Geen zicht op zorgmiljarden

Volgens de Rekenkamer weet niemand of de zorgmiljarden goed worden besteed. Toch is er niets mis met het toezicht, aldus minister Borst, die ook stelt niet over de uitgaven te gaan....

Niemand weet of de miljarden in de gezondheidszorg goed worden besteed, concludeerde de Algemene Rekenkamer deze week in twee schokkende rapporten. De controle blijkt - vrij vertaald - zo krakkemikkig dat inzicht in de besteding van deze publieke gelden ontbreekt. Allerlei organen en colleges hebben deeltaken bij de planning van en de controle over de zorg. Feitelijk is de minister van Volksgezondheid de enige die alle financiële informatie krijgt.

Het gaat bepaald niet om geringe bedragen: ruim 25 miljard voor het ziekenfonds en 18 miljard voor de ouderenzorg . Maar minister Borst liet de Rekenkamer na vertrouwelijke inzage in de conceptversies van de beide rapporten - een over de Ziekenfondswet en een over de AWBZ (ouderenzorg) - weten dat zij alleen kijkt of het controlesysteem werkt. Ze gaat niét over de inkomsten en uitgaven van de ziekenfondsen en de AWBZ. Het toezicht mag van Borst blijven zoals het is.

Die reactie klinkt verbijsterend gezien de bevindingen van de Rekenkamer. Scherp gezegd: alsof de overheid niet controleert of de brandweer de brand daadwerkelijk blust, maar alleen nagaat of ze op tijd is uitgerukt. Wél toont de minister zich met deze opvatting een voorbeeldig aanhangster van de 'overheid op afstand'-doctrine.

De zorgverzekeraars moeten zich in die visie als regisseurs gedragen. Zij zijn ervoor verantwoordelijk dat hun verzekerden de noodzakelijke zorg krijgen. Daartoe sluiten ze contracten met hulpverleners over omvang en kwaliteit van de zorg. Een onafhankelijke College Toezicht op de Zorgverzekeringen, CTZ, ziet op de gang van zaken toe.

Dat is het ideaal. Maar de werkelijkheid in de zorgsector zit iets gecompliceerder in elkaar. Want niet de verzekeraars stellen de premie vast die ze nodig denken te hebben voor hun taak, nee, dat doet de minister goeddeels. Datzelfde geldt voor de tarieven. De zorgverzekeraars worden dus op hun beurt geregisseerd door de overheid. Maar de premie-inkomsten van de verzekeraars zijn van hen en niet van de minister. Ze behoren wel tot de collectieve middelen. Dat de overheid daarover zeggenschap wil, is dan ook wel te begrijpen. Maar dat diezelfde overheid pleit voor meer concurrentie tussen die verzekeraars is moeilijk te rijmen met de regels die zij stelt om greep te kunnen houden op de publieke middelen.

De Rekenkamer erkent dat verzekeraars en zorgverleners in een overgangssituatie verkeren. De modernisering van het ziekenfonds en de AWBZ is nog niet voltooid. De spelers moeten nog wennen aan hun nieuwe rol. Ziekenfondsen noch ziekenhuizen weten nu wat een blindedarmoperatie of amandelenknippen kost. Het wordt allemaal geboekt onder het kopje 'verpleegdagen'. In 2003 zullen alle handelingen van een prijskaartje zijn voorzien.

Het kernpunt van de modernisering - uitgaan van wat de patiënt wil, niét van de beschikbare zorg - is echter moeilijker te realiseren. Keuzevrijheid vergt overvloed, voorlopig heerst schaarste.

In dat licht was het verzoek van het VVD-Kamerlid A. van Blerck om een - voorlopig uitgesteld - parlementair onderzoek naar de besteding van zorgmiljarden begrijpelijk. Zij zal zich gesteund voelen door de Rekenkamer.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden