Gekooid vrouwelijk verlangen

Acht Nederlandstalige auteurs verdiepen zich deze zomer opnieuw in hun favoriete roman of verhalenbundel. Deze week: Erwin Mortier (1965) herleest Charlotte Brontë (1816-1855)....

Erwin Mortier

Villette (1853) is onder andere verschenen als Penguin Classic. Een mens vraagt zich af waarom Charlotte Brontë zelden een plaats krijgt in de lange lijst van literaire en andere coryfeeën die ooit in Brussel verbleven hebben. We herinneren ons met trots Marx, Engels, Baudelaire en zoveel anderen, maar Charlotte Brontë vergeten wij Belgen steeds weer. Ze gaf in Brussel les, in het meisjespension van het formidabele echtpaar Héger, in de rue d'Isabelle, tussen het Warandepark en de kathedraal van Sint Goedele. Het gebouw viel later met straat en al onder de sloophamer. Als je vanuit het Warandepark de arduinen trappen rond het ruiterstandbeeld van generaal Belliard afdaalt naar de binnenstad, loop je ongeveer dwars door de verdwenen klaslokalen heen. De plaats waar een grote roman ontkiemde, wordt zelfs geen gedenkplaat gegund.

Villette heet die roman. Een onbehaaglijk verhaal over gekooid vrouwelijk verlangen, de obsessies van een onbeantwoorde liefde, de waanzin die hartstocht heet en het isolement waarin een vrouw terechtkomt die fortuin noch uiterlijk bezit om kans te maken op de huwelijksmarkt. De verhaallijn is snel samengevat: Lucy Snowe wordt in de stad Villette, waar ze lesgeeft in een pensionaat, verliefd op een man die ze kent van vroeger, maar die trouwt met een ander, waarna ze halverwege het verhaal abrupt haar affecties richt op Monsieur Paul, leraar in het pensionaat. Het is wederzijds. Monsieur Paul vertrekt, in afwachting van een huwelijk, een tijd naar de kolonies. Dan maakt Lucy gewag van een zware storm, van een zee bezaaid met wrakhout, zonder verder veel over het lot van haar verloofde los te laten. 'Laat wie daarvan houdt zich een hereniging verbeelden en een gelukkig leven nadien', schrijft ze laconiek, '. . . Vaarwel.' Een slot dat als een deur in je gezicht dichtvalt.

Recensenten blijven het moeilijk hebben met Villette. Lucy Snowe is het eerste vrouwelijke romanpersonage dat niet hengelt naar de sympathie van de lezer maar zich met al haar eigenaardigheden in zijn bewustzijn nestelt. Of men maakt zich ook druk om Lucy's combinatie van scherpzinnigheid en sentiment, waarmee men het gruwelijke oordeel herhaalt van Thackeray. Het onbeduidende werkje van een kwezel smachtend 'naar een of andere Tomkins die van haar wil houden', vond hij.

Villette is een van de grote romans van de 19de eeuw. Lucy Snowe, die ons niet vertelt waar ze vandaan komt, blikt vanuit een heden waar ze al evenmin veel over kwijt wil, terug op haar jaren als lerares, maar houdt ons voor dat haar relaas misschien meer verbergt dan het onthult. Daarmee raakt Villette voor mij aan de bron van alle schrijven.

Het probleem met het verleden is niet zozeer dat het voorbij is. Het probleem is dat het zelden voorbij wil zijn. De geschiedkundige probeert het tot leven te wekken. De schrijver laat zien hoe moeilijk het valt om er geschiedenis van te maken. Lucy Snowe leert me dat schrijven maar gedeeltelijk te maken heeft met het redden van het voorbije in de taal, maar evenzeer een verbeten poging behelst om het verleden op een goede manier te vergeten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden