‘Geld maakt gelukkiger’

Ook econome Henriëtte Prast stelt het regelen van haar pensioen liever uit tot morgen. Waarmee ze maar wil zeggen: de mens is minder rationeel en calculerend dan economen altijd dachten....

Econoom Henriëtte Prast (52) bereidde de weg voor de emotie-economie in Nederland. ‘In de traditionele economie wordt de mens als rationeel wezen behandeld. Dat heb ik nooit bevredigend gevonden. De mens is niet een soort rekenmachine. We gaan juist heel irrationeel met geld om.’

Twee dagen per week werkt ze als bijzonder hoogleraar persoonlijke financiële planning aan de Universiteit van Tilburg, ze schrijft columns over geld, gevoel en geluk in Het Financieele Dagblad en publiceert boeken met titels als Een jaar uit het leven van een gevoelseconoom. Aanvankelijk ging ze onder collega’s door voor ‘soft’ – ‘een vrouw, die zal wel niet kunnen rekenen’ – maar inmiddels is haar benadering geaccepteerd. ‘Nu kun je geen paper meer presenteren zonder een psychologische invalshoek. Zo gaat dat in de wetenschap. Heel lang zijn er gedeelde uitgangspunten. Die veranderen.’

Was het een strijd die u moest voeren, als emotie-econome tegen de klassieke economen?

‘Ik moest wel mijn best doen om serieus genomen te worden. Pas in 2002 ging een Nobelprijs voor de economie naar een psycholoog. Dat was echt een teken van erkenning.

‘Het was lang een misverstand dat je bij de combinatie van economie en psychologie niet met formules zou werken. Maar meten is weten, en je kunt het meten. Er zit systematiek in mensen.’

U heeft de emotie-economie groot gemaakt.

‘Nou, nee hoor.’ (maakt gebaar van wegwimpelen)

In Nederland dan?

‘Er zijn meer mensen mee bezig, maar ik heb het wel erg uitgedragen. Via columns bijvoorbeeld. Dan moest ik ook echt op zoek naar nieuwe inzichten en dan ontdekte ik ineens: goh, ik weet eigenlijk best veel.’

Tot voor kort werkte u als onderzoeker bij De Nederlandsche Bank. Maar die baan heeft u opgezegd en u bent voor uzelf begonnen. Waarom?

‘Ik heb er meer dan tien jaar gewerkt en stond al heel lang met één been buiten, door wat ik allemaal ernaast deed. Het hoogleraarschap in Tilburg, columnist bij het FD, boeken schrijven. Ik merkte dat ik steeds vaker nee moest zeggen tegen leuke dingen die voorbijkwamen. Dat vond ik jammer. Onderzoek in opdracht bijvoorbeeld. Eigenlijk is het langzaam zo gegroeid, al zag niemand dat, ook ikzelf niet.’

Hoe bedoelt u?

‘Ik heb nooit gedacht: als ik zo en zoveel potentiële opdrachtgevers heb, begin ik voor mezelf. Zo calculerend is het nooit gegaan. Het ging geleidelijk. Er werden me steeds vaker leuke opdrachten voorgesteld. Tot ik dacht: ik zou natuurlijk...’

Een aha-moment.

‘Ja, op vrijdagmiddag zat ik op het Frederiksplein om een uur of 5 en ik dacht : ik denk dat ik voor mezelf beginnen leuker vind. Dat was eind juni. Op 1 oktober was ik zelfstandige.’

Is het eng?

‘Nee, ik heb nooit getwijfeld. Maar ik heb het ook niet helemaal overzien. Ik heb geen plan gemaakt. Ik had bijvoorbeeld net een huis gekocht. Maar stel dat ik nu een hypotheek zou willen afsluiten, dan had ik moeten duidelijk maken dat ik regelmatige inkomsten heb. Om maar iets te noemen.’

U bent econoom en u denkt niet over dergelijke dingen na? Heeft u uw pensioen bijvoorbeeld goed geregeld?

‘Ik ga alles verzekeren. Alleen stel ik het nog even uit tot morgen.’ (lacht)

Waarom doen mensen dat toch, het uitstellen van het regelen van zoiets als een pensioen?

‘Met financiële beslissingen is het hetzelfde als met beginnen met sporten of stoppen met roken. Het lijkt moeilijk, het is niet leuk om te doen en ook niet leuk om over na te denken. Dus denk je: morgen. Neem afvallen: elke dag een offer, maar de beloning is er pas veel later, na heel veel kleine offers. Als je die offers in één grote kon bundelen, dan deed je dat. Of als je elke dag kon zien dat je zoveel afviel, dan deed je dat ook. Mensen hebben zo ook een beperkt besef van geld.’

Hoe bedoelt u?

‘Onlangs deed ik een onderzoek. Mensen moesten aangeven of ze wisten hoeveel geld ze maandelijks nodig zouden hebben om tijdens hun pensioen prettig te leven. Ze hoefden geen bedrag te noemen, konden gratis ja zeggen. Toch had zestig procent geen idee! Terwijl ze wel een antwoord hebben als je vraagt wat ze belangrijk vinden: een mooi huis, veel vakanties en een auto. Mensen kunnen zich veel beter iets voorstellen bij concrete zaken dan bij geld. Met dat gegeven doen we eigenlijk niks.’

Hoe komt het dat mensen zo’n beperkt besef van geld hebben?

‘Geld is steeds minder tastbaar. Er zijn tegenwoordig kinderen die denken dat melk uit de fabriek komt. En geld uit de muur. Het is niet meer zo dat papa – of ik moet natuurlijk zeggen: mama – naar het werk gaat en vrijdag met een loonzakje thuiskomt.

‘Dat is ook het gevaar van internet, van nieuwe betaaltechnologieën, je kunt zo makkelijk bij je geld komen. Je spaargeld overzetten naar je betaalrekening en dingen op internet kopen. Of je creditcard gebruiken. Vroeger moest je dan naar de bank en dan ging je erover nadenken. Ik vraag me soms af of we ons dat voldoende hebben gerealiseerd.’

U begon ooit met de studie biologie. Waarom werd het toch economie?

‘Ik wilde mijn bètapakket benutten en ik was erg met het milieu bezig. Maar toen ik op een dag spinnetjes uit de modder op Schiermonnikoog stond te trekken, dacht ik: dit is vreselijk. Ik ben om de verkeerde redenen biologie gaan studeren.

‘Toen attendeerde een vriend mij op een congres over ekonomie – met een k, ja – en de staat. Er ging een wereld voor mij open: economie bleek een maatschappijwetenschap. Toen ben ik overgestapt.’

En die columns, waarom bent u die gaan schrijven. Bent u gevraagd?

‘Op een congres sprak ik toevallig de hoofdredacteur van het FD en die vroeg mij: ken jij nog iemand voor een column? Eerst heb ik een vriend aanbevolen. Tot ik dacht: da’s toch typisch een vrouwenredenering. Toen heb ik hem gebeld en gezegd: eigenlijk wil ík wel. Aanvankelijk nog met de gedachte: ik ga over mode schrijven, want dat is een hobby van me. (lacht) Maar al snel merkte ik: wat voor mij ontspanning was – modetijdschriften doorbladeren – werd ineens werk. De lol was eraf. Toen bedacht ik iets anders. Geld en gevoel. Ik had het nooit gedacht, maar na 7,5 jaar is het onderwerp nog steeds niet op.’

U schrijft regelmatig over de verschillen tussen mannen en vrouwen en hun omgang met geld. Waarom zijn vrouwen slechter in loononderhandelingen?

‘Onze basisdrijfveer als groep is het doorgeven van onze genen, om de menselijke soort te laten voortbestaan. De vrouw moet ervoor zorgen dat haar directe omgeving zich over haar kinderen ontfermt, want stel dat ze dood gaat. Dan is het niet zo handig om via competitie te laten zien dat je beter bent dan de rest. Dus toen die vrouwen nog met z’n allen in een grot zaten te wachten tot de mannen met de buit thuiskwamen, probeerden ze al te levelen. En dat is nog steeds zo.

‘Vrouwen gaan niet pronken met wat ze bereikt hebben. Dat is geen bewuste calculatie, maar het gebeurt wel. Daarom voeren vrouwen geen loononderhandeling. We willen aardig gevonden worden.

‘Uit hersenscanonderzoek tijdens loononderhandelingen blijkt dat vrouwen net ná het uitspreken van hun looneis een zeer hoge hersenactiviteit hebben. Ze gaan piekeren: was dit wel slim, doe ik het wel goed, vinden ze me wel aardig? Terwijl de hersenactiviteit bij mannen na het uitspreken van hun eis nul is. Logisch: hun taak zit erop. Je moet denken vóór je iets doet, niet erna.’

Waarom durft een man een hoger bedrag te vragen? Omdat hij denkt dat-ie meer waard is?

‘Ja, maar ook omdat hij denkt dat waardering door anderen niet gebaseerd is op hoe aardig of bescheiden ze hem vinden, maar op hoe succesvol hij is. En zo is het ook. Hoe goedkoper je jezelf aanbiedt, hoe minder je wordt gewaardeerd. Wat goedkoop is, kan niet goed zijn. Het is dus eigenlijk heel dom om niet te onderhandelen.’

Zelf hebt u in Tilburg naar verluidt harde onderhandelingen gevoerd over uw beloning.

‘Dat is een beetje een groot verhaal geworden. Maar het is wel illustratief. Ik heb dat op advies van mijn loopbaancoach gedaan. Die zei: je gaat je wel goed voorbereiden. Dat was zelf niet bij me opgekomen.’

Hoe komt u aan een loopbaancoach?

‘Ik ben ooit burn-out geweest, kon niet meer werken. Het was een combinatie van twee kinderen vlak achter elkaar, twee banen, heel druk allemaal. Maar ook, en dat zei mijn coach later ook: mensen worden vaak burn-out omdat ze ónder hun niveau werken, niet omdat ze boven hun niveau werken.

‘Ik ging naar die coach omdat ik dacht: dit wil ik nooit meer meemaken. Hij zei: jij bent bezig om datgene wat je kracht is, de emotie-economie, onder de tafel te vegen omdat het niet aanvaard wordt, omdat je dan een buitenbeentje bent. Maar het is je kracht, je moet het dus juist ontplooien.’

U wilde hoogleraar worden?

‘Nee, ik had nooit gedacht dat ze mij daarvoor zouden aannemen. Ik wist alleen dat ik níet wilde leidinggeven én dat ik het werk dat ik deed was ontgroeid. Wat moet je dan? Dat is iets waar veel mensen tegenaanlopen in hun carrière. Groeien is op een gegeven moment vaak leidinggeven, managen. Maar wat als je dat nou niet wilt, als je alleen inhoudelijk verder wilt groeien?’

Uw coach zei dat u hoogleraar moest worden?

‘Ja. Hij zei: je moet die emotie-economie uitbreiden en hoogleraar worden. Op de UvA was me ooit gevraagd of ik nog iemand voor een hooglerarenpost wist. Dat was eigenlijk best kwetsend, dat ze niet aan mij dachten. Een man had vast gezegd: neem mij! Met een grapje. Zo van: waar kan ik tekenen, haha. Dat kunnen mannen beter. Vrouwen nemen zichzelf te serieus. Het is frappant: enerzijds overschatten mannen zichzelf, maar ze nemen zichzelf ook minder serieus. Een ander moet hem overigens wel altijd serieus nemen, alleen hij mag zichzelf relativeren.’

Maakt geld nou gelukkig?

‘Geld maakt gelukkigér. Als je twee mensen vergelijkt, voor wie alles hetzelfde is behalve het geld, dan is degene mét geld gelukkiger dan degene zonder. Geld maakt het leven makkelijker’.

En mannen en vrouwen kijken anders naar geld?

‘Ja, mannen associëren geld met dingen doen en verdienen, vrouwen met uitgeven. Dat verklaart meteen ook waarom een man loononderhandelingen voert. Hij wil respect, ook al zou hij bij wijze van spreken het geld vervolgens verbranden.

‘Bovendien hebben mannen vanaf hun jeugd meegekregen dat zij kostwinner moeten zijn. Dan is het toch niet zo gek dat de man zijn bescheidenheid overstijgt in de onderhandelingen, want hij moet voor anderen zorgen.’

En vrouwen dan?

‘Vrouwen zijn wel opgevoed met het belang van economische zelfstandigheid, maar dat is: jezelf onderhouden, niet je gezin.’

Waarom werken vrouwen vaker parttime dan mannen?

‘Zelf heb ik het altijd heerlijk gevonden om bij school te staan, maar niet om te stofzuigen. Dat wordt iets te vaak als een totaalpakket gezien. Maar vrouwen houden misschien wel meer van zorgen. Waarom is dat erg?’

Dus vrouwen moeten gewoon erkennen: ik wil niet per se die grote baan, ik wil gewoon voor de kinderen zorgen?

‘Ik denk dat het ook voor die kinderen leuk is. Ik vond het in elk geval leuk. Maar ik ben dan ook goed terecht gekomen en dat is natuurlijk het probleem. Je kunt allerlei loopbaanstappen niet doen, je mist wat, dan kun je onder je niveau terechtkomen.

‘Wat ik zo raar en jammer vind, is dat die discussie zich heel erg concentreert op het anders verdelen van de taken thuis. Eerst was de vrouw afhankelijk van de man omdat hij met dat loonzakje thuiskwam. Nu maakt ze zichzelf afhankelijk omdat als hij niet stofzuigt zij geen carrière kan maken. Het is gewoon een nieuwe vorm van afhankelijkheid!

‘Je moet die taken gewoon uitbesteden. Nou is het heel moeilijk om persoonlijke dienstverlening te regelen, dus daar zou de overheid zich wel wat meer op mogen toeleggen.’

U bent hoogleraar persoonlijke financiële planning. Wat is daar leuk aan?

‘Ha, dat is technisch, hè. Neem pensioenen. Die zijn in Nederland goed geregeld. Als je ergens in dienst treedt, ga je voor je pensioen sparen. Verplicht. Ik denk dat dat gaat veranderen. Dat je aan de pensioenregeling meedoet, tenzij je dat niet wilt. Wie zwijgt, stemt toe. Zo zou het met orgaandonatie ook moeten zijn.

‘Maar ook als het niet verplicht is, zal 80 procent stilzwijgend voor de standaardregeling kiezen, zo blijkt uit onderzoek. Terwijl ze het uitstellen als ze er een formulier voor moeten invullen. Dat zie je ook bij cao’s waar mensen een standaardregeling krijgen, maar zelf mogen kiezen voor bijvoorbeeld minder vakantiedagen en meer geld. Dan neemt ook 80 procent het standaardpakket.

‘We zullen langzaam toegroeien naar een individueler systeem. Er komen ook veel meer zelfstandigen, omdat het in de kenniseconomie makkelijker wordt voor jezelf te beginnen. Met een computer ben je er al. Werknemers die voor zichzelf beginnen zouden eigenlijk automatisch deelnemer moeten worden aan een pensioenregeling en aan andere voorzieningen, zoals een ziektekostenpolis en een arbeidsongeschiktheidsverzekering. Dat vermindert de kans dat die mensen niets regelen. Neem mij nou. Ik stopte op 30 september bij de bank. Het risico dat ik op 1 oktober een dwarslaesie zou krijgen is te verwaarlozen. Maar als je niets hebt geregeld en het gebeurt toch, is dat natuurlijk dramatisch.’

U noemt dat libertijns paternalisme. Leg eens uit.

‘Ik ben voor sturing. Je kunt een goede standaard zetten, zodat mensen minder complexe keuzes hoeven te maken. Een standaard waarbinnen mensen eigen keuzemogelijkheden op maat krijgen aangereikt. Werkgevers, pensioenfondsen en voor mijn part de belastingdienst weten een heleboel over je. Leeftijd, inkomen, vermogen – noem maar op. Als je dat combineert met wat je wilt, kun je advies op maat krijgen. Het is de moeite waard om te onderzoeken of dat kan.’

Hebt u er een verklaring voor dat het CBS meet dat het economisch geweldig gaat, maar dat tegelijk het vertrouwen in de economie keldert? Is dat de irrationaliteit van de mens?

‘Er is financiële crisis in de VS. De burger merkt dat de instituties die crisis niet hadden voorzien. Die denkt: als zij dít al niet zagen aankomen, wat hangt ons dan nog meer boven het hoofd? Ik vind het heel rationeel, dat gevoel van onbehagen.’

Zou u niet de politiek in willen?

‘Enerzijds wel, omdat ik erg gericht ben op de vraag: wat kan het betekenen voor de praktijk? Maar anderzijds ben ik bang om vrijheid in te leveren. Als wetenschapper heb je een luxe positie, je kunt roepen wat je wilt. Maar in Den Haag draait het niet altijd om argumenten. Er zijn hele andere mechanismen die een rol spelen.’

Maar u zegt geen nee?

‘Nee. Ik ben ook al gepolst, door de PvdA. Maar dat is logisch. Er is natuurlijk een vrouwentekort in Den Haag.’

Toch weer bescheiden.

‘Haha.’

Bent u voor quota, om meer vrouwen in topposities te krijgen?

‘Absoluut! Anders gebeurt er nooit wat. Maar geen isolatie, niet eentje, maar een groepje.’ *

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden