Geld inzamelen kost nu eenmaal geld

Natuurlijk zijn excessieve salarissen in de goededoelenbranche uit den boze, zegt fondsenwerver Bert Cocu. Maar: 'Wij zijn professionals, geen filantropische instelling.'

Bert Cocu (52) is fondsenwerver voor 'goede doelen'. Zijn bedrijf Emolife is organisator van de Tour for Life, waarin zo'n 550 fietsers zondag na acht etappes en 1.250 kilometer vanuit het Noord-Italiaanse Bardonecchia aankomen in Valkenburg. De 63 teams hebben dan bruto 1,3 miljoen euro bij elkaar gefietst voor Artsen zonder Grenzen. Vandaag start de eerste Vlaamse versie van het evenement.


Na de affaire rond Coen van Veenendaal en diens project Alpe d'HuZes staat de fondsenwerving er weer gekleurd op. Het 'antistrijkstokbeleid' van Van Veenendaal bleek minder strikt dan gesuggereerd. En opeens moet ook Bert Cocu zich weer regelmatig verdedigen. Hoeveel geld verdwijnt er in zijn zakken?


Op een camping in de Vogezen, eindpunt van de vijfde etappe van de Tour for Life, is Cocu daar openhartig over. Emolife heeft een prestatiecontract met Artsen zonder Grenzen. Van de bruto opbrengst van de Tour for Life gaat 8,4 procent naar projectorganisator Emolife. Dit jaar ontvangt het bedrijf dus ruim een ton.


Cocu: 'Er zijn mensen die zeggen: dat is veel. Kan dat niet voor minder? Vijftigduizend? Nee, dat kan niet. Op jaarbasis zijn er in ons bedrijf 3,6 fte's fulltime bezig met de Tour for Life. Het is voor ons geen winstgevend project, integendeel, het kan niet uit.' Het contract met AzG wordt voor Emolife lucratiever wanneer het aantal deelnemende ploegen toeneemt. 'De goededoelenorganisaties zijn harde onderhandelaars. Bij AzG zeggen ze: wil je meer verdienen? Dan moet je zorgen voor meer inkomsten. In die benadering kan ik me wel vinden. We denken dat we kunnen groeien naar maximaal 120 ploegen: dan blijft er voor ons ook meer over.'


Schadelijk

Artsen zonder Grenzen ontvangt de sponsorgelden (wie met zijn team wil meerijden, moet minimaal 15 duizend euro meebrengen) en de bijdrage in de onkosten (235 euro per deelnemer, in totaal ongeveer 165 duizend euro). AzG betaalt uit de opbrengst alle kosten voor het evenement en de fee voor Emolife en boekt dat onder de post 'fondsenwerving'. Jaarlijks geeft AzG daaraan 14,5 procent van haar totale inkomsten uit. Cocu: 'Vergeleken met andere organisaties is dat weinig.'


De Alpe d'HuZes-affaire is, zegt Cocu, 'schadelijk voor de branche'. De claim van de organisatie dat al het binnengehaalde geld naar kankeronderzoek zou gaan, vond hij altijd al 'onwerkelijk'. 'En en passant werden andere fondsenwervers daarmee als zakkenvullers neergezet. Wat onterecht is.'


De inzamelaars worden ook nu weer in de verdediging gedrukt en volgens Cocu wordt er andermaal fout op de consternatie gereageerd. 'We moeten eindelijk eens goed uitleggen dat het noodzakelijk is dat we kosten maken. Want dat betekent dat er goedopgeleide mensen met veel passie heel hard werken om geld in te zamelen. Mensen met een hypotheek en kinderen. We zijn professionals, geen filantropische instelling. Mensen zouden organisaties die zeggen geen geld uit te geven aan overhead moeten wantrouwen. Want dat bestaat niet. De continuïteit van je organisatie kost geld, pr en marketing kosten geld.'


Nu verdient Emolife zijn geld nog vooral met straat- en huis-aan-huiswervingsacties. Maar Cocu denkt dat events de groeimarkt zijn. 'Hoewel Nederlanders bekendstaan als de gulste gevers ter wereld, zijn er hier nog ongeveer 15,9 miljoen mensen die nog nooit iets hebben gegeven voor het goede doel. Dat is een rijke bron. En het aantal gevers neemt elk jaar toe.'


Naast de Tour for Life doet Emolife ook de fondsenwerving voor de Stichting KiKa (onderzoek naar kinderkanker), voor de Afrikaanse organisatie Amref/Flying Doctors en voor het Duchenne Parent Project, dat onderzoek naar de ziekte van Duchenne financiert. Emolife organiseert sinds 2006 Duchenne Heroes, een zevendaagse mountainbiketocht van Luxemburg naar Nijmegen.


Van de opbrengst ontvangt Emolife 22 procent, waarvan het bedrijf ook alle kosten van het evenement betaalt. 'Dat lijkt veel. Maar je moet dat zien als een investering en kijken wat die heeft opgeleverd. Een financiële opbrengst waarvoor onderzoek kon worden gedaan dat er anders niet was geweest. Effectief onderzoek: de levensverwachting van kinderen met de ziekte is de laatste jaren sterk verbeterd.'


Tussenpersoon

De tijd van de 'wetmatigheid van het geven' is voorbij, zegt Cocu. Het jaarlijkse girootje is sterk op de terugtocht. De sponsorwerving is geïndividualiseerd en er is een 'tussenpersoon' gecreëerd: de fietser/loper/ zwemmer die in zijn netwerk geld ophaalt - voor zijn prestatie en het goede doel. Daarmee is de band tussen doel en donor hersteld, zeker in het geval van wat Cocu 'het emotiefietsen' op de Alpe d'Huez en Ventoux noemt.


Waarom, vraagt Cocu zich af, eisen we van goede doelen dat ze superrendementen halen zonder dat daar investeringen in marketing en de organisatie van sponsorevents tegenover staan? De focus zou niet moeten liggen op de kosten - afgezien natuurlijk van extremiteiten als tonnensalarissen voor goededoelenmanagers - maar op de vraag welke opbrengst de investeringen genereren en waaraan die wordt uitgegeven.


'Het CBF-keurmerk voor de goede- doelenbranche kijkt daar niet naar. Dat controleert de boeken, kijkt naar de verhouding kosten-opbrengsten, naar salarissen. Maar niet naar de bestemming van het opgehaalde geld.'


Cocu is niet zo bang voor negatieve effecten van het Alpe d'HuZes-echec op andere sportsponsoracties. 'We weten dat dit soort incidenten weinig effect hebben op het geefgedrag. Mensen die het verontwaardigst schreeuwen, gaven toch al niks. Alleen hebben ze daar nu weer even een argument voor.'


Het Centraal Bureau Fondsenwerving (CBF) heeft een duidelijke richtlijn: er mag 25 cent worden uitgegeven om een euro binnen te halen. Goededoeleninstellingen mogen dus 25 procent onkosten maken, gerekend over drie jaar. Een beginnend initiatief kost immers meer in de eerste jaren.


Toch doen de meeste goede doelen het voor minder. 'Gemiddeld halen goede doelen 14 procent onkosten', zegt Theo Schuijt, hoogleraar filantropiewetenschap aan de VU. Pronken met een antistrijkstokbeleid, zoals Alpe d'Huzes en andere organisaties nog altijd doen, vindt hij onverstandig. 'Kosten maken is juist deel van de professionalisering van een organisatie.'


Toch is het betalen van een percentage van het geworven geld aan een fondsenwerver omstreden. Een internationale top van fondsenwervers besloot in 2006 dat het onethisch is een percentage als beloning aan te nemen. Het Nederlands Genootschap Fondsenwervers (NGF) was deel van de top, maar verbiedt het vooralsnog niet.


25 procent onkosten

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden