Analyse Nederlandse Bruggen

Geen veiligheidsrisico, wel achterstallig onderhoud bij Nederlandse bruggen

Hoewel regelmatig alarmerende berichten opduiken over de staat van onderhoud van Nederlandse bruggen, is er vanuit veiligheidsoogpunt geen reden tot grote zorg. Dat vindt niet alleen de belangrijkste beheerder van die bruggen zelf, Rijkswaterstaat, maar is ook de mening van deskundigen van de technische universiteiten, ingenieursbureaus en onderzoeksinstituten.

In 2016 werden haarscheurtjes in de Merwedebrug bij Gorinchem ontdekt. Beeld ANP

‘Als er al bepaalde veiligheidsrisico’s dreigen bij de bruggen, dan grijpt Rijkswaterstaat heel snel in’, zegt Erik Deuring van ingenieursbureau Antea Group. Adri Vervuurt van onderzoeksinstituut TNO bevestigt dat beeld, al voegt hij er wel aan toe: ‘De grote bult aan onderhoud komt er nu aan. Denk niet meteen aan instorting, maar het is niet ondenkbaar dat de kans op incidenten met de tijd toeneemt.’

Veel Nederlandse bruggen dateren uit de jaren zestig en zeventig – net als de betonnen tuibrug die maandag bij Genua instortte – en hebben te kampen met achterstallig onderhoud. Bij betonnen brugconstructies is de zogeheten dwarskrachtcapaciteit vaak het probleem, stalen constructies moeten veelal worden versterkt in verband met vermoeiing.

Vervuurt van TNO: ‘Heel algemeen kun je zeggen dat Rijkswaterstaat goed zicht heeft op de belangrijkste, mogelijke faalmechanismen. Sinds een jaar of tien is het monitoren en inspecteren geïntensiveerd. Wat betreft normen vallen alle bruggen in het hoofdwegennet in de zwaarste veiligheidsklasse.’

‘Onacceptabel’ risico

Niettemin duiken bij herhaling berichten op over verwaarlozing van het onderhoud van de Nederlandse bruggen. Zo constateerde de Algemene Rekenkamer vier jaar geleden dat het verantwoordelijke ministerie – toen Infrastructuur en Milieu – er te weinig geld voor vrijmaakte.

Nog maar enkele maanden geleden berichtten EenVandaag en NH, daarbij citerend uit inspectierapporten van Rijkswaterstaat zelf, dat er bij tientallen bruggen en viaducten in Noord-Holland sprake is van ‘onacceptabel’ risico op grote problemen als gevolg van achterstallig onderhoud.

Volgens Rijkswaterstaat moet uit dat woord ‘onacceptabel’ niet worden afgeleid dat er ergens ook maar enige sprake is van instortingsgevaar. Bob Demoet, hoofdingenieur-directeur bij Rijkswaterstaat West-Nederland-Noord: ‘De inspectierapporten zijn bedoeld om vooruit te kijken. Risico’s worden geclassificeerd,’ zo liet hij dinsdag aan de NOS weten. Demoet was niet voor een toelichting bereikbaar.

Haarscheurtjes

Bij risico’s moet vooral worden gedacht aan het enige tijd buiten gebruik stellen van een brug die een belangrijk onderdeel is van het hoofdwegennet. Wat dan weer verkeersproblemen en economische schade tot gevolg heeft.

Dat gebeurde bijvoorbeeld in 2016 met de Merwedebrug bij Gorinchem toen daar haarscheurtjes werden geconstateerd in een constructieonderdeel. ‘Juist in dit geval zie je dat er direct wordt ingegrepen als er problemen dreigen of zijn’, zegt Rijk Blok, universitair docent constructief ontwerpen van de TU Eindhoven.

Mede als reactie op de kritiek van de Algemene Rekenkamer kondigde minister Cora van Nieuwenhoven (Infrastructuur en Waterstaat) eerder dit jaar meer investeringen aan in het onderhoud van bruggen. Vanaf 2020 gaat jaarlijks 350 miljoen euro naar opknapbeurten voor bruggen en viaducten, in plaats van de huidige 150 miljoen euro per jaar. Zo staat de Haringvlietbrug en de Van Brienenoordbrug een grote onderhoudsbeurt te wachten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden