Geen stoel, bank of tafel te bekennen op Sicilië

Sicilië, 28 april 1787.

Het dorpje Taormina op Sicilië.Beeld AFP

In de blakerende zon reden we nu door deze onstuimige vruchtbaarheid en we waren blij dat we eindelijk het welgelegen Caltanissetta bereikten, waar wij echter weer vergeefs ons best deden een draaglijk logies te vinden.

De muildieren staan in prachtig gewelfde stallen, de knechten slapen op de klaver die voor de dieren bestemd is, maar de vreemdeling moet zijn huishouden helemaal opnieuw opzetten. Zo men al een kamer kan betrekken, dan moet deze eerst worden schoongemaakt. Stoelen en banken zijn er niet, de mensen zitten op lage krukjes van stevig hout, tafels zijn ook nergens te bekennen.

Wil men die krukjes in beddepoten transformeren, dan gaat men naar een schrijnwerker en huurt voor een bepaalde som zoveel planken als men nodig heeft. De grote juchtleren zak die Hackert ons had geleend, kwam ditmaal uitstekend van pas en werd uit voorzorg met hakstro gevuld.

Vooral echter moest het eten worden geregeld. We hadden onderweg een kip gekocht, de voerman was erop uitgetrokken om rijst, zout en kruiden te kopen, maar omdat hij hier nog nooit was geweest bleef het lang een open vraag waar eigenlijk gekookt moest worden.

Uiteindelijk was een bejaarde burger zo goed om haard brandhout, keuken- en eetgerei ter beschikking te stellen en ons, terwijl er gekookt werd, in de stad rond te leiden.

Johann Wolfgang von Goethe (1749-1832). Ingekort fragment uit Italiaanse reis. Vertaling Wilfred Oranje. Boom, 1999.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden