Geknal

Aan een boom op de Oude Waalsdorperweg hangt een bordje waarop in zwarte blokletters N.K. staat. Wie de bijbehorende pijl volgt, komt terecht op een met plassen bedekt pad dat langs een kazerneterrein voert....

Tussen de bomen, die zich nog de keurkorpsen Grenadiers en Jagers uit het interbellum heugen, staat in lusteloze bruine baksteen uitgevoerde laagbouw. De volgende pijl wijst naar links. Al snel stuit men op een niet te missen waarschuwing: 'Als op dit bord het RODE SEIN staat is het achtergelegen terrein LEVENSGEVAARLIJK.

Verboden Toegang, ook voor houders van wandelkaarten.' Er prijkt inderdaad een rode driehoek op het bord en er is tevens een rode vlag naast gehangen.

Honderd meter verderop wordt de waarschuwing herhaald. De dreiging wordt inmiddels kracht bijgezet door een plotseling oplaaiend, knetterend geweervuur van ergens vlakbij uit het struweel. Het klinkt niet naar moderne oorlogsvoering, maar eerder naar een ouderwetse vestingsslag met haakbussen of musketten. Het pad maakt ondertussen een scherpe bocht naar links. Om de hoek staat een groen geschilderd kanon, maar dat is buiten werking.

Voor me ligt een tot dan toe goed gecamoufleerd gebouwtje. Voor de geopende deur staan vier mannen van middelbare leeftijd met snor en bril. Ze kijken me vorsend aan, maar stellen als ik groetend doorloop geen vragen. Het clubhuis, want dat is het, biedt ruimte aan een kleine kantine. Daar zitten en staan nog meer mannen en een enkele vrouw, al dan niet met snor. Tegen de achterwand is de kraam van een Amsterdamse wapenhandelaar opgesteld. De uitstalling omvat onder meer talloze soorten zwartkruit, solvent, wapenolie, ammunitiedoosjes, oude Amerikaanse munten, badges en een cd-rom met 'Bewaffnung und Ausrüstung der Schweizer Armee seit 1817. Handfeuerwaffen System Vetterli'. Ik vraag of de geluiden erop staan, zoals bij cd's van stoomtreinen die fluitend tunnels inrijden of langzaam optrekken. De uitbater meldt, op een toon die verraadt dat het geen slimme vraag was, dat er beelden op staan.

De schietsport is, dat is onmiddellijk voelbaar, een genootschap, een gesloten wereld. De gesprekken om me heen gaan over kuchenreuters en mariettes, over de Dreyse, de Hizadai en originele dan wel de replica-Misquelet. Van een langslopende deelnemer wordt met een bewonderend lachje gezegd dat hij zijn geheime kruitmengsel waarschijnlijk mee het graf in zal nemen.

Ik ben de enige toeschouwer bij het N.K. voor historische wapens. De rest doet mee of heeft een functie. Bij de meeste schietbanen worden helemaal geen pottenkijkers toegelaten. Hier mag je van achter een glaswand tegen de ruggen van een rijtje schutters aankijken. Ze vuren vanuit een soort stemhokjes. De wanden van de hokjes zijn afgezet met eierdozen van dempend schuimrubber. De schutters dragen oorbeschermers. Het geknal is heftig en de vonken spatten in het rond. Ieder krijgt dertien schoten in veertig minuten. De beste tien tellen mee. Op vijftig meter afstand, al lijkt het veel verder, staan negen genummerde schietschijven, wit met een zwarte roos. De inslagen zijn met het blote oog nauwelijks waarneembaar, dus tuurt men na elk schot even door een kijker. De meeste tijd gaat heen met laden en geveeg met pompstokken.

Naast me verschijnen twee snorren. 'Moet je Kees nou zien met die brandbus van 'm,' klinkt het.

'Ja, mooi, hè, zo'n ouwe vuursteenbak.'

'Het is niet makkelijk, hoor, met zo'n gladde loop.'

De mannen genieten zichtbaar. Ook ik blijf anderhalf uur gebiologeerd staan kijken, zonder precies te weten naar wat. Naar toewijding, denk ik.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden