Geldpers van ECB draait allang, zij het op laag pitje

Nu de rente op Italiaanse staatsobligaties kritieke hoogten heeft bereikt, groeit de druk op de Europese Centrale Bank (ECB) om de geldpers aan te zetten. Maar de ECB gebruikt zijn macht niet. Vijf vragen over de ECB.

Beeld epa

Waaruit bestaat de macht van de ECB?
De ECB kan onbeperkt geld uitlenen, omdat een bank geld kan drukken. De ECB is dus niet afhankelijk van de bereidheid van derden om geld aan de ECB te lenen. De bank kan in theorie gewoon 1900 miljard euro bijdrukken en daarmee alle staatsobligaties van Italië opkopen.

Het ECB-bestuur kan hier bovendien in één achternamiddag toe besluiten. Consensus tussen de zeventien eurolanden is niet nodig: een simpele meerderheid in het 23-koppige ECB-bestuur volstaat. De stroperige besluitvorming op eurotoppen en in zeventien parlementen leidt ertoe dat de Europese politiek constant achter de feiten aanloopt, waardoor de crisis almaar verergert. De ECB is de enige die snel en daadkrachtig genoeg kan optreden om dramatische ontwikkelingen vóór te zijn.

Waarom doet de ECB dat niet?
Omdat het instituut dat niet als zijn taak ziet. De ECB is opgericht om de waarde en betrouwbaarheid van de euro te beschermen en strijdt vooral tegen inflatie. Het Verdrag van Maastricht verbiedt de ECB expliciet geld uit te lenen aan overheden. Die zou het dan te makkelijk worden gemaakt, waardoor de verleiding groot is noodzakelijke economische hervormingen uit te stellen. Als overheden gemakzuchtig gaan leunen op de geldpers van de ECB, is dat slecht voor de reputatie van de euro en dus in strijd met de doelstelling van de ECB.

Bovendien leidt een overvloed aan 'gratis geld' vrijwel altijd tot hoge inflatie, leert de geschiedenis. Het is de ECB dan ook verboden rechtstreeks staatsobligaties te kopen van overheden en overheidsinstanties.

De ECB koopt toch staatsobligaties?
Inderdaad. Sinds mei 2010 heeft de ECB al 183 miljard euro aan staatsobligaties van zwakke eurolanden gekocht. Formeel schendt de ECB het Verdrag van Maastricht daarmee niet, omdat de bank de obligaties niet koopt van de landen die ze uitgeven, maar van banken en andere private partijen die ze eerder kochten en nu van de stukken af willen. In de praktijk komt het opkoopprogramma toch neer op het financieren van overheden, omdat een land als Italië dankzij het ingrijpen van de ECB een lagere rente betaalt dan het anders zou moeten doen.

De ECB heeft de regels uit pure nood opgerekt. Als de ECB zich afzijdig had gehouden, waren Griekenland, Ierland en Portugal failliet gegaan voordat de trage politieke besluitvorming ook maar het begin van een oplossing had opgeleverd. De rol die de ECB op zich heeft genomen, zit het instituut echter niet lekker. Het gevaar dat overheden achterover gaan leunen, is nog steeds reëel. Daarom hamert de ECB er constant op dat zij slechts tijdelijk helpt en dat de politiek moet zorgen voor een echte, definitieve oplossing.

Waarom kijkt men dan naar de ECB?
Omdat het nu om Italië gaat. En omdat de politieke oplossing waar de ECB op hoopt, bestaat uit een noodfonds dat vrijwel zeker niet in staat is een faillissement van Italië te voorkomen. Italië moet volgend jaar meer dan 300 miljard euro schuld herfinancieren. Het Europese noodfonds EFSF kan nog maar 270 miljard euro uitlenen, na aftrek van de leningen die aan Griekenland, Portugal en Ierland zijn beloofd. Er zijn plannen om het noodfonds op te hogen naar 1.000 miljard euro, maar het versterkte fonds is op zijn vroegst pas in februari operationeel. Dat Italië het zo lang volhoudt, staat niet vast.

Bovendien lijkt de interesse van de cruciale externe fondsinvesteerders tegen te vallen en is het daardoor onzeker of die 1.000 miljard er wel komt.

Daar komt bij dat als Italië een beroep doet op het noodfonds, de kans stijgt dat Spanje dat ook moet doen, en vervolgens wellicht Frankrijk en België. Dan spat de eurozone alsnog uit elkaar. Italië is voor het noodfonds waarschijnlijk too big to save, maar niet voor de ECB, die over onbeperkte financiële middelen beschikt.

Is de geldpers dus onvermijdelijk?
De ECB wil er nog niet aan, maar de omstandigheden dwingen het instituut waarschijnlijk tot een keuze tussen twee kwaden: einde eurozone of op grote schaal geld drukken, zoals de Amerikaanse en Britse centrale banken al jaren doen.

Op dit moment probeert de ECB nog krampachtig tussen Scylla en Charybdis door te laveren. Zij koopt net genoeg obligaties om Italië in de lucht te houden, maar te weinig om de politici in Rome het gevoel te geven dat ze op hun lauweren kunnen rusten. Maar omdat de Italiaanse rente razendsnel oploopt als de ECB een rustdagje inlast, wordt de bank in feite door Italië gegijzeld.

Stoppen met opkopen is nauwelijks een optie: dan escaleert de crisis meteen. En als de ECB haar huidige opkooptempo van 8 tot 10 miljard euro staatsobligaties per week voortzet, is dat 400 tot 500 miljard euro per jaar. De geldsluizen staan dus allang open, zij het nog op een kier.
Yvonne Hofs

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden