Gekke wijven

Ideaal filmmateriaal is ze, de doorgedraaide, neurotische, hysterische dan wel labiele vrouw. Product van vrouwenhatende filmmakers of resultaat van repressie in het echte leven? V ging op zoek naar filmvrouwen op de rand van gekte.

Als hij thuiskomt na een lange zakenreis, ontmoet hij zijn vrouw aan de ingang van hun appartementencomplex. Ze draait nerveuzig aan haar trouwring. Hij weet zich geen raad met zijn koffers. Geen begroeting; zijn ondervraging begint meteen. 'Je kunt niet gewoon zeggen dat je het niet weet, zoals aan de telefoon. Wanneer weet je het wel?'


Dat zij een ander heeft, dat ontdekt Marc al snel in Possession (1981) van regisseur Andrzej Zulawski. Maar dat kan toch niet de enige reden zijn dat zij gereduceerd is tot dit trillende, steeds krankzinniger wezen dat van het ene op het andere moment met een elektrisch mes in haar hals kan snijden? Dit hoopje ellende dat nog amper oog heeft voor haar zoon? Ze lijken wel vreemden, als ze zo om elkaar heen draaien in de veel te krappe kamertjes van hun appartement en hij, ondanks haar wanhopige, lege gebaren zijn vragen op haar blijft afvuren.


En inderdaad, het is niet alleen die nieuwe geliefde waardoor hun huwelijk in scherven ligt, zo zal later blijken in deze psychothriller die wordt omschreven als een combinatie van Ingmar Bergmans Scènes uit een Huwelijk en David Cronenbergs The Brood. Anna heeft namelijk nog een minnaar: een slijmerige massa met tentakels die ze zelf gebaard heeft en die ze naar eigen zeggen 'beschermt' in een afgelegen appartement. Bron van haar gekte, of het resultaat? Hoe dan ook: wie het aankijkt, legt het loodje.


Het was deze benauwende cultklassieker die schrijfster Kier-La Janisse aan het denken zette. Er zat iets vreselijks in dat ze herkende, schrijft ze in het voorwoord van het eind vorig jaar verschenen boek House of Psychotic Women: het onvermogen om effectief te communiceren en de manier waarop de frustratie daarover kan leiden tot wanhoop, woede en hysterie. Het kon dus geen toeval zijn dat in al haar favoriete horror- en exploitatiefilms (goedkope sensatiefilms) dit soort doorgedraaide vrouwen figureren. Ergens lag een link met haar eigen leven, dat haar als adoptiekind bij een hypochonder van een moeder en een mishandelende stiefvader bracht. Een leven dat uitliep op een aaneenschakeling van pleeggezinnen en instituties, van foute vrienden en verkeerde vriendjes.


In haar boek - deels filmstudie, deels autobiografie, deels therapie - onderzoekt de Canadese schrijfster en filmprogrammeur dat verband. Een bijzondere vorm van ego-kritiek is het die het Imagine Film Festival inspireerde een themaprogramma te wijden aan neurotische vrouwen in horror- en exploitatiefilms . Er zijn vijf films te zien met doorgedraaide vrouwen in de hoofdrol; aanstaande zondag is Janisse een van de sprekers tijdens een symposium over het onderwerp, dat onderdeel is van het festival.


Er is geen actrice die zich zo emotioneel overgaf aan haar rol als Isabelle Adjani in Possession, zo schrijft Janisse. En dat wil wat zeggen: haar boek beslaat ruim tweehonderd films met minstens zoveel gestoorde dames. In de tien jaar dat zij onderzoek deed, (her)zag zij het allemaal: rabiate feministes die verkrachters ontmannen (The Ladies Club, 1986), vriendinnen die zichzelf overleveren aan Satan (Alucarda, 1975), een obsessieve fan die haar idool opvreet (Der Fan, 1982), een prostituee wier vadercomplex tot uiting komt door haar erotische voorkeur voor speelgoed (Toys are not for Children, 1972), nonnen die hun seksuele frustratie botvieren op een priester (The Devils, 1971), een schoolmeisje dat haar eigen vrienden maakt - letterlijk, uit de ledematen van degenen die haar ooit hebben afgewezen (May, 2002). Enzovoorts.


In haar boek beperkt Janisse zich tot exploitatie- en horrorfilms - hoewel ze ook arthousefilms als Morvern Callar noemt - maar wie het eenmaal heeft gelezen ziet de elementen die zij noemt terug in elke film waar een of meerdere labiele vrouwen opduiken - in het deze week verschijnende Spring Breakers bijvoorbeeld en zelfs in Safe Haven, een romantisch drama gebaseerd op een van de suikerzoete boeken van Nicolas Sparks dat vanaf volgende week in de bioscopen draait.


Hoewel 'de hysterische vrouw' een uitvinding is uit de 19de eeuw, toen het de naam van een 'ziekte' werd onder vrouwen die meer wilden dan de rol die de maatschappij hen had toebedeeld, duikt ze - als hoofdrolspeelster in ieder geval - in films pas later op. Misschien is de oermoeder op celluloid Catherine Deneuve, die in Polanski's Repulsion (1965) langzaam maar zeker zichzelf verliest in mannenhaat en hallucinaties. Met de talloze spiegels, het verwarrende verhaal, de desoriënterende montage en vervreemdende camerahoeken leverde de film in ieder geval een blauwdruk voor alle films over doorgedraaide vrouwen die nog zouden volgen.


Het is een (onuitgesproken) traumatische ervaring waardoor de beeldschone, zo onschuldig ogende Carol in Repulsion doordraait - een bekend fenomeen. Medicijn- of drugsgebruik, een levendige fantasie, het onderdrukken van seksuele impulsen, schuldgevoelens en schaamte, jaloezie of juist een extreme obsessie met een ander - als die zich opstapelen zie je de vrouw op de rand van een psychose wankelen. De grens tussen wat echt is en wat hersenspinsels zijn, vervaagt. Wat dan in ieder geval nooit helpt is isolatie en vervreemding - met mannen die hun echtgenotes denken te genezen in een afgelegen Victoriaans huis (Let's Scare Jessica to Death, 1971) of in de natuur (Antichrist, 2009) loopt het dus nooit goed af.


Maar goed, met wie wel? Geweld is onvermijdelijk als een vrouw haar verstand verliest en dat richt ze dan even makkelijk op zichzelf. Bij de première in Cannes maakte de zelfmutilatie-scène uit Antichrist - ter herinnering: denk aan een roestige schaar en geslachtsdelen - de film van Lars Von Trier meteen al legendarisch.


Regelmatig wordt het geweld waar vrouwen aan blootgesteld worden in dit soort films door critici en feministen weggezet als misogynie. Werk van vrouwenhaters die hun ultieme seksistische fantasie tot leven willen wekken en die hun actrices bespelen als willoze poppen - Adjani moest jarenlang bijkomen na Possession vertelde zij achteraf.


Maar dat is te simpel, onderstreept het boek van Janisse. Ze beschrijft bijvoorbeeld dat zelfmutilatie ook een manier is om emotionele pijn te overstemmen met fysieke pijn. Ze spreekt uit ervaring: 'snijden was mijn manier om te voelen dat ik in het hier en nu leefde, terwijl mijn emotionele uitbarstingen voortdurend ingedamd werden.' En het geweld dat haar aangedaan werd door haar stiefvader, ging ze - net als sommige van haar favoriete personages - juist niet uit de weg. 'Er zat iets aantrekkelijks in het verduren van het geweld (...). Hoe meer ik aankon, hoe meer ik me moreel superieur voelde.' De politiek en psychologie achter misbruik worden zo misschien juist wel sterker ondervraagd in dit soort exploitatiefilms, stelt ze. In de jaren negentig, naarmate man en vrouw steeds gelijker worden behandeld in films, zie je dan ook twee ontwikkelingen in het genre: aan de ene kant krijgen vrouwen steeds vaker een mooie gelaagde hoofdrol; aan de andere kant verdwijnt de feministische thematiek steeds meer naar de achtergrond.


Eén ding hebben films over hysterische vrouwen wel gemeen: ze hebben in de kern altijd met repressie te maken. Of de onderdrukkers nu mannen, de maatschappij als geheel, of de vrouwen zelf zijn. De vrouw draait door, zo stelt Janisse, in een poging om controle over hun eigen leven terug te winnen. Hoe irrationeel die ook mag uitpakken.


En controle, dat is wat Janisse lijkt te zoeken in de films. Het boek leest als een onderzoek naar zichzelf en haar verborgen drijfveren: deze obsessieve studie is een poging grip te krijgen op de uiterlijke wereld en de innerlijke onrust - inderdaad, zoals veel van haar favoriete personages.


Zij laat zich niet zoals Anna in Repulsion gek maken door de glibberige, vormeloze monsters in haar eigen hoofd, maar grijpt ze vast en kijkt ze onverschrokken recht in de ogen. En dat is voor iedereen de aantrekkingskracht van alle horror- en exploitatiefilms: je wilt niet kijken, maar doet het toch.


House of Psychotic Women (Kier-La Janisse, 2012)


Symposium over vrouwelijke neuroses in horror- en exploitatiefilms: zondag 14/4, 12 uur, Eye. Toegang is gratis. Het symposium is onderdeel van het Imagine Film Festival dat t/m 17/4 plaatsvindt in het Amsterdamse filmmuseum Eye.


1 Pauline, wier erotische dromen worden gedomineerd door bloed, dode mensen en chirurgische ingrepen (Excision, 2012)


2 Julia, een verpleegster die in een verpauperd bergdorpje woont waar mysterieus genoeg het ene na het andere kind verdwijnt (Tall Man, 2012)


3 Mary, een studente die zich uit geldgebrek specialiseert in extreme plas


tische chirurgie en doordraait na een verkrachting (American Mary, 2012)


4 Cissy, een krankzinnig meisje dat er alles aan doet de semi-incestueuze relatie met haar oudere zus in stand te houden (The Mafu Cage, 1978)


5 Anna, die uit seksuele frustratie hoe langer hoe meer de controle verliest over leven en lichaam (Possession, 1981)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden