dietijd namelijk zelf hoofdredacteur van Psychologie Magazine. Nog niet zolang geleden geloofde ze nog wel in de maakbaarheid van geluk. Terecht.Want geluk komt je niet aanwaaien - je moet er flink je best voor doen - maar het gezegde klopt: je kunt het afdwingen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden